|
Vraagbaak kinderarts - Archief
Kinkhoest: vaccinatie en diagnose
Ik heb een gerucht gehoord dat de vacinatie van kinkhoest in 1992/93 niet goed zou zijn gegaan. Een kind in de klas van mijn dochter (geboren: december 1992) wordt nu verdacht van kinkhoest. Het schijnt erg moeilijk te zijn om de juiste diagnose te stellen. Wat zijn de verschijnselen van kinkhoest en kan het kwaad?
Spreuwenberg
Antwoord
Er is niets "misgegaan" met de vaccinatie in die jaren. Wel zijn er de laatste jaren epidemietjes met kinkhoest, zoals vaker bij besmettelijke ziekten voorkomt. Het is bekend dat het kinkhoestvaccin niet 100% beschermt tegen kinkhoest, aangezien de kinkhoestbacterie in de loop der jaren van eigenschap veranderd is. Het kan dus voorkomen dat een kindje kinkhoest krijgt, ondanks alle dKtp prikken.
Dan de symptomen: de ziekte begint met een (neus)verkoudheid, soms met koorts en jeukende ogen. Twee tot drie weken daarna komt de kenmerkende hoest: buien van 10-30x achtereen hoesten, eindigend in een gierende inademing. Soms gaan de hoestbuien samen met braken, transpireren of (bij jonge baby's) blauwzien.
Hoe jonger het kind, hoe ernstiger het verloop kan zijn. Met name bij baby's kan het levensbedreigend zijn. De diagnose is (behalve aan bovenstaande symptomen) te stellen door een speciale kweek. De ziekte is te behandelen door zeer vroeg (dus binnen 3 weken na die eerste neusverkoudheid, die overigens meestal niet herkend wordt als een voorloper van kinkhoest) te starten met antibiotica. Is het hoesten eenmaal begonnen, dan is de patiënt overigens meestal niet meer besmettelijk.
Hankje Escher & Edward Nieuwenhuis
|