|
Onderwijs - Versnellen of doorkleuteren?
25 februari 2005
Mijn kind kan al lezen. Kan hij nu versneld naar groep 3, of moeten we hem nog even laten doorkleuteren? Leerkrachten blijken daar heel verschillend over te denken. Ook de inspectie spreekt een woordje mee. Martine Zuidweg inventariseerde de meningen.
Dit artikel riep heftige reacties op. U vindt ze onderaan de tekst.
"Laat ze toch lekker kleuteren"
door Martine Zuidweg
Tot 1986 was de wereld simpel: wie vóór 1 oktober 6 jaar werd, mocht door. Daarna werd het ingewikkelder. Want vanaf 1986 moet een leerkracht zelf inschatten wanneer een kind toe is aan groep 3.
Een lastige klus, vindt de kleuterjuf. Zeker als ouders naar school komen met de mededeling: "Mijn dochter kan al lezen, ze moet versneld naar groep 3!"
Basisschool de Oleander in Stadskanaal
Klaasje Tuin, groepsleerkracht van groep 2 op basisschool de Oleander in Stadskanaal, heeft 30 jaar onderwijservaring. Maar nog altijd vindt ze het moeilijk om in te schatten of een kind toe kan met minder kleutertijd.
"Kinderen veranderen pieksgewijs, dat maakt het zo moeilijk. Soms zijn ze aan bepaalde dingen helemaal nog niet toe. Je oefent en oefent met ze, maar het wil maar niet tot ze doordringen. En dan opeens hebben ze de stap gemaakt. En vallen ze ook niet meer terug. Als je net voor zo'n piek over het kind moet beslissen, kun je het wel eens verkeerd inschatten."
Klaasje Tuin kijkt bij haar beoordeling naar de motoriek van het kind, de sociaal-emotionele ontwikkeling de, taalontwikkeling, en de aanleg voor rekenen.
"Het is een combinatie van je eigen observaties en de uitslag van de Cito-toets in groep 2, of een kind versneld naar groep 3 kan," zegt Tuin.
Gelukkig zijn er ook regels. Sinds een paar jaar gaan op de Oleander bijna alle kinderen die in november of december 6 jaar worden, al in augustus naar groep 3. Als ze dus nog 5 zijn. Volgens Tuin is dat geen enkel probleem. "Die vroegere grens van 1 oktober is natuurlijk ook maar nattevingerwerk. Nu moet je in samenspraak met ouders kijken: kan dit kind het aan of niet? Die jonge kinderen bekijken we natuurlijk wel extra goed, maar de meesten doen het prima in groep 3."
Kleuters van nu
Ook een 5-jarige kan het best redden in groep 3, zegt Tuin. Want de kleuters van nu zijn niet meer de kleuters van 30 jaar geleden. "In mijn opleiding werd ons op het hart gedrukt: kom niet aan cijfers en letters, dat is het terrein van de lerares van klas 1. Maar dat kan nu absoluut niet meer. Dan doe je de kinderen echt te kort".
De kleuters van nu zijn veel meer gericht op het vergaren van kennis dan kleuters van vroeger, zegt Tuin. Ze leren van programma's als Sesamstraat en Klokhuis, en de meeste kleuters zitten thuis regelmatig achter de computer. "We hebben een nieuwe generatie ouders. Beter opgeleid, goed geïnformeerd, mondiger. Dat maakt dat ook hun kinderen zo worden", aldus Tuin.
Basisschool de Brink in Lelystad
Overigens telt de basisschool van Klaasje Tuin in Stadskanaal weinig probleemleerlingen, en zitten er maar vijf allochtone kinderen op. Dat is een heel andere populatie dan op basisschool de Brink in Lelystad.
De Brink heeft zo'n 75 procent allochtone leerlingen en veel autochtone kinderen uit sociaal zwakkere milieus. De procedure voor de doorstroming loopt ook heel anders. Wie voor 1 oktober 6 wordt, mag bij de Brink naar groep 3, precies zoals dat vroeger ging.
Kleuterleerkracht Trudy Scholte is geen voorstander van een versnelde doorstroom van kinderen die in november of december 6 worden. "Daar doe je die kinderen geen plezier mee. Dan blijven ze altijd maar achter hun klasgenoten aanhobbelen. Laat ze toch lekker kleuteren. Kinderen die iets langer kleuteren, zijn bij de overstap naar het voortgezet onderwijs vaak zelfstandiger, zekerder van zichzelf. Vooral onze leerlingen zijn daarbij gebaat."
Voor de kinderen die er echt uitspringen zorgt Scholte voor extra uitdaging in de vorm van moeilijker opdrachten of extra vragen bij de stof.
Scholte is overtuigd van het nut van een lange kleutertijd. Maar ze heeft vaak een dagtaak aan het overtuigen van ouders. "Zeker bij kinderen die in oktober of november 6 jaar worden, zijn er altijd wel ouders die vragen: 'Kan mijn kind niet naar groep 3?'" Scholte gaat er dan voor zitten. Eén keer praatte ze anderhalf uur op een vader in. "Het leuke is dat ouders na verloop van tijd toch zeggen: 'Het is een goede beslissing geweest om ons kind meer tijd te geven.'"
Maar lang niet alle ouders zijn zo ambitieus. Vaak zien ze hun kind juist graag wat langer kleuteren, merkt Scholte.
Basisschool de Hoeksteen in Enkhuizen
Basisschool de Hoeksteen in Enkhuizen heeft de procedure rond de doorstroming op schrift gesteld. Daarin staat bijvoorbeeld: "Kleuters die 5 jaar worden in oktober, november of december, gaan na de zomervakantie al meedoen met het totale programma van groep 2. Wanneer een kleuter naar groep 3 zal doorstromen, hangt af van de gemaakte toetsen én de sociaal-emotionele ontwikkeling. Voor het ene kind zal dat dus na twee jaar kleutergroep zijn, voor het andere na bijvoorbeeld anderhalf tot tweeënhalf jaar."
Toch zijn er op de Hoeksteen niet veel kinderen die anderhalf jaar kleuteren. Ook de leerlingen die na een jaar al meedraaien in groep 2, blijven daar doorgaans nog een jaar. Een kleine minderheid stroomt door naar groep 3.
Ineke Coumou, intern begeleider van de onderbouw, is terughoudend geworden in het versneld laten doorstromen van leerlingen. Zeker na een ervaring van vorig jaar. Toen stroomden vier kleuters van groep 1 door naar groep 3. Ze konden al lezen in groep 1, scoorden hoog op de toetsen, en namen met veel plezier deel aan de activiteiten van groep 2.
Die kinderen draaiden ook versneld mee met groep 2. Twee van hen konden vervolgens niet goed meekomen in groep 3. Ze hadden ondersteuning nodig bij bijvoorbeeld het leren lezen. Intern begeleider Coumou: "We zeiden tegen elkaar: wacht even, dit is niet de bedoeling. We hadden ze gewoon naar groep 2 moeten laten gaan. Ze misten duidelijk een stuk oefening."
Sterk in de schoenen
Coumou vindt beslissingen over versnelde doorstroming heel lastig. "Een kind maakt op deze leeftijd zo'n sterke ontwikkeling door. Een ontwikkeling goed voorspellen is heel moeilijk. Daarbij neem je een besluit voor de verdere schoolloopbaan."
Met de andere kinderen ging het wel goed in groep 3. Interne begeleider Coumou vervolgt: "Het grappige is dat je deze kinderen van te voren al een grotere kans had gegeven. Dat waren kinderen die al bij binnenkomst in groep 1 heel sterk in hun schoenen stonden."
Coumou spreekt met regelmaat ouders die vragen of hun kleuter niet beter af is in groep 3. Vaak zijn dat hoger opgeleide ouders. Ze zien dat hun oogappel met oudere broertjes of zusjes meeleest, en dat de meeste leeftijdsgenootjes dat nog helemaal niet kunnen. "Ouders willen het beste voor hun kind", zegt Coumou. "Soms is het gewoon de omgeving die druk op ze uitoefent in de trant van: 'Oh, ze kan al lezen? Maar dan moet ze naar groep 3!' Dan kost het mij heel wat moeite om ouders te overtuigen van het tegendeel."
Ambitieuze ouders
Coumou laat zich goed informeren voor ze met ambitieuze ouders praat. "Ik heb vanmiddag een gesprek met een moeder die vraagt of haar dochter versneld naar groep 3 kan, omdat ze al goed kan lezen. Ik heb als voorbereiding op het gesprek gekeken naar haar andere prestaties, want je moet het hele plaatje in de gaten houden. Dan blijkt dat ze nog niet goed rekent en qua motoriek er ook niet uitspringt. En ze trekt ook niet naar de oudere kinderen toe. Mijn advies is dan: Houd haar gewoon in groep 2. Maar bied dan in groep 2 wel extra's aan, op het gebied van lezen en taalontwikkeling."
Er zijn dus ouders die hun kinderen opjagen, al is het een minderheid. Maar de onderwijsinspectie zet er ook vaart achter. Als de inspectie naar de kwaliteit van een school kijkt, neemt ze ook het aantal 'kleuterschoolverlengers' mee. Dat is inspectietaal voor 'zittenblijvers in groep 2'. En daartoe rekent de inspectie ook de kinderen die in november of december 6 jaar worden en nog in groep 2 zitten. Deze kinderen behoren in feite volgens de inspectie al in augustus naar groep 3 te gaan.
Stok achter de deur
Op de Hoeksteen in Enkhuizen ervaren ze die houding van de inspectie niet als een extra stok achter de deur.
"Als kinderen niet goed genoeg scoren om versneld door te stromen, doe je het niet", zegt Coumou. "Wij kunnen de stappen die we nemen verantwoorden. En de inspectie vindt dat goed."
Basisschool de Muze in Nijmegen
Op basisschool de Muze in Nijmegen is de regel van de onderwijsinspectie onbekend. Er wordt ook niet naar gehandeld. Kinderen die vóór 1 oktober 6 jaar worden, gaan naar groep 3. De november- en december-kinderen worden extra kritisch bekeken, maar versneld doorstromen doen de meesten niet.
"Je kunt het ook uitdagender maken voor het kind in de groep zelf", vindt Lizette van den Brink, leerkracht van groep 1 en 2 en de onderbouw coördinator. Van den Brink krijgt niet vaak ouders op de stoep die willen dat hun kind sneller gaat. "We hebben het dit jaar maar één keer meegemaakt dat ouders van een oktober-kind bij ons kwamen met de vraag of hun zoon versneld kon doorstromen."
Maatstaf
De Muze in Nijmegen heeft kinderen van middelbaar en hoog-opgeleide ouders; 10 tot 15% is allochtoon. Ook op de Muze vinden ze het lastig om besluiten te nemen over snellere doorstroming.
"Een half jaar op deze leeftijd maakt enorm verschil, als je kijkt naar de mate van zelfstandigheid van een kind, het doorzettingsvermogen, de ondernemingslust en de motoriek", zegt Riet van Dorst, leerkracht van groep 1 en 2.
Als de indruk bestaat dat een kind bijvoorbeeld al na anderhalf jaar naar groep 3 kan, krijgt het een extra toets. "Dat is een soort objectieve maatstaf die je ouders kunt voorleggen. Anders heb je alleen je eigen observatie en daar kun je lang over discussiëren."
Sociaal-emotionele ontwikkeling
Zelf vinden leerkrachten een goede sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind belangrijker.
Van den Brink (Nijmegen): "Ik heb kinderen extra lang laten kleuteren omdat ze nog niet goed in hun vel zaten. Die konden dan bijvoorbeeld wel lezen in groep 2, maar als een ander kind iets tegen ze zei, dan barstten ze bijna in huilen uit."
Martine Zuidweg
p/a redactie@ouders.nl
Reacties van lezers
1.
Wat een domper weer, dit artikel. Het is toch om moedeloos van te worden, dat er nog steeds scholen zijn die een inmiddels 20 jaar oude wet niet kennen. Ondertussen vellen zij hun oordeel, vol van vooroordelen over 'hoog opgeleide ouders en hun oogappel en ambities'. Oordelen die volstrekt ongeloofwaardig zijn, zolang leerkrachten het doorstromen van oktober-november-december-kleuters nog 'versnellen' blijven noemen. Deze leerkrachten hebben het mis.
Al sinds 1985 is het basisonderwijs bij wet zo geregeld dat leerlingen de school binnen een tijdvak van 8 jaar moeten kunnen doorlopen. Scholen moeten hun inrichting daarop aanpassen. Deze wet betekent dat kun je op je vingers natellen dat kleuters die vóór januari jarig zijn, met 5 jaar in groep 3 instromen vanwege het simpele feit dat 7,6 nu eenmaal dichter bij 8 ligt dan 8,6.
Het toezicht dat de inspectie hierop houdt, is dan ook geen 'opjagen', zoals dat in het artikel genoemd wordt, maar 'de wet handhaven'. Maar omdat ook dát toezicht niet geholpen heeft tegen de gewoonte om leerlingen van voor januari te laten doubleren, is het 'Gemeentelijk Onderwijs Achterstanden'-beleid (het GOA-beleid) geformuleerd.
De GOA-kernmonitor motiveert de noodzaak van dat beleid als volgt:
"De Wet Primair Onderwijs beoogt voor leerlingen een onvertraagde ontwikkeling.
Vertragingen in de schoolloopbaan in het basisonderwijs kunnen zijn ontstaan door doubleren. Doubleren duidt op achterblijvende prestaties. Een belangrijk risico is motivatie-verlies van leerlingen en bovendien bereiken leerlingen die hebben gedoubleerd in eerdere leerjaren de leeftijdsgrens van de leerplicht en komen daardoor eerder in de gelegenheid het onderwijs te verlaten. Hoewel 'formeel' van doubleren in het basisonderwijs geen sprake meer is, blijkt dit in de praktijk wel het geval."
Voor de berekening schrijft de GOA-kernmonitor het volgende voor:
"schooljaar minus geboortejaar (ijkdatum = 31 december). Indien het resultaat > 11 jaar, dan is sprake van vertraging."
Reken het maar na: kleuters die vóór januari jarig zijn, en niet doorstromen, belanden vanzelf in de statistiek van de zittenblijvers. De risicoleerlingen waarop extra achterstanden-beleid gevoerd moet worden.
Nu begrijp ik wel dat juf Trudy, juf Ineke en juf Lizette (en al die anderen) dat ook niet zo bedacht hebben, maar zouden ze het wel weten? Zouden ze met net zoveel overtuigingskracht de 'hoogopgeleide ouders met hun oogappel en ambities' te woord durven staan als ze er zelfs maar bij zouden bedenken dat dat automatisch gaat betekenen dat het kind tot de achterstandskinderen gaat horen?
Nog belangrijker: vinden ze zelf dat het achterstandsleerlingen zijn of anders op zijn minst leerlingen die door het achterblijven van prestaties moeten blijven zitten, of strooien ze zichzelf met woorden als 'versnellen' en 'kleuterverlengen' nog steeds zand in de ogen? Dat laatste, denk ik eigenlijk.
Nog erger is natuurlijk dat ook de ouders van deze leerlingen zand in de ogen gestrooid wordt. Hen wordt informatie onthouden die op termijn van belang kan zijn. Niet expres natuurlijk, maar ouders gaan er nu eenmaal van uit dat de school en de leerkrachten de wet kennen en zich daaraan houden, en dat ze alle implicaties van hun beslissingen voor de schoolloopbaan van hun kind kennen en overwegen. Als beide vooronderstellingen niet het geval blijken te zijn, heb je een vertrouwensbreuk van jewelste en dat kan niet de bedoeling zijn.
Dus, juf Trudy, juf Ineke en juf Lizette: kleuters die vóór januari 5 geworden zijn, die moeten gewoon komend schooljaar naar groep 3! Tenzij er iets aan de hand is natuurlijk, en er geen betere optie is dan zittenblijven. Dat is geen wereldramp en heel veel ouders zullen daar zó mee instemmen. Maar noem het beestje dan wel gewoon bij de naam, namelijk 'zittenblijven'. En houd er rekening mee dat deze beslissing op termijn kan betekenen dat dit kind geconfronteerd wordt met extra achterstanden-beleid van de gemeente. Zeg dat ook tegen de ouders. Pas dan is er sprake van een geloofwaardige en afgewogen beslissing.
Oh ja, 5-jarigen die in groep 3 extra ondersteuning nodig hebben, zijn géén leerlingen die eigenlijk hadden moeten blijven zitten, maar leerlingen die bewijzen hoe noodzakelijk de school voor sommige kinderen nog is. Zij zijn uw bestaansrecht. Koester ze, en geef ze de begeleiding waar ze recht op hebben. Dát is nu wat de wet bedoelt met: "Het onderwijs wordt zodanig ingericht dat de leerlingen een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doorlopen. Het wordt afgestemd op de voortgang in de ontwikkeling van de leerlingen."
Dat staat er ook al 20 jaar in.
Groet,
Miriam Lavell
2.
Normaliter reageer ik niet op dit soort artikelen, maar de reactie van Miriam Lavell behoeft een reactie. Ik ben het namelijk helemaal NIET eens met haar reactie, ook al heeft ze wellicht de wet aan haar kant.
Haar argumentatie is er een van de statistieken en van de regeltjes en van het voorbijgaan aan het feit dat een halfjaar jonger zijn dan je klasgenootjes ook heel veel impact op je leven kan hebben. Het gaat om kinderen in plaats van regels en achterstandsstatistieken!
Denkt ze nu echt dat het meer in het belang is van het kind dat het maar meegaat naar groep 3, omdat het wellicht misschien eerder in de latere schoolloopbaan ontheven is van de schoolplicht en daarom iets eerder de school verlaat? Of is het in het belang van het kind om te kijken waar het op dat moment aan toe is? Wordt er informatie aan ouders onthouden als de wet niet netjes wordt gevolgd of uitgelegd, maar vooral gekeken wordt naar het kind zelf?
Dat de juffen termen gebruiken als 'versnellen' en 'kleuterverlengen', dan zij het ze vergeven. Zolang ze goed naar de kinderen kijken, vind ik alles prima.
Verder denk ik dat het beter is om uit te gaan van 'niet-door-laten-gaan-tenzij-ze-eraan-toe-zijn', dan van 'door-laten-gaan-tenzij-de-kinderen-een-achterstand-hebben'. Ook al schrijft de wet officieel iets anders voor.
Als ouder ben je geneigd om te veel naar de cognitieve ontwikkeling te kijken, terwijl je de sociaal-emotionele ontwikkeling wellicht niet goed in de gaten hebt, omdat je als ouder niet dagelijks kijkt naar de gedragingen in de groep en op het schoolplein. Ook heb je niet altijd zicht op de concentratie en de werklust van het kind. En dat zijn juist de elementen die maken dat een kind de ontwikkelingen in groep 3 goed bij kan houden.
Het is gemakkelijker om die ambitieuze ouders ervan te overtuigen dat hun kind er nog niet aan toe is, dan ze te vertellen dat hun kind een zittenblijvertje wordt of een achterstand heeft.
En die ambitieuze ouders: ze zijn er echt. Ik spreek uit ervaring. Ook wij zijn ambitieus en vonden eigenlijk dat onze zoon doormoest. Na een goed gesprek met zijn twee juffen hebben we anders besloten: cognitief was hij er prima aan toe, maar sociaal-emotioneel nog niet volgens hen.
Nu zijn we heel blij dat we het niet hebben gedaan. Als ik zie hoe mijn zoon zich ontwikkelt, hoe lekker hij in zijn vel zit en hoe hij meer durft, dan ben ik enorm blij dat onze leerkrachten zich niet gehouden hebben aan de wet en gewoon goed hebben gekeken naar een kind dat eigenlijk volgens de wet gewoon door zou moeten gaan.
En om mijn kind nou te bestempelen als een 'zittenblijver', of zeggen dat hij een 'achterstand' heeft? Dan doe je hem toch echt te kort.
Hij gaat zijn hele schoolcarrière profijt hebben van deze stevige basis. Als je vanuit het standpunt van Miriam Lavell redeneert, was mijn zoon doorgegaan en had hij extra sociaal-emotionele ondersteuning moeten hebben in groep 3. Is dat een goede oplossing?
Misschien moet de wet worden aangepast, en hebben de juffen gelijk in plaats van de wet. Die is ook maar bedacht door mensen op een achterkamer ergens in Zoetermeer... wellicht met als belangrijkste reden de financiering: minder lang op school zitten, betekent minder hoeven uitgeven aan het onderwijs.
Kortom: wees voorzichtig met de wet boven het inschattingsvermogen van de leerkrachten te stellen!
Met vriendelijke groet,
Barbara Sjoerdsma
3.
Ik ben een typisch voorbeeld van een vroege leerling, sinds januari 44 jaar jong en al op mijn vijfde naar de eerste klas van de lagere school, nu groep 3 van de basisschool.
Niet zo uitzonderlijk intelligent heb ik - dankzij de overredingskracht van mijn ambitieuze vader - 12 klassen lagere school en gymnasium er voor mijn 18e levensjaar doorheengejast. Ik was net 17 toen ik eindexamen deed.
Het resultaat: een en al faalangst!
Ik kwam mee met mijn klasgenootjes, maar daar hebben we dan ook alles mee gezegd. Vooral op de lagere school was het steeds overgaan met de hakken over de sloot, en thuis bijgewerkt worden. Sociaal - emotioneel gezien was mijn hele schoolperiode om het zachtjes uit te drukken, niet zo geslaagd en was ik voortdurend bang om te falen.
Er was geen sprake van een jaartje extra kleuteren, en ook niet van 'gewoon op tijd beginnen'.
Twee van mijn kinderen zijn late leerlingen, eentje is van november en de ander is van december, en god, wat was ik blij dat ze al bijna zeven waren in het jaar dat ze naar groep drie mochten.
Deze kinderen mochten een heel aangename schooltijd beleven en ik heb via hen geleerd hoe het voor mij had kunnen zijn.
Het verhaal van mijn middelste kind is weer heel anders. Zij is van april en moest van de kleuterjuf nog een jaartje extra kleuteren omdat ze nog niet rijp genoeg zou zijn voor groep drie. Aangezien ik ervan overtuigd was dat zij zich precies zo ontwikkelde als haar vriendinnetjes, was ik daar falikant tegen. Pas nadat ik vertelde dat ik mijn dochter zou laten testen en een gesprek wilde met het hoofd van de school, was dit kind een maand voor het begin van de zomervakantie ineens op wonderbaarlijke wijze toch nog rijp genoeg om naar groep drie te kunnen.
Van begin af aan heeft zij goed mee kunnen komen en heeft zij zich thuis gevoeld bij haar leeftijdsgenootjes. Ze zit nu op 5 gym en heeft nog nooit gedoubleerd.
Ik weet niet onder welke wetten wij zijn gevallen, maar het lijkt me toe, dat leerkrachten én ouders voornamelijk naar het hele plaatje moeten kijken, liefst in goede samenspraak en met het belang van het kind voorop!
Met vriendelijke groet,
Francisca Kits
4.
Zowel ik zelf (inmiddels 42) als mijn twee oudste kinderen zijn van oktober, dus voor ons drieen geldt het probleem geschetst in dit artikel.
Toen ik klein was mocht ik niet door. Ik kon al lezen voordat ik naar school ging, en ook met mijn cijferkennis was niets mis. Ik weet nog dat ik slingers maakte van blaadjes waar ik cijfers tot in de 1000en op schreef. En toch mocht ik niet door. Het resultaat voor mij: een en al frustratie, mijn hele lagere schoolcarriere lang. Pas op het gymnasium kwam ik meer tot mijn recht en vond ik het (veel) leuker op school.
Met deze frustratie in mijn achterhoofd hield ik dan ook mijn eigen oktoberkinderen in de gaten. Kort en goed, beiden (geen tweeling overigens) zijn ze 'versneld' naar groep drie gegaan, nadat de school er voor hun eigen gemoedsrust toch een behoorlijk aantal testen op los had gelaten.
We hebben daar ook behoorlijk over moeten praten. Niet omdat we nou zo over-ambitieus zijn, maar gewoon omdat we ons probeerden te verplaatsen in een kind dat cognitief toe was aan groep drie (dit was voor beiden het geval ook al konden ze beiden nog niet lezen) maar een beetje 'zoetgehouden' wordt in groep 2 met werkjes die ze thuis ook allang spelenderwijs maken en dit ook aan de leerkracht wilden overbrengen.
Uiteindelijk is de beslissing om ze naar groep drie te laten overgaan in goed overleg genomen, met juffen die er ook achterstonden en uit volle overtuiging deze beslissing konden nemen.
En ja, ze waren beiden wat jong in groep drie, waar ook al een paar kinderen van (bijna) 7 jaar in zaten terwijl zij nog 5 waren. Maar met creatieve juffen die ook de jongere kinderen enthousiast konden maken en houden, met genoeg speelmomenten die trouwens ook voor de oudere kinderen broodnodig zijn ging (en gaat, de jongste zit nu in groep 3) het echt prima.
Trouwens, ere wie ere toekomt: we hebben hierbij enorm veel gehad aan de informatie van Miriam Lavell die ik via het forum heb gelezen.
Mijn boodschap is dus een andere dan de reacties van Barbara en Francisca. Als ze eraan toe zijn, laat ze wel doorgaan. Als dat een beetje creativiteit en inlevingsvermogen van de leerkracht vereist, so be it; jij en je kind hebben er zelfs recht op (zie bijdrage van M. Lavell). Waarom zou wel van een leerkracht worden verwacht dat hij/zij wel alles uit de kast trekt om groep twee voor een langer kleuterend kind interessant en spannend te houden en wordt dit ook door ouders als volkomen normaal gezien, en zou je dezelfde inzet niet mogen verwachten in groep drie waar een jonger kind ook op een leuke en speelse manier bij de les gehouden moet worden? Waarom word je dan direct onder de (te) ambitieuze ouders geschaard? Ik zie mezelf juist als een verantwoordelijke ouder die het welzijn van haar kinderen nastreeft.
Vriendelijke groet,
Mirjam Spekking
5.
Een interessant artikel, met tal van meningen. Onze zoon is net vijf en vorig jaar (hij was toen vier en een half) zei de juf dat hij goed zou kunnen meekomen met groep 3. Niet alleen cognitief/verstandelijk, maar ook sociaal-emotioneel en verbaal. Wij hebben er wel even mee geworsteld.
Uiteindelijk zei een vriendin ons, onlangs, om het eens aan onze zoon zelf te vragen, hoe hij het zou vinden om een klas over te slaan. Hij zei; "ik hoef niet naar groep drie, want ik kan allang lezen". Inwendig moesten wij wel lachen, want daar gaat het natuurlijk niet om.
Hij zei voorts het heel leuk te vinden bij de kleuters en het niet erg te vinden dat zijn oudere kleutervrienden wel naar groep drie zouden gaan ( "ik zie ze toch wel op school en kan altijd met ze spelen" en: "in de kleuterklas mag je nog lekker spelen en dat vind ik heel leuk"). Hij hecht zich ook even vlot aan de kleine nieuwkomertjes. Daarnaast zei zijn juf laatst dat ze hem genoeg uitdaging zal kunnen bieden. Wij vertrouwen daar vooralsnog zeker op.
Later moeten kinderen al genoeg presteren en wij vinden het plezierig dat hij nu fijn kan spelen, knutselen etc. Gelukkig biedt de school de gelegenheid om bv. wel mee te lopen met groep drie, voor wat betreft de 'leerdingen'.
Onze zoon vindt ook genoeg uitdaging buiten school en hij is ook lekker 'kleuterspeels'. Augustus duurt nog even, maar wij verwachten niet dat we hem laten doorgaan naar groep 3. Het is een gevoel, maar tegelijkertijd ook een verstandelijk besluit.
Hij is klein van stuk en hij heeft een enkele keer nog een natte broek. Kortom, best een hummel. Overigens zijn wij hoog opgeleid maar blijkbaar niet ambitieus in de zin van 'hij moet vlot verder komen'. Wij zijn wel ambitieus met hem voor wat betreft het welbevinden/je fijn voelen, goed contact hebben met anderen, rust en regelmaat en een goede gezondheid.
Wij wensen ouders veel wijsheid en bovenal een gezond verstand toe, met de beslissing om al dan niet hun kind door te laten kleuteren of niet. En vergeet niet: een klas overslaan kan altijd nog.
Hester Schouten en Bert Pleij
Dit artikel (zonder de reacties) werd eerder gepubliceerd in Het Onderwijsblad van de Algemene Onderwijsbond (AOb) in september 2004.
Martine Zuidweg (38) is zelfstandig onderwijsjournalist, onder andere voor NRC Handelsblad.
|