|
Ouders en school - Dossier ouderbetrokkenheid
2 december 2011
De oproep van minister van Bijsterveldt voor meer betrokkenheid is veel ouders in het verkeerde keelgat geschoten. Martine Borgdorff analyseert de volkswoede. Juf Marja hoef je toch niet serieus te nemen?
Ouderbetrokkenheid volgens juf Marja
door Martine Borgdorff
Het had maar een haartje gescheeld of ik had de noodkreet van onze minister gemist. Woensdag zou ik helpen bij de Pietenochtend op school; er moet toch iemand pepernootdeeg kneden en pakjes stapelen. Maar omdat ik mijn jongste zoon naar bijles moest brengen, kon ik mijn pietenplicht niet nakomen.
Ik verzaakte daarmee wat de minister blijkens haar brief aan de Tweede Kamer zo hoog heeft zitten (mijn ouderbetrokkenheid), maar had daarmee wél precies de onnozelheid van die brief te pakken.
Volgens Van Bijsterveldt zorgen ongeïnteresseerde ouders ervoor dat hun kinderen minder leren op school. Dat heeft ze mis. Ik weet namelijk zeker dat dit komt doordat scholen met steeds minder middelen en steeds complexere leervragen niet meer aan hun core business toekomen, namelijk fatsoenlijk lesgeven. En daar is diezelfde minister verantwoordelijk voor.
Ongeloofwaardige stille revolutie
Ik was dan ook verbaasd dat de hoogopgeleide, krantenlezende en twitterende ouders van Nederland zo massaal hun ongenoegen spuiden. Iedereen wéét toch dat het onzin is?
Natuurlijk, net als zij ken ook ik alleen maar ouders die begaan zijn met hun kinderen. En ja, óók met hun school. Ik ken ouders die een middag vrij nemen en meefietsen naar gym, de kerstboom optuigen, of coach zijn bij schoolvoetbal. Ik ken moeders die met hun baby op schoot twee keer per week groep 3 leren Avi-lezen.
Een paar jaar geleden was dat allemaal nog heel verdacht. Toen maakten we ons volgens de beleidsmakers schuldig aan hyperparenting, wat ook al zo'n karikatuur was. Maar opeens blijken de overspannen helikopterouders dus ongeïnteresseerde egoïsten met een consumentenmentaliteit geworden te zijn. Een nogal ongeloofwaardige stille revolutie.
Waarschijnlijk dat ik daarom de oproep van de minister niet zo serieus neem. En al helemaal niet op mijzelf betrek.
Gewoon een foefje
De proefballon van de minister is er een die al leegloopt als je er met een speld naar wijst. "We moeten meer doen met minder geld. Dan is het juist belangrijk om die ouders in te zetten," lichtte ze toe. Daarmee was meteen het doel duidelijk.
Het is gewoon een foefje om ordinaire en vergaande bezuinigingen in het onderwijs te maskeren. Is het onderwijs ondermaats, dan kun je altijd nog de ouders de schuld geven.
Open zenuw
Dat de brief van juf Marja zo'n open zenuw blootlegt, is wél interessant. Ouders, en dan vooral de werkende, voelen zich miskend. En dat laten ze horen. Ze buffelen, balanceren en multitasken zich suf, ze laveren tussen reorganisaties, files en ouderavonden, en krijgen als dank te horen dat ze niet betrokken zijn bij hun kind. En of ze verplicht ook nog even willen letten op het voorlezen en rekenen.
Na andere betuttelende, belerende en wantrouwende beleidsmaatregelen zoals het DDJGZ (voorheen EKD), de CJG's, en de vragenlijsten Stevig Ouderschap én een reeks aan bezuinigingen op kinderopvang en onderwijs die het ouders en kinderen alleen maar lastiger maken, is dit het zoveelste bewijs dat je als gezin van onze overheid niets hoeft te verwachten.
Dat is een conclusie waar deze mama niet boos van wordt, maar wel héél verdrietig.
Martine Borgdorff
p/a redactie@ouders.nl
Reactie
Helaas heb ik de discussie voornamelijk via flarden radio-nieuws, stukjes interview e.d. gehoord, dus de finesses zijn me ontgaan. Maar eerlijk gezegd kon ik me goed vinden in wat ik zie als de kern van de oproep: het is goed als ouders zich realiseren dat ze mede-verantwoordelijk zijn voor hoe het hun kinderen op school vergaat. En dat vergt van hen dat ze zich ook bij school betrokken voelen en tonen.
Ik kom zelf uit een gezin waar vader het geld verdiende, en moeder huismoeder was. Dat had zeker voordelen, maar een van de nadelen is dat ik het jarenlang vanzelfsprekend vond dat ik later als vader de opvoeding en zorg voor mijn kinderen grotendeels aan mijn vrouw zou gaan overlaten. En geneigd om in mijn werk weinig rekening te houden (of verantwoordelijkheid te nemen) voor mijn kinderen, bijv. als het ging om parttime-werken. Daar was ik gewoon helemaal niet op gericht.
Door een aantal geëmancipeerde vriendinnen was dat beeld gelukkig al een heel eind bijgesteld voor ik mijn huidige vrouw (in 1995, op mijn 33e) leerde kennen. Maar dan nog merkte ik dat als de kinderen ziek waren, ik ergens toch vond dat zij eerst moest kijken of ze thuis kon blijven, en dan pas ik. Of, anders gezegd: dat als IK iets op school deed, dat dat toch eigenlijk nog net wat meer waardering verdiende dan wanneer zij dat deed. Een hardnekkig sentiment (ik ben het nog steeds niet helemaal kwijt...).
In mijn werk kom ik nog veel mannen tegen die een vergelijkbaar gevoel hebben: de opvoeding van je kinderen is toch in zekere zin meer een zaak van je vrouw dan van jou als man. En SCHOOL moet zorgen dat het allemaal goed gaat met leren, huiswerk, juiste leer-/werkhouding, enz.
Welnu: voor al die mannen vond ik de oproep van de minister niet zo gek.
Daarnaast denk ik dat we in Nederland lange tijd boven onze stand geleefd hebben; we leven te welvarend. Door de vergrijzing, maar ook door het idee dat je het niet kunt maken om te zeggen dat andere wereldburgers niet zo welvarend mogen leven als wij, denk ik dat we in een aantal opzichten 'terug' moeten in onze welvaart (overigens niet per se in ons welzijn). En dat betekent ook: minder consumeren, en meer zorg voor onszelf en elkaar. Beetje boeddhistisch: meer leven vanuit het hart, zeg maar.
Zoals een maaltijd die met aandacht en liefde gemaakt is lekkerder smaakt dan een kant-en-klare maaltijd, zo geloof ik ook dat het onderwijs beter wordt naarmate de ouders zich ook betrokken tonen bij het wel en wee op school. Dat wil niet zeggen dat dat nu nog helemaal niet gebeurt, maar wel dat het (wat mij betreft) een goede zaak is als dat nog meer gebeurt. Dan maar niet massaal op wintersport (wat mij betreft): we werken iets minder lang, verdienen iets minder, maar hebben wel tijd om samen met school te zorgen dat er de nodige tijd en aandacht is voor de ontwikkeling van onze kinderen: cognitief, sociaal-emotioneel, lichamelijk, en wat mij persoonlijk betreft liefst ook iets spiritueels.
Tot slot: hartelijk bedankt voor jullie wekelijkse nieuwsbrief, want die helpt mij (als ZZP-er) om mijn focus elke week tijdens werktijd toch weer even naar mijn gezin te verleggen!
Maarten Stoffers
Martine Borgdorff is schrijvend journalist en moeder van vier kinderen.
|