logo Ouders Online

home forum chat thema-pagina's vraagbaken video koopjeskelder surf-tips snuffelgids service colofon

Magazine - redactionele artikelen
 Actueel
Onderwijs - Leerplicht

15 april 2011

Stel, je wilt je kinderen tijdelijk naar een andere school laten gaan. Hoe pak je dat – juridisch – aan? En hoe kun je je verdedigen als er een zaak van komt?
 


Tijdelijk naar een andere school - hoe pak je dat aan?

door Miriam Lavell

Soms zijn er omstandigheden waarin je je kinderen tijdelijk naar een andere school wilt laten gaan. Leerplichtambtenaren zijn daar niet dol op, en kunnen dan behoorlijk tegenwerken. Zo kregen we deze week de volgende vraag:

Ik ga naar Bonaire voor een familie-reüni en ik wil mijn twee kleinkinderen (van 8 en 9 jaar oud) meenemen. Tijdens ons verblijf op Bonaire zullen ze wel naar school gaan, maar de Nederlandse leerplichtambtenaar geeft slechts toestemming voor één van de twee kinderen. Wat nu? Krijg ik problemen als we het plan toch doorzetten?

Als ze maar naar school gaan
Wat deze oma gaat doen, is ongebruikelijk en kan daarom wat weerstand oproepen. Maar op zich is er niets onwettigs aan. Bonaire heeft inmiddels de status van een Nederlandse gemeente, en in Nederland gebeurt het ook wel eens dat kinderen tijdelijk in een andere gemeente naar school gaan. Dat is niet verboden. Als ze maar naar school gaan.

Het enige wat echt belangrijk is, is dat alles goed op papier komt te staan:

  • vraag de school waar de kinderen tijdelijk naartoe gaan om een schriftelijke verklaring waarin bevestigd wordt dat de kinderen daar naar school zijn gegaan;
  • vraag minstens drie exemplaren van die verklaring (allemaal ondertekend door de directie van de tijdelijke school);
  • houd een exemplaar zelf;
  • stuur bij terugkomst een exemplaar naar de school in Nederland;
  • en stuur een exemplaar naar de leerplichtambtenaar.

    Zorg ook dat er contact is tussen de school in Nederland en die in de andere gemeente, in dit geval Bonaire. En bewaar de schriftjes (of andere werkjes) die je kinderen – of kleinkinderen – op die andere school gemaakt hebben.

    Alsnog een boete
    Het kán zijn dat je alsnog een boete krijgt (van de officier van justitie). Dan kun je met de verklaring van de andere school, plus de schriftjes en werkjes die daar gemaakt zijn, bewijzen dat je kinderen gewoon naar school zijn gegaan. Waarschijnlijk zal de officier de boete dan intrekken.

    Het is wel mogelijk dat de officier daar een voorwaarde aan verbindt. Namelijk dat je geen boete krijgt als je belooft het nooit meer te doen. Dat betekent verder niet zoveel.

    Uitspraak van de rechter
    Omdat het in dit Bonaire-voorbeeld om een ongebruikelijke situatie gaat, is het mogelijk dat de leerplichtambtenaar een uitspraak van de rechter wil. Dan volgt er een boete. Die je niet betaalt. Waarna de rechter eraan te pas komt.

    Vervolgens moet je je verdedigen. Dat kan door al het schriftelijke bewijsmateriaal aan de rechter te overhandigen:

  • de verklaring dat de kinderen elders naar school zijn gegaan;
  • aanvullend bewijsmateriaal, zoals schriftjes en werkjes;
  • de correspondentie tussen school 1 (in dit geval: de school in Nederland) en school 2 (in dit geval: de school op Bonaire);
  • een verklaring van school 1 (in dit geval: de school in Nederland) dat de kinderen geen achterstand hebben opgelopen.

    Zo kunt u zich afdoende verdedigen. De rechter kan u dan nog steeds schuldig verklaren aan leerplichtverzuim, maar een boete wordt dan meestal niet opgelegd.

    Kortom: als je ervoor zorgt dat de kinderen echt goed onderwijs hebben genoten, en als je dat kunt bewijzen, heb je weinig te vrezen. (Al kan de eventuele nasleep wel heel vervelend zijn. Leerplichtambtenaren houden niet van mensen die de zon opzoeken, en misschien willen ze voorkomen dat men de nieuwe status van Bonaire, als Nederlandse gemeente, gaat misbruiken.)

    Miriam Lavell
    redactie@ouders.nl


    Reacties

    Eigen ervaring
    Ook buiten ons koninkrijk werkt het. We hadden de kinderen ingeschreven op een lokale school in de Dominicaanse Republiek toen ik daar drie maanden werkte als kitesurfleraar. Drie mooie maanden met zon, zee en palmen. Ik was er dus voor de fantastische wind, en omdat het in Nederland in de winter te koud is voor kitesurfles.

    Onze kinderen zaten daar soms met een Dominicaans kind (in schooluniform) samen op één stoel, omdat er niet genoeg meubilair was. De voertaal was Spaans, en de lesuren bedroegen ongeveer tien uur per week want de school werd in drieploegendienst gedraaid. Ook 's avonds. En wij gingen natuurlijk ook wel eens met het gezin op excursie zonder vrij te vragen aan de Directora of aan de Nederlandse ambtenaar.

    De kinderen hebben niet alleen een beetje Spaans geleerd, maar ook ervaren hoe het is om in een arm land te leven, en nog honderd andere dingen van zo'n andere cultuur en natuur.

    De ambtenaar had me een Nederlands formulier meegegeven. Dat heeft de Directora met mijn hulp ingevuld, stempel erop, handtekening. Ik heb in de eerste week een foto van het formulier gemaild naar de ambtenaar, omdat de post daar niet zo goed werkt. Een jaar later, dus negen maanden na terugkomst, kregen we een brief met goedkeuring. Plus nieuwe formulieren voor de volgende keer, voor elk kind een.

    Overigens was mijn eerste vraag aan de leerplichtambtenaar geweest of ik m'n kinderen zelf les mocht geven daar. Want ik heb de bevoegdheid voor lesgeven aan lagereschoolkinderen. Maar dat mocht niet. Heb ik stiekem toch wel soms gedaan, als het niet waaide.

    Jelle


    Reactie Miriam Lavell op Jelle

    Jelle heeft gelijk. In beginsel bemoeit de leerplichtwet zich nergens anders mee dan met de vraag of de kinderen naar school gaan (een school bezoeken). Maar de probleemzoekers onder de leerplichtambtenaren laten het daar niet bij. Bij dreigend ongelijk schakelt men de kinderbescherming in, zie het gedoe met de zeilster Laura Dekker. En dat is een stuk vervelender dan een boete van de leerplichtambtenaar.

    Leerplichtambtenaren reageren hier met de onderbuik op wie de vraag stelt, of die in correct Nederlands geformuleerd is, en waar de reis naartoe gaat (het 'niet pluis'-gevoel). De Dominicaanse republiek vormt in die context een groter risico dan Bonaire.

    Juist omdat Bonaire inmiddels een gemeente van Nederland is, zal de bewering dat een kind daar naar school sturen een directe bedreiging voor de ontwikkeling van het kind vormt, geen stand houden. Sterker nog: leerplichtambtenaren zijn bureaucraat genoeg om te snappen dat die bewering alleen al grote consequenties heeft voor Nederland. Bijvoorbeeld dat alle Antilliaanse leerplichtigen in Nederland naar school zouden moeten.

    Daar komt nog bij dat het tijdelijk naar een andere school sturen in een andere Nederlandse gemeente, niet echt een zaak voor de leerplichtambtenaar is. Het is meer een zaak tussen de ouders/verzorgers en de betrokken scholen.

    Groet, Miriam Lavell


    Reactie leerplichtambtenaar

    Geachte redactie,

    Er is een speciale regeling om vrijstelling aan te vragen als kinderen in het buitenland naar school gaan. Die regeling bestaat al heel lang en is bedoeld zoals Miriam Lavell beschrijft. Als je ervoor zorgt dat kinderen goed onderwijs hebben genoten en als je dat kunt bewijzen, heb je weinig te vrezen.

    Deze vrijstelling is niet bedoeld om als ouders / grootouders extra vakantie op te nemen en de kinderen daarom maar daar naar school te laten gaan. Het is namelijk nogal wat om van een school te vragen om extra inzet te leveren omdat de ouders / grootouders zo graag extra vakantie willen hebben. In Den Haag is men er nog steeds van overtuigd dat er voldoende vakantieweken zijn, in één schooljaar, om jaarlijks als gezin op vakantie te gaan. En in bijzondere gevallen kunnen alle ouders gewoon vrijstelling aanvragen.

    Het is nogal kortzichtig om alle leerplichtambtenaren over één kam te scheren. Ze handhaven gewoon de leerplichtwet en heel waarschijnlijk wordt in dit geval alleen de kant van de grootouders belicht. Grootouders zijn niet verantwoordelijk voor de schoolgang van de kleinkinderen. Ouders wel.

    Vriendelijke groet,
    een leerplichtambtenaar


    Reactie Miriam Lavell op leerplichtambtenaar

    Geachte leerplichtambtenaar,

    Voor zover ik iets gezegd zou hebben over leerplichtambtenaren in het algemeen, bevestigt uw antwoord de gewekte indruk. U maakt een familie-reüni zo vrijblijvend als een vakantie, terwijl het ook de laatste kans kan zijn om familiezaken te regelen omdat er iemand op sterven ligt.

    U werpt zich op als beschermer van de school, terwijl die juist geen bezwaren ziet. Daarnaast noemt u de regels uit Den Haag, alsof de complete internationale familie zich maar naar die vrije dagen te voegen heeft. En dan heeft u zelfs nog commentaar op het feit dat een oma de vraag stelt. Misschien zijn de ouders wel dood.

    Kortom, u gedraagt zich als beëdigd probleemzoeker en nee-zegger.

    Ikzelf bemoei me niet met familiezaken. Ik geef gewoon antwoord op de vraag. "Ja het kan, mits de kinderen naar school gaan." Dat dekt precies het voor de leerplichtwet geldende perspectief, zoals u in uw antwoord bevestigt.

    Probeer het zelf eens: "Ja, mits." Dat klinkt zoveel positiever.

    Groet, Miriam Lavell


    Miriam Lavell is tekstschrijver, politiek adviseur, en moeder van twee kinderen. Ze spant zich in voor ouders die problemen hebben met school.
     


  • Copyright © 1996-2011 Ouders Online, alle rechten voorbehouden
    Uitsluiting aansprakelijkheid | info@ouders.nl
    Pagina voor het laatst bijgewerkt op: 20 april 2011