logo Ouders Online

home forum chat thema-pagina's vraagbaken video koopjeskelder surf-tips snuffelgids service colofon

Magazine - redactionele artikelen
 Actueel
Opvoeding - Talentontwikkeling

5 februari 2012

Krijg je meer uit je kinderen door een strenge opvoeding, of door ze lekker aan te laten rommelen? Sebastiaan van der Lubben schetst de Hollandse middenweg.
 


Polderkinderen

door Sebastiaan van der Lubben

De oudste dochter van Tijgermoeder Amy Chua speelde op jonge leeftijd al in Carnegie Hall en was het beste in rekenen van haar klas. Nu is ze muzikant noch wetenschapper. Haar jongere zus ruilde halverwege de puberteit haar viool in voor een tennisracket op hobbyniveau. Ze weigerde lessen van de beste coaches en wilde 'lekker' tennissen. Ze weerstond al vroeg de druk van moeders binaire opvoeding: het is fout of nog niet goed genoeg. In tijgertermen heeft Chua als moeder dus hopeloos gefaald. Geen van haar kinderen is geslaagd in het leven. Ze zijn uiteindelijk gaan doen wat ze zelf wilden en niet wat volgens mama het beste voor hen was – toch de essentie van de tijgeraanpak.

Aziatische ouders
Het boek dat Chua over haar opvoedmethode schreef – in het Nederlands vertaald als Strijdlied van de Tijgermoeder – veroorzaakte een internationaal debat. Dat debat voltrok zich vooral langs culturele scheidslijnen. En daarbij lijkt de Aziatische stijl, het beste van je kind in plaats van het beste voor je kind, goede papieren te hebben.

We vinden immers de knapste rekenaars en lezers ter wereld in China, Singapore en Hong Kong. Zo bezien hebben Aziatische ouders gewoon gelijk als ze van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat de lat net buiten het bereik van hun kroost leggen. Daardoor stoot Azië op in de vaart der volkeren. En dat willen wij ook. Of niet?

Teugels aantrekken
Nee, zeggen Nederlandse opvoeddeskundigen, dat willen wij niet. De 'typische' Nederlandse opvoeding is niet binair (goed of fout), maar een voortdurende onderhandeling tussen kinderen en ouders.

"Flexibiliteit, sociaal-emotionele intelligentie, en het feit dat ouders en kinderen in Nederland heel erg goed met elkaar overweg kunnen", vat Wilma Vollebergh, hoogleraar Jeugdstudies aan de Universiteit Utrecht, die opvoedstijl samen. Ze geeft toe 'redelijk ongevoelig' te zijn voor weer een debat over strenger en strikter.

Nederlandse opvoeders, blijkt uit onderzoek, doen het namelijk heel erg goed, zonder voortdurend de knoet erover te leggen. En als ouders/verzorgers niet streng genoeg zijn, dan blijken ze in no time de teugels aan te kunnen trekken. Vollebergh: "We zien het alcoholgebruik onder jonge kinderen heel snel verminderen. We waren, zoals dat heette, 'te tolerant'. Nu zijn er ook thuis veel strengere regels." Regels die worden overgenomen. En daaruit spreekt vertrouwen tussen ouders en kroost.

Stimuleren, steunen en helpen
Maar zijn we niet veel te soft? Moeten we niet wat meer eisen stellen aan ons nageslacht? "Nee," zegt Vollebergh. "Jongeren zijn veel competitiever dan wij vroeger waren. Er zijn honors classes voor excellente studenten, en klasjes voor hoogbegaafde kinderen. Mijn promovendi zijn slimmer dan ik was."

De hoogleraar concludeert dat Nederland het goed doet, ook met slimme kinderen. Natuurlijk kan er meer aandacht zijn voor ambities, maar ouders moeten dat er niet in 'slaan'. "Stimuleer en steun die ambities van kinderen. Help ze erbij," zegt Vollebergh.

Volgens Vollebergh had Chua haar kinderen liefdevol moeten begeleiden in hun talenten. "Die hebben ze blijkbaar wel, anders kom je niet zo ver. Maar vergeet niet: er zijn maar heel weinig mensen ergens heel goed in. Niet iedereen kan het beste zijn."

De prijs van succes
Historisch pedagoog Bas Levering (Fontys Hogescholen en Universiteit Utrecht) gaat nog een stap verder en stelt een fundamentelere vraag: "De weg naar het concertpodium, waar kinderen uitblinken op viool of piano, is die weg wel humaan?"

Het is een retorische vraag. Ergens goed in zijn, kost tijd. Tijd die een kind niet aan andere zaken kan besteden. "Aan een leuke en gezellige jeugd", vat Levering het doel van iedere opvoeding samen.

Levering kent genoeg voorbeelden van kinderen die door een strenge opvoeding tot grote hoogten zijn gestegen. Kinderen waar ouders 'alles' uit hebben gehaald wat erin zat. "Mozart, Blaise Pascal, Bobby Fischer, Andre Agassi... Allemaal heel goed, en grote talenten in hun tak van sport. Maar dat succes heeft wel een prijs."

Experiment
Leverings idee van de opvoeding is toch om door extrinsieke motivatie intrinsieke motivatie te kweken. Uiteindelijk moeten kinderen zelf hun ambities kunnen verwezenlijken. "Ouders moeten hen daarin stimuleren en bijstaan."

De 'typisch Nederlandse' opvoeding – overleg, stimuleren, soms sturen – is daarvoor zeer geschikt. Volgens Levering bleek dat al uit een experiment van psychiater en grondlegger van de Gestaltpsychologie Kurt Lewin, in de jaren '30. Een autoritaire juf hield moeiteloos haar leerlingen onder de duim, maar die kinderen kwamen niet verder dan het voorgeschreven taakje met klei. Een juf die haar leerlingen geheel vrij liet, moest na enige tijd dekking zoeken vanwege het rondvliegende boetseerwerk. Alleen de juf die in overleg met haar leerlingen ging, creëerde een sfeer waarbinnen alle kinderen, zowel de talentvolle als de minder bedeelden, tot volle wasdom kwamen. "Die laatste opvoedstijl," zegt Levering, "is de Hollandse."

Overleg-opvoeding
Zo'n overleg-opvoeding werkt, omdat hij aansluit bij onze open, democratische cultuur.

Levering: "Nederlandse kinderen hebben, net als de volwassenen, een belangrijke stem in hun eigen leven." Wie in Nederland kinderen die stem niet geeft, maakt zijn kinderen ongelukkig. "Misschien maak je ze wel heel goed in één bepaalde vaardigheid, maar dan krijgen ze toch een wonderlijke persoonlijkheid en een zeer verstoorde relatie met hun ouders. En dat is niet echt 'normaal'."

Sebastiaan van der Lubben
p/a redactie@ouders.nl


Reactie

Waarom de Tijgermoeder gelijk heeft
Het is heerlijk om door deskundigen bevestigd te krijgen dat de Nederlandse ouders het beste opvoeden. Een fijne conclusie, die toch nog heel wat vragen onbeantwoord laat. Want waaróm zijn Aziatische ouders zulke 'tijgers' en wat kunnen Westerse ouders daarvan leren?

In De Volkskrant (18-2-2012) werd onlangs een grimmig beeld geschetst van de leefsituatie in China: de onderklasse is straatarm en zonder perspectief, en de middenklasse is vrijwel even slecht af. In die samenleving is alleen voor de allerbesten een leefbare plek te veroveren, daar zul je heel hard voor moeten knokken, want er is enorm veel concurrentie en weinig goede plaatsen. Zo is in China slechts 0,89% (!) van de bevolking hoger opgeleid. Daar past geen zachtaardige opvoedstijl bij, al kun je je afvragen hoeveel Chinese ouders zich een tijgeropvoeding kunnen permitteren. Maar wat die ouders willen is heel essentieel, namelijk een goede toekomst voor hun kind. En die toekomst is alleen -en dan nog misschien- te krijgen door heel hard te werken en absoluut de beste te zijn. Inderdaad brengen Aziatische landen de beste rekenaars en lezers voort. Maar hoeveel van hen krijgen een toekomst met enige welvaart? I rest my case.

Nederland heeft misschien niet de beste uitblinkers, maar scoort over de hele linie zowel in onderwijsniveau (33% van de bevolking is hoogopgeleid) als in welvaart onvergelijkbaar veel beter dan China. In onze samenleving zijn kinderen het meest gebaat bij een overlegopvoeding. Ouders stimuleren de innerlijke motivatie van de kinderen, omdat volwassenen die varen op een innerlijk kompas hier de beste kaarten hebben. Een echte tijgeropvoeding zou hier niet het gewenste resultaat hebben, de dwang komt daarbij van buitenaf. Niet voor niets kwamen de westerse kinderen van Chua in opstand. Nederlandse ouders weten dit, en hanteren daarom de zelfsturende opvoedstijl. Ze doen het goed. In deze samenleving.

Het is duidelijk dat de tijgeropvoeding botst met onze fundamentele opvoedingswaarden. Toch heerst ook hier onzekerheid over onze opvoeding. Niet alleen vanuit de vraag of onze liefdevolle en geluksgerichte opvoedingsmethode zulke gelukkige en succesvolle kinderen heeft voortgebracht (nee) maar ook met het oog op de toekomst van onze maatschappij. Kon de vorige generatie opvoeders nog leunen op zekerheden (een vaste aanstellingen, overwaarde op je huis, pensioenopbouw), voor de komende generatie is dat veel minder het geval. De samenleving is onzekerder geworden, en daarmee competitiever. In de onzekerheid over het behoud van je baan bij de zoveelste reorganisatie of bedrijfsovername, in de concurrentie om opdrachten voor de talloze ZZP-ers, in de dans om de vervulling van vacatures met meer dan honderd sollicitanten, worden prestaties belangrijker, óók al omdat tegenwoordig 40% van de schoolverlaters hoger opgeleid is, zodat je met een hbo- of universitair diploma geen uitzondering meer bent.

Dit is wat aanspreekt in het boek van Chua: het koesteren van ambitie voor je kinderen in een competitieve samenleving. Ouders van nu zijn bewust bezig met de toekomst van hun kind. Net als ouders vroeger, en net als ouders in Azië, steeds op de manier die bij hun tijd en samenleving past.

Mieke van Stigt, sociologe en pedagoge


Sebastiaan van der Lubben is journalist, politicoloog, en vader van drie zoons. Hij blogt op vanderlubben.wordpress.com. Het bovenstaande artikel verscheen eerder in 'Zhidi' (nr.2, 2011), tijdschrift voor beslissers op het terrein van jeugd en opvoeding.


Copyright © 1996-2012 Ouders Online, alle rechten voorbehouden
Uitsluiting aansprakelijkheid | info@ouders.nl
Pagina voor het laatst bijgewerkt op: 12 maart 2012