|
Prijsvraag: Goed opgevoed! - inzendingen 1 t/m 25
mei-juni 2006
Het boek 'Goed opgevoed' van Marieke Henselmans inspireerde talloze lezers om lekker op te scheppen over hun kinderen. Dat mág! Sterker nog: in het kader van de prijsvraag is dat verplicht!
Hieronder volgen de inzendingen 1 t/m 25.
1. God de vader
Marga
Wij zijn niet gelovig, maar hebben de kids wel een en ander bijgebracht over God. De vader van mijn man hebben de kids nooit gekend want hij was al overleden voor zij geboren werden.
Oudste was iets van 8 dat de hele familie hier was. Gezellig allemaal aan tafel. En oudste begint over God. En dat papa daar ook maar in moest geloven. Want dan had ie toch nog een papa.
Het moge duidelijk zijn dat mijn schoonmoeder zowat in tranen was. Dé juiste opmerking! Maar of dat nou aan onze opvoeding lag?
2. Groeicurve/Nobelprijs
Henk Riemersma
Tegenwoordig roep ik achterom dat ik gewoon doorloop en niet meer wacht. Dat is wel anders geweest. Boodschappen doen duurde ooit wel eens nagenoeg de gehele bezoekregeling. In mijn straat zit een klein theatertje dat natuurlijk een invalidenopgang heeft. Eenmaal binnen heeft de rolstoeler weinig andere mogelijkheden dan de zalen gelijkvloers, maar daar gaat het nu niet over.
Die invalidenopgang biedt veel kinderen uiteenlopend vertier. Een stukje van de ingang is overdekt waardoor deze voor vermoeide jongelui ook geregeld dienst doet als 'hangplek'. Ook weer zo'n geweldige hedendaagse verworvenheid. Toch een samenleving om trots op te zijn.
Voor het tweejarige jongetje bood het trapje van twee treden destijds natuurlijk een enorme uitdaging. Hij klom er op en er weer af. En dan er weer op om de invalidenopgang af te lopen. Zijn beentjes gingen steeds meer vanzelf, waardoor het wel leek alsof hij er zelf een beetje achteraan kwam. En weer terugklimmen natuurlijk. De heuvel op. En weer het trapje af. En op. De helling. En dan konden we pas weer eens verder.
Onderweg werd elke scheefzittende stoeptegel een 'hoepla' die minstens twee keer gehoeplaad moest worden, uiteenlopende hindernissen werden trots overwonnen en de op de ruit van de kapper geplakte scharen een voor een aandachtig bestudeerd: Pappa! Knippuh! Op de terugweg ging het niet anders. Kortom, de totale tijd die hij een keer in de veertien dagen bij zijn vader doorbracht zat er na de zaterdagmiddagse boodschappen ongeveer op.
Toen hij een klein jaartje ouder was ontdekte hij het fietsenrek van het theater. Daar moest over- en doorheen gekropen en geklommen worden. Een immense opgave want het was voor een klein mannetje een enorm lang rek.
We hadden nu iets meer tijd want die ridicule bezoekregeling was verruimd naar een overigens niet minder ridicule weekendregeling. Het fietsenrek paste er, zowel op de heen- als op de terugweg, in zijn geheel gemakkelijk in. En voor de winkeltjes verderop in de straat waren nu voor klantenfietsen drie hele smalle aluminium hekjes geplaatst, waar natuurlijk doorheen gekropen moest worden.
Nog steeds is de invalidenopgang een uitdaging in onze winkelwandeling. Nu geldt het randje als evenwichtsbalk. Die telkens wanneer hij een misstap maakt opnieuw genomen moet worden. "Ik wacht niet, hoor", roep ik nu achterom. Ik weet dat hij mij straks achterna komt rennen.
Als ik mijn hand uitsteek probeert hij tijdens het rennen deze vast te pakken en als rem te gebruiken, mij in zijn vaart een stapje meeslepend. Wanneer ik al aan de aluminium fietsenhekjes voorbij ben moeten deze toch eerst genomen worden en wat ik mij nu afvraag is of hij de belangstelling hiervoor al verloren zal hebben tegen de tijd dat hij hier niet meer doorheen past. Of dat hij op een dag zal roepen: "Pappa! Ik ben te groot geworden!" En dat ik hem uit moet zagen.
Aan de hand van obstakels in de buitenruimte heeft hij zijn eigen groeicurve opgesteld. De bel is voor ieder kind een hele put, maar ook mijn brievenbus zat tot voor kort nog te hoog voor hem, net als de klink van de schuurdeur. Voor de klink hoeft hij nu niet meer op zijn tenen te gaan staan. Moeiteloos ("Pappa, kijk! Ik kan er gewoon bij!") zwaait hij de deur open en achter onze fiets weer dicht.
Als gevolg van kleinere en grotere hiaten in de bezoeken aan zijn vader vallen zijn vorderingen hem en mij misschien wel meer op, denk ik, dan wanneer hij gewoon dagelijks over de vloer zou zijn gekomen. Feit is dat ik teveel van zijn ontwikkelingen heb gemist, waardoor elk volgend stapje voor mij eigenlijk veel te bijzonder wordt.
Niettemin knijpen vader en zoon natuurlijk hun handjes stevig dicht, want in ieder geval de vader weet dat er heel veel kinderen zijn die hun vader ondertussen niet eens meer willen zien. Sommigen hebben zelfs geen idee wie het is.
Ik knijp dus mijn handjes dicht dat ik hem afgelopen december nog vier keer diepgelovig voor de sint heb mogen horen zingen. Dat ik hem nog twee keer heel blij heb mogen horen roepen dat er iets in zijn schoen zat. De groeicurve van zijn verstand zal hem dit jaar ongetwijfeld tot afvallige maken. Ik hoop van harte dat deze gezonde ontwikkeling zich ononderbroken voortzet.
Nobelprijs
Mijn zoon heeft zich dit weekend een bijzonder doel gesteld: de Nobelprijs! Eindeloos heeft hij zich opgehouden in de hal waar drie deuren op uitkomen. Een uiterst complex maar tegelijk simpel systeem van her en der gespannen touwtjes diende deze deuren tegelijkertijd te openen.
Nog steeds is het aan verbetering onderhevig, verzekert mij de snotneus, dus ben ik gedwongen tussen, onder en over een wirwar van touwtjes te kruipen en te klimmen wil ik bij het koffiezetapparaat geraken. Of in de badkamer. Zeker tien minuten eerder op vanmorgen!
Als ik brom wat dat toch allemaal moet en alsof ik nog niet genoeg te stellen heb met alles is het antwoord simpel: ik ben bezig de Nobelprijs te winnen. Tja, dan dient pappa bescheiden een stapje terug te doen. Aan een dergelijk streven is alles ondergeschikt.
Ik was zijn blijmoedigheid bijna vergeten in de narigheid van de afgelopen weken. Martine Delfos die in Netwerk (van 12 augustus 2005) vertelt over het Japanse verschijnsel 'hikikimori', waarbij kinderen emotioneel bezwijken onder prestatiedruk en zich vervolgens helemaal terugtrekken op hun kamer. Volgens Delfos moeten wij ook in Nederland alert zijn op dit verschijnsel.
Anderzijds de kinderen (bijvoorbeeld in mijn straat) die het tegengestelde doen en al vanaf erg jong bijzonder extrovert over straat banjeren. En, las ik alsof het niet op kon ook nog eens ergens, één op de vijf kinderen in Nederland lijdt aan psychosociale problemen, van licht tot zeer ernstig, door wat voor oorzaak dan ook, maar meestal als gevolg van de thuissituatie.
Maar daar tussendoor is een knaap blijmoedig bezig de Nobelprijs te winnen, net als ongetwijfeld een heleboel van zijn leeftijdgenoten op deze zondagmiddag eveneens de meest fantastische dingen in elkaar aan het knutselen zijn. Goedmoedig gadegeslagen door ouders die heus wel weten waar de grens tussen affectieve en andere vormen van verwaarlozing en al te grote prestatiedruk ligt.
Alhoewel, nu ik er eens over nadenk: de Nobelprijs? Wat is dat voor raars. Welk kind van acht wil nou de Nobelprijs winnen? Moet ik me toch zorgen maken? Nou ken ik hem vrij goed, moet ik zeggen, dus meen ik te weten dat dit streven in zijn spel moet worden ingecalculeerd. Feitelijk wil hij alleen maar iets knutselen, maakt niet uit wat.
Automatische deuren dus. Eén handeling volstaat. Scheelt een stuk. Zijn fantasie vertelt hem dat hierdoor zijn leven en dat van zijn vader zo ontzettend veel aangenamer wordt en dat is voldoende reden voor een tot de verbeelding sprekende prijs.
Dit gaat gepaard aan een hoop vrolijkheid wanneer hij bijvoorbeeld ziet hoe zijn vader moeizaam met de wasmand middenin die automatiek staat te modderen, pret wanneer het touwtje aan de deur die een beetje klemt alsmaar breekt en voortdurend jolig commentaar bij elke vooruitgang die hij boekt of tegenslag die hem treft. Vader hoeft zich geen zorgen te maken.
Nee, die Nobelprijs valt wel een beetje mee. Al was het alleen maar omdat het automatiek van geen kanten deugt. Geen enkele reden dus om hem op de 'Knutselclub voor Getalenteerde Knutselaartjes' te doen. Ik struikel goedmoedig graag nog dagen over zoveel blijmoedigheid. Vanmiddag kwam een vriendje spelen. "Kijk", zei mijn zoon breed lachend, "dit is mijn uitvinding. Hij gaat alleen steeds een beetje stuk."
3. Voorbeeld-kinderen
Schrauwen Pascale
Vorig jaar gingen we met onze dochters van toen 2,5 en 4,5 jaar met vakantie naar Spanje op hotel. Onze dochters moesten dus mee in het restaurant eten op een gewone stoel en mee langs het buffet lopen.
Ze hebben dat voortreffelijk gedaan. Ze zaten op een gewone stoel en bleven ook zitten zonder vervelend te klieren of zeuren.Ze aten allebij met een vork en aten bijna altijd hun bordje leeg. Aan het buffet liepen ze met ons mee zonder te duwen of aan al de broodjes te zitten.
We kregen op het eind van onze vakantie complimenten van de manager en andere hotelgasten.Zelf op het vliegtuig kwamen we nog voor ons onbekende hotelgasten ons proficiat wensen met onze voorbeeldkinderen.
De moraal van het verhaal: Zelfs al lukken de regels van beleefdheid niet altijd thuis, soms kun je de vruchten plukken op een onverwacht moment.
4. Koppeltje duiken!
Saskia Faber
Mijn dochter Jasmijn (nu 4 jaar) is erg lang voor haar leeftijd. Zo lang zelfs dat ze vaak "over haar eigen benen" struikelde. Een tip van een leidster van de creche: ga met haar gymmen. En sinds Jasmijn 2,5 jaar is, gymmen we elke dinsdag. Klimmen, trampoline springen, slingeren, dansen et cetera. Jasmijn gaat sinds die tijd met sprongen vooruit. Ze krijgt veel meer vertrouwen in haar eigen lichaam en ze valt en stoot zich lang zo vaak niet meer.
En sinds een half jaar mag ik niet meer mee doen: het ouder-kind gym is nu kleutergym. Jasmijn gaat zelf een uur lang sporten met de gymjuf. Ik mag vanuit de kantine kijken naar de verrichten van mijn kleine meid. Ze blijft haar grenzen verleggen. En enige tijd geleden zag ik dat ze onbegeleid een kop rol aan de rekstok kon. En niet één keer, maar heel vaak achter elkaar.
Op zo'n moment besef je pas echt hoe groot je kind al wordt...
5. Ik heb een wereld-dochter!
Cécile Delacour
Mijn dochter is een bijzonder kind. Zij is aardig, knap, intelligent. Ze weet het zelf wel, maar dat weerhoudt haar er niet van lief en gezellig te zijn. Toen ze geboren werd wist iedereen het beter: we waren te jong, te arm, te buitenlands, we woonden in de Bijlmer, hadden geen auto, geen video, en niet eens vloerbedekking. Dat zou niet goed komen...
14 jaar later heeft ze het allemaal overleefd. De 5 dagen creche omdat Papa en Mama de studie moesten afmaken en geld verdienen, de 4-talige opvoeding, de langdurige depressie van Mama, en zelfs de mislukte emigratie.
Ze heeft zich er briljant door heen geslagen, fluitend door het leven, boeken lezend in 4 talen, sociaal en overal op haar gemak, op 2 punten na hoogbegaafd volgens de officiële testen (wat haar de bijnaam "Haast-begaafde Caroline" heeft opgeleverd).
En wij? Wij zijn hardstikke trots op haar! En op onzelf toch ook. Want als we naar iedereen hadden geluisterd, 14 jaar geleden, hadden we haar bijna met het badwater weggegooid. En het was heel erg jammer geweest!
6. Rechts en links
Mieke
Ikzelf had het pas heel wat later onder de knie, maar mijn zoontje van 2,5 jaar weet perfect wat rechts en links is. Vind ik toch wel een hele prestatie :)
7. Stampevoetjes
Heleen
Dat onze jongste al voor haar verjaardag liep - de eerste editie deed haar eerste losse stapjes rond 14 maanden - is leuk, maar om er trots op te zijn? Een beetje wel natuurlijk... Dat er zo nu en dan een gepast woord uit het mondje komt, is een wonder. Maar wat ik écht super vind aan haar, is dat ze zo prßchtig kan stampevoeten als ze boos is. Haar hele lijf doet mee, van top tot teen.
8. Kampioen Lelijke Woorden
Astrid ter Braak
Mijn zoon Luuk van bijna 5 is een soort van spons. Alle mooie en lelijke woorden zuigt hij, hoe klein hij ook was, snel in zich op en gebruikt deze ook. Bij prachtige woorden is dat geen probleem, maar hij is ook een meester in het gebruiken van echt lelijke woorden. Te pas en te onpas gooide hij deze over tafel bij iedere boze bui.
Toen hij hierin bijna kampioen werd, en het stadium van negeren niet hielp, hebben we maar eens haarfijn uit gelegd wat die woorden als kanker en kut betekenden. Voor het verhaal van oma die ooit eens erg ziek was, was hij zeer gevoelig en het woord kanker verdween vrjwel direct uit zijn vocabulair.
Het andere lelijke woordje kwam nog eenmaal boven drijven, zo vertelde de juf, toen hij op school woorden moest bedenken, die beginnen met een 'k'.
Ondanks deze kleine misstap, ging het erg goed met het niet-gebruiken van die worden. Althans tot gisteren. Hij speelde buiten op de dijk achter ons huis, waar geen honden los mogen lopen.
Een grote hond vernielde de hut die onze (buur)kinderen had gemaakt. Ik ging naar buiten om te vragen of deze mevrouw misschien haar hond aan wilde lijnen. Deze mevrouw voelde zich blijkbaar behoorlijk te kakken gezet, toen ik haar aansprak in het bijzijn van zoveel kinderen.
Ze schreeuwde: "Ach mens, hij toch je kop!" Ik was met stomheid geslagen. Ik zei dat ze toch wel op een normale manier zou kunnen reageren. Luuk aanschouwde de situatie en keek me met een vragende blik aan.
Die mevrouw ging door met: Houd gewoon je klep! Toen zette mijn zoon een ferme stap vooruit en vanuit zijn tenen schreeuwde hij het laatst restje lelijke woorden naar buiten: Jij bent een kutmevrouw!
Opnieuw was ik met stomheid geslagen. Ik moet eerlijk bekennen, dat het gevoel van schaamte maar héél erg kort duurde. Trots kwam snel boven drijven: Wat een gevoel voor timing!
9. Spelregels
Christy de Back
Onze dochter Julia van bijna 3 jaar heeft een enorme woordenschat. Toen we een keer 'het kippenspel' van de speel-o-theek geleend hadden en het 1 keer gespeeld hadden met z'n vieren, kon ze de volgende ochtend heel nauwkeurig de ingewikkelde spelregels uitleggen aan haar oma. Dit spel van Haba met bijzondere dobbelsteen gaat over kippen die graankorrels eten, eieren leggen en mandjes die gevuld moeten worden.
Julia is heel sociaal, charmant, dapper en assertief. Ze wist precies wat ze moest doen toen een groot meisje (8 jaar) dat ze niet kende op de schommels haar tong tegen haar uitstak. Felice (haar zus van 5 jaar) kwam trots vertellen dat Julia iets heel goeds had gezegd, namelijk: 'Je mag je tong niet tegen mij uitsteken!'
10. Zeventien
Marrigje Barnard
Trots ben ik op al mijn zes kinderen. Zonder uitzondering zijn ze bijzonder, sociaal voelend, mooi en intelligent.
Het meest trots ben ik echter op mijn zoon van 17. Ernstig dystectisch en intelligent, wat op zich al een moeilijke combinatie is, maar nog wordt verergerd met een verregaande koppigheid, gekoppeld aan een diepgevoel van Ik kan het zelf wel.
Vastgelopen op de HAVO, omdat hij zoveel moeite had teksten te lezen,dat hij aan het begrijpen van die teksten niet toe kwam.
Uit frustratie ging hij meer drinken dan goed voor hem was, en zag ik hem al afglijden tot een leven in de goot.
Via een vakantie baantje kwam hij in de keuken van een restaurant terecht, en bleek aanleg voor kok te hebben. Hij is toen VMBO-Kader afd consumptief gaan doen. En is nu hard op weg de beste van zijn jaar te worden. Tentamens worden, binnen de tijd, afgerond met 8-en.
In de keuken is hij een gewaardeerd medewerker, wat ik niet alleen van hem hoor, maar ook van zijn baas en leerkrachten.
Als bijkomend voordeel is dat doordat het op school en werk allemaal lukt, hij zijn koppigheid en eigenwijzigheid enigszins kan laten varen, waardoor het ook nog eens een leuker mens in voor zijn omgeving.
Hij drinkt af en toe nog een biertje, maar dronken is hij eigenlijk nooit meer, ook dat heeft hij onder controle.
Hij is gewoon geweldig! Mijn zoon.
11. Springen
Kitty Arends
Mijn oudste zoon (13) kan al vanaf het dak van de garage springen op de trampoline zonder iets te breken. Dat mijn jongste zoon (9) dat niet kan werd duidelijk. Hij sprong daarna ook maar brak daarbij een middenvoetsbeentje. We hebben de jongens beloofd dat ze de dag dat ze nog eens op het garagedak klimmen niet licht zullen vergeten.
12. Snorkelen
Christy de Back
In de meivakantie waren we op Menorca waar twee grote meisjes van 8 en 10 jaar in het zwembad bij ons vakantieverblijf aan het snorkelen waren. In de paar dagen daarna vroeg Felice (net 5 geworden) of ze ook een duikbril met snorkel mocht hebben.
We waren een beetje terughoudend omdat we het eigenlijk nog te moeilijk voor haar vonden, maar ze was vastberaden. Voor EUR 4,50 kochten we een mooie blauwe duikbril met snorkel. En ja hoor, na een middagje oefenen heeft Felice zichzelf snorkelen geleerd! Je hoort haar hard ademen en ze zwemt hele baantjes onder water.
Een goed advies dat ik laatst van iemand kreeg en hierop van toepassing is: Gun je kind zijn of haar eigen frustraties en triomfen!
13. C-diploma
Astrid Versluis
Toen Jasper (toen net 5 jaar) samen met zijn neefje ging proefzwemmen voor zijn C-diploma mocht hij niet afzwemmen omdat zijn borst crawl niet goed genoeg zou zijn. Dikke tranen van teleurstelling en dat terwijl zijn neefje met een zelfde borst-crawl wél mocht afzwemmen.
In overleg met de zwemmeester mocht Jasper het nog eens proberen, maar helaas, weer niet geslaagd. Hij berustte hierin maar wilde wel doorgaan met zwemmen hoewel ik hem de keus had gegeven ermee te stoppen (hij kon namelijk al prima zwemmen).
Een week later (net voor het afzwemmen) zij hij onderweg naar zwemles: "ik denk dat ik het nu wel ga halen" en het lukte mij niet hem ervan te overtuigen dat er nu geen proefzwemmen was. Maar toen: hij deed zo ontzettend goed zijn best en liet zo'n mooie borst crawl zien, dat hij tóch mee mocht afzwemmen een week later! Wat was ik supertrots, wat een doorzetter en wat een held!
14. Voorstellen
Inge de vreugd
Allebei onze dochters van bijna 5 en net 7 nemen natuurlijk ook wel eens vriendinnetjes van school mee om te spelen. Soms komen er wat meer kinderen mee, ook uit een andere groep. zij gaan dan met het ene vriendinnetje naar de ander op het schoolplein en zeggen dan: 'ik wil je even voorstellen aan........', zij komt vanmiddag ook spelen.
Wij hebben ze dit niet geleerd en we waren dan ook best verbaasd dat ze dit doen. We vonden het erg netjes van ze. Dit voorval is overigens ongeveer een half jaar oud.
15. Hoera voor rijke fantasie!
Familie Van der Wolf
Onze zoon van inmiddels zeven is een heel gemiddeld kind. Kroop met negen maanden, liep met vijftien maanden en leerde vlot lezen in groep drie, zoals elk ander gemiddeld kind. Fietsen kon-ie zonder zijwieltjes net voor z'n vierde, z'n zwemdiploma liet ook gewoon twee jaar op zich wachten. Kortom, niks aan de hand, gewoon een lekker, gemiddeld ventje.
Wat wij absoluut uniek aan hem vinden en wat zich al heel vroeg openbaarde, is zijn ongebreidelde fantasie op het vlak van knutselen, bouwen en bedenken. Een kleine uitvinder in de dop, dat is-ie! Hele bouwwerken van duplo, hij knoopte al heel jong kabels om op z'n eigen manier een heel communicatienetwerkje te bedenken (van tv naar telefoon naar computer. Niet dat 't werkte, maar hij had er een heel eigen idee bij).
Nu tekent hij z'n eigen K'NeX bouwtekeningen en bij alles waarvan wij even moeten nadenken hoe 't in elkaar zit, heeft hij al een eigen idee. Dat idee kan hij vervolgens tot in detail beschrijven en aan ons overbrengen. Wij snappen het niet altijd helemaal, maar vervolgens gaat meneer aan de slag, met allerhande knutselmateriaal en zien wij zijn bouwwerken en knutsels onder zijn handen groeien. En tot onze verrassing werkt het vaak ook nog!
Elk doosjes of dingetje is aanleiding tot een creatie. Een uitzending als 'fiets of vlieg 'm d'r in' laat zijn hersens op volle toeren werken. Elk bouwsel wordt door hem becommentarieerd en voorzien van verbeteringen. Hij kan haast niet wachten tot hij groot genoeg is om ook zelf mee te kunnen doen. Voor ons een voortdurende bron van vreugde, vermaak en verbazing. Wij koesteren dit talent!
16. Onze dochter kan een bladzijde echt bijna foutloos lezen
Corine
Onze dochter van bijna 7 zit in groep 3. Het leren lezen gaat zeer moeizaam bij haar. In oktober kan ze een blz "voorlezen", geweldig, met de juiste toon, gebaartjes en alles erbij. Ze is heel trots. De juf vindt het echter helemaal niet goed, want het verhaal dat gedrukt staat, is toch echt heel anders dan wat onze dochter "leest". Extra werk is nodig.
Een periode van intensieve logopedie volgt en onze dochter werkt hard en met plezier.
Vorige week komt ze ineens naast me zitten: "Mam, ik ga je voorlezen." En ze leest een blz voor uit een zeer eenvoudig boekje voor (mkm-woordjes), bijna zonder fouten. Tranen springen me in de ogen. We hadden dit aan het begin van het schooljaar niet gedacht. Door haar werklust en wil, heeft ze dit toch maar voor elkaar gekregen. Wat een kanjer en wat hebben we een bewondering voor haar! Voor anderen misschien helemaal niet bijzonder, voor ons wel.
17. Simba
Mevr. Kemner
Het is moeilijk voor Rick van 5 jaar om elke keer tegen 2 kleinere broertjes op te boxen. Hans en Koen, een tweeling van 2 jaar, vinden zijn speelgoed zo leuk en interessant dat de verleiding te groot is om er niet mee te spelen. Meestal zet ik dan ook de moeilijke spelletjes en puzzels en het meest favoriete speelgoed van Rick dan ook buiten bereik van de peutertjes. Maar de laatste tijd gaat het ook goed om ze samen iets te laten doen.
Op een regenachtige ochtend en drie redelijk goed gemutste kinderen, haal ik drie puzzles uit de kast en zet ik ze aan het puzzelen. Ieder eentje, en ieder eentje van z'n eigen niveau. En zo zijn ze braaf met z'n drieën aan het puzzelen.
Ah, denk ik, nu kan ik snel even de vaatwasser uitruimen. Vanuit de keuken hoor ik niets. Stilte. De stilte duurt lang. Een blik om de hoek van de deur vertelt me dat drie puzzels op de tafel liggen, in stukken natuurlijk, en de helf over de grond. O nee, Die van Hans was af en lag heerlijk te pronken.
Die kon ik zo weer in de doos schuiven, gelukkig, dan hoefde ik niet meer de stukjes bijeen te rapen en hem zelf weer te maken. De eeuwige strijd, wie maakt welke puzzel was vandaag nog niet aangebroken en de strijd van de oudste tegen zijn drie jaar jongere tweelingbroertjes was ook nog niet van start gegaan.
De favoriete en tot heiligdom verklaartde 5+ Simba puzzel waar niemand aan mag komen had een ander doel gekregen: bouwsteentjes voor de graafmachine. Een deel lag dus over de grond terwijl de rest door Rick en de graafmachines over de grond werd geschoven.
Ik zag het al aankomen: als alle stukjes van de grond gegraven waren, dan moest de rest natuurlijk ook en daar zat broertje lief dus mee te spelen. Dus... "Maak die andere maar eventje,"zeg ik tegen Hans, die zijn puzzel al af had en nog wel een andere wilde maken. "Neeeeheee, van mij," zegt Koen, zijn tweelingbroertje, terwijl hij zijn stukjes in een bakje doet.
Ik loop naar de kast om een andere te pakken "Oh, hij mag wel met mijn puzzel hoor, mama," komt een stem van de vloer, terwijl de graafmachine behendig de laatste stukje terug vliegt naar de tafel. Mijn mond valt haast open van verbazing. Maar ok, Rick zegt het zelf. Er mag aan zijn Simba puzzel gepuzzeld worden. Dus dan ook geen ruzie, denk ik nog. En Hans is even zoet ondanks dat de puzzel veel te moeilijk voor hem is.
Terwijl ik al een gekrijs verwacht van: "Maak mijn puzzel niet stuk." keer ik terug naar mijn vaatwasser. Het blijft alweer stil. Heel lang. Als een speer haal ik de schone vaat eruit, gooi ik de vuile vaat er weer in. Terwijl ik laatste dingen van het ontbijt opruim hoor ik de stem van Hans: "Klaar!"
Ik doe de laatste borden in het rek en ga toch maar weer een de boel inspecteren. Simba is af en pronkt op tafel. Twee zielige puzzles van 20 stukjes liggen ernaast, ook af, en de drie broertjes zitten met de duplo en twee graafmachine een boerderij te bouwen.
Terwijl ik naar Simba, Timoon en Pumba staar, zegt Rick nonchalant: "Hans heeft hem even afgemaakt." Mijn mond valt nu echt open:... 60 stukjes..... 2 jaar... in nog geen 10 min.....
18. Snoepzak
Diane Verboort
Bij elk oudergesprek op school horen we weer hoe welopgevoed onze dochter is. Onze eigen ervaring is gelukkig ook wel eens anders, we zullen het er maar op houden dat ze alleen thuis haar grenzen opzoekt. Maar op het volgende voorval zijn we toch wel een beetje trots: dochter heeft in een winkel een zakje met schepsnoep gevuld.
Zonder er iets van te eten in de auto bij opa en oma gestapt, papa en mama rijden in andere auto met hen mee naar huis. Thuis aangekomen vertelt oma dat dochter niets uit de snoepzak wilde nemen, zelfs al had oma haar toestemming gegeven, omdat ze het niet aan papa of mama had kunnen vragen. Met onze dochter kun je afspraken maken!
19. Heel erg goed
Ingrid Goudsblom
Onze dochter speelde toen ze pas 2 weken was al met een babygym en kon met 9 maanden al lopen. Toen ze 10 maanden was, liep ze al los en zelfstandig de trap op en af. Ze was zindelijk toen ze net 2 jaar was. Vlak na haar derde verjaardag kon ze fietsen zonder zijwieltjes. Nu ze 3,5 is, kan ze in het Nederlands, Duits en Engels het ABC opzeggen en tot 10 tellen en kan niemand beter kunstjes op de rekstok dan zij.
Onze zoon is ook al zo'n wonderkind. Hij zei zijn eerste woordje (auto) toen hij slechts een paar maanden oud was. Zegt op de leeftijd van een jaar astjeblieft en dankjewel, at op de leeftijd van 1 jaar al met mes en vork en is nu hij 1,5 is al zo goed als zindelijk.
Maar wat ze beiden vooral heel erg goed kunnen, is zichzelf zijn.
20. Ons communicatiewonder
Leonne Muller
Onze Bente is elf maanden en twee weken oud. Ze is twee weken te vroeg geboren, dus eigenlijk nog maar elf maanden (buiten de buik).
Zij lijkt mij een communicatief persoontje toe met een talent voor contact leggen. In alle winkels lacht zij charmant naar de mensen om haar heen en legt oogcontact Bijvoorbeeld als zij zich iemand goed herinnert doordat ze een broodje of een vrucht in de winkel heeft gekregen een week geleden. Dan knijpt ze haar ogen een beetje dicht en kijkt extra lief. Maar ze lacht ook als ze diegene nog niet kent.
Ze kan al "Bah!" roepen vanuit de box als ze in haar luier heeft gepoept zodat wij die gaan verschonen.
Als ze honger heeft, roept Bente "hap! hap! hap!"
Ze kan al "nee" schudden met haar hoofd als ze genoeg heeft gegeten en geen lepel meer naar haar mond wil.
Ze rolt de bal al naar iemand anders toe om samen te spelen, vangt hem weer op en rolt hem terug. Ze leest uit haar boekjes voor ("bal!" "beer!" "haas!" "brom,brom!").
Ze kan nog veel meer, maar haar manier van communiceren vind ik erg knap voor haar leeftijd. Ze is klein van stuk, maar hierin doet ze het juist heel goed. Ik denk dat het scheelt dat er ook goed naar haar wordt geluisterd. Ik ken ouders die niet geloven dat hun kindje al iets probeert te zeggen. Dan horen ze het niet en herhalen het niet. Ik doe dat wel en daardoor leert Bente snel en goed de juiste woorden uitspreken.
Omdat zij dat zo goed kan ben ik erg trots op mijn dochter.
21. Mijn superdochter
Marjon reinders
Mijn dochter Mara zit met haar 13 jaar in de tweede van het gymnasium. Ze komt met rapporten thuis die gemiddeld altijd boven de 8 zijn. Naast haar gewone schoolwerk doet ze extra- opdrachten, zoals vorig jaar voor Engels waar ze een reisje naar Londen moest regelen.
Dat reisje hebben we maar in het echt gedaan en ik heb zelden een kind zo verrast zien genieten. van alles om haar heen. Terwijl ze ook de rust had om te zeggen nee mam t is nu lekker weer we gaan nu drie uur met een boek lekker in het park liggen.
Ze judoot op nationaal nivo en gaat volgende maand als jongste van haar judoschool ooit haar bruine band examen doen.
Daarnaast is ze zeer zelfstandig. Mam ik heb even een afspraak voor bij de dokter hoor, en je hoeft niet mee. Dat gaat dan over een ontstoken plek bij haar navel die maar niet over wil.
Ze heeft sloten vriendinnen, is populair op school en bij haar docenten en organiseert het ene leuke uitje en plan na het andere. Ze gaat regelmatig even uit eigen beweging bij haar oma langs. Ze kookt als dat zo uitkomt (en doet de boodschappen etc).
Ze zit op drumles en heeft haar eigen drumstel bij elkaar gespaard van haar zakgeld en ook dat drummen gaat prima. Eerder speelde ze in een Braziliaanse samba band en zij was een van de eersten die mee mocht optreden - en die naar de gevorderdengroep over mocht, tot grote jaloezie en trots van haar vader die ook in die groep speelde en niet over mocht. Ze toont initiatief en plaagt en daagt mijn vriend uit, maar duidelijk op zo'n manier dat je merkt dat ze 't allebei leuk vinden.
Met name in kaartspelen zijn ze buitengewoon aan elkaar gewaagd. Hebben ze als enigen elkaars truuks en strategieën door en zijn ze allebei blij dat er tenminste iemand die door heeft.
Mijn zoon, mijn vriends zoon en ik volgen dat lang niet altijd. En gelukkig pubert ze ook - maar nog wel op hanteerbaar nivo. Ze pest haar broertje en HAAT mij. Als dat zo uitkomt. Dan doe ik dat met overgave terug. maar meestal vind ik haar geweldig!
22. Mijn kind, mooi kind... ;-)
Kathleen
Wat een leuk idee! Eindelijk kan ik 's opscheppen over hoe knap, slim, handig, gevoelig, sociaal begaafd,... mijn zoon wel is.
Ik behoor namelijk niet tot dat soort moeders voor wie het een full-time bezigheid is hun kind(-eren) de hemel in te prijzen. Bovendien is het ook een leuke therapie, want ik geef toe dat Sasha best wel een vervelend ettertje kan zijn. Aan jullie om dit verhaal dan ook met het nodige scepticisme en een ferme knipoog te lezen.
Al in de kraamkliniek kende elke verpleegkundige onmiddellijk zijn naam: hij was immers de mooiste baby van de afdeling met z'n donkere velletje, blauwe oogjes en zwarte haartjes die een kuifje vormden op z'n voorhoofd. Na twee dagen hing ik een bordje aan de kamerdeur: "Sasha bezichtigen op afspraak, aub". Nu hij 4 is, verleidt hij kassiersters en voorbijgangsters zodat hij ongestraft met snoepjes de winkel uitwandelt en tegen benen mag fietsen. Kleine Don Juan.
Geen enkele baby kon zo mooi en overtuigend huilen als hij. Uren aan één stuk hield hij dat vol en dat in alle toonhoogten, decibels,... Een nummer dat hij leuk vindt, hoeft hij maar één keer te horen om het daarna perfect mee te neuriën. Van Twarres tot Rammstein. Eat your heart out, Pavarotti!
Toen hij 9 maanden oud was, zette hij zelf de muziek op die hij wilde horen. CD-spelers, boormachines en andere ingewikkelde apparatuur hebben al lang geen geheimen meer voor onze ingenieur in spe.
Wil je iets weten over het menselijk lichaam? Vraag het hem.
Sasha weet al sinds z'n derde welke weg melk en koekjes volgen alvorens ze in het potje belanden. De Hema-stethoscoop haalt hij regelmatig boven om m'n ademhaling en hartslag te conroleren. De acapunctuurnaaldjes van opa boort hij vakkundig in m'n vel. Het zou wel handig zijn, mocht hij de zenuwbanen ook nog weten liggen. Handig en economisch, zo'n dokter in huis.
Ga niet in discussie met Sasha. Met een streng gezicht, afgewisseld met de "gestrafte puppy-blik", haalt hij de nodige argumenten boven om me overstag te doen gaan als hij weer 's niet naar bed wil. Menig redenaar is al moeten afdruipen met een mond vol tanden. Leep Socratesje.
Kunst? Overroepen, volgens meneertje. Eén kleur en enkele penseelstreken volstaan om de essentie van iets weer te geven. De kleuterjuf begrijpt duidelijk niks van abstractie en nihilisme. Onze Jackson Pollock ligt er niet wakker van.
Ik hoop maar dat Sasha tevreden is wanneer hij dit verhaal naleest. Op je 4e mag je best wat kritisch zijn.
Nu even z'n luier gaan aantrekken. Een moeder mag niet alles willen, hè.
23. Kleine beer gaat slapen
Lidwien de Haan
Wij lezen onze kinderen al, vanaf dat de een paar maandjes oud waren, voor. Ze hebben het altijd als heel erg prettig ervaren. Toen ze nog geen twee waren, stonden ze al adembenemend in hun slaapzakjes in hun bedje te luisteren naar "de kleine maanbeer".
We hebben ook altijd hetzelfde boekje voorgelezen, omdat dat bij het slaapritueel ging horen.
Nu is onze zoon 3,5 jaar oud. Hij krijgt al een hele tijd een ander boekje voorgelezen, nl "Kleine beer gaat slapen". En soms leest mama wel eens een verkeerd woord voor, omdat mama wel eens een beetje moe is. Gelukkig luistert hij zo aandachtig mee dat ik direkt gecorrigeerd wordt: "Nee mama, daar staat haardvuur!"
Laatst ging ik eerst mijn andere zoon als eerste naar bed brengen. De ene zat al met zijn pyjama op zijn bed. Hij had zelf het boekje "Kleine beer gaat slapen" gepakt. Nadat ik de ene had ingestopt, ging ik naar de andere toe om hem zijn verhaal voor te lezen. Maar dat hoefde blijkbaar niet meer. Want toen ik even voor de deur stond te luisteren, hoorde ik hem zelf het boek "lezen". Woord voor woord en met de juiste intonatie. Ik stond te smelten voor de deur.
Ik ging daarna zijn kamertje op en zei dat hij een heel mooi verhaal had voorgelezen en vroeg hem het nogmaals voor mij voor te lezen. Dat deed hij met heel veel plezier. Maar daarna moest mama het toch nog wel één keer voor hem voorlezen. Die nacht is hij als een trotse "grote" jongen in slaap gevallen.
24. Snelle kids
I. Plattel
Mijn zoontje liep al los met 10 mnd,knap he!Ook mijn dochter begon al met 10 mnd langs tafels te lopen en gaat overal tegen aan staan en klimt nu 11mnd de trap al op!Wees er maar blij mee.
We hebben een auto voor de oudste maar Heidi 11mnd klimt er zelf op en af en rijdt er mee door de kamer ,voor haar verjaardag krijgt ze haar eigen auto.Fijn dat ik er hier trots op mag zijn ik zeg er altijd maar bij als ik het vertel dat het erg lastig is dat ze zo vlug zijn maar diep van binnen vind ik het geweldig.
25. Dol op auto's
Nicolette Gunnink
Nathan is nog maar pas 2 jaar maar kan tussen tientallen auto's die van zijn vader feilloos herkennen. Ook andere auto's die hetzelfde merk hebben.
In de afgelopen maanden hebben we 3 x een andere lease-auto gehad, maar binnen een dag herkende hij hem al weer. En ook de anderen blijven erin ziten.
Dus op de fiets wijst hij trots naar een voorbijrijdende Opel Astra, Seat Altea, of Peugeot 307 en roept hij: "Papa auto ja!" En bij een Kia: "Opa auto ja". Want opa heeft een Kia...
Door naar inzending 26 t/m 50.
|