Home » Artikelen » Hoeveel drinkt een baby

Hoeveel drinkt een baby?

Hoeveel moet een baby eigenlijk drinken? Duidt extra veel dorst op suikerziekte? En wat doe je als je kind te weinig drinkt?

Bij een baby die kunstvoeding krijgt, vraag je je doorgaans niet af hoeveel die nu eigenlijk drinkt. Je maakt een flesje volgens de instructies op de verpakking, en that's it. Pas wanneer er alsmaar veel melk overblijft, of als de baby honger blijft houden of niet goed groeit, is er misschien iets aan de hand. We komen daar straks op terug.

Bij een baby die borstvoeding krijgt, ligt het wat moeilijker. De moederborst bevat immers geen maatstreepjes. Hoe weet je dan of je baby voldoende drinkt? En als je begint met kolven, hoe weet je dan hoeveel je de baby moet geven?

Plasluiers

In de eerste week na de geboorte zal de hoeveelheid moedermelk die een baby drinkt geleidelijk toenemen. Je kunt dat zien aan de luiers. Per ouderdomsdag moet de baby hetzelfde aantal natte luiers hebben.

Dus:

  • op de 1e dag 1 volle natte luier;
  • op de 2e dag 2 volle natte luiers;
  • op de 3e dag 3 volle natte luiers;
  • enzovoorts.

Aan het eind van de eerste week heeft de baby, als alles goed gaat, 4 tot 6 zware, volle wegwerpluiers of 6 tot 8 kletsnatte katoenen luiers.

Poepluiers

Naast de hoeveelheid natte luiers kun je ook de poepluiers in de gaten houden. In het begin zal de baby zwarte meconium luiers hebben. Zodra de borstvoeding goed op gang komt, zul je geleidelijk de kleur van de luiers zien veranderen: van zwart naar bruin/groen naar mosterd-geel. Ook de hoeveelheid zal toenemen.

Veel baby's hebben in het begin bij elke voeding wel een vieze broek. Na ca. 6 weken kan dit patroon veranderen en kan het maar liefst 10 tot 14 dagen duren tot de volgende vieze luier wordt geproduceerd. Als de borstvoeding goed op gang is gekomen, dan valt dit allemaal binnen het normale patroon.

Let op: heeft een baby in de eerste dagen minder plasluiers dan hierboven aangegeven, of verandert de kleur van de poep niet zo duidelijk, dan kan het raadzaam zijn om een deskundige (bijvoorbeeld een lactatiekundige) te raadplegen. Misschien zijn er problemen rond het op gang komen van de melkproductie.

Hoeveel drinkt een baby aan de borst?

Er is nogal wat variatie in de hoeveelheid melk die baby's drinken. Zowel tussen baby's onderling als bij één baby per voeding.

Gezonde baby's drinken gemiddeld 750 tot 800 milliliter moedermelk per dag. Maar dat is een gemiddelde. Er zijn ook baby's die dagelijks maar 450 milliliter drinken, en anderzijds baby's die wel 1200 milliliter lusten op een dag!

Je zult dus zelf moeten uitzoeken hoeveel jouw baby wil drinken als je afgekolfde melk wilt gaan aanbieden, bijvoorbeeld in verband met werk. Daar bestaat echter wel een vuistregel voor.

Vuistregel

De richtlijnen voor een jonge baby (tot 6 à 8 weken) luiden als volgt:

  • elke 24 uur: 150 ml melk per kilogram lichaamsgewicht;
  • deel dit getal door het aantal voedingen om de hoeveelheid melk per voeding te berekenen.

Een voorbeeld. Stel dat uw baby 6 kilo weegt. Per 24 uur heeft hij dus 6 maal 150 is 900 ml afgekolfde melk nodig. Als deze baby 9 keer per etmaal drinkt, dan moet hij dus 900 gedeeld door 9 is 100 ml per voeding krijgen.

Naarmate baby's ouder worden (ouder dan 6 à 8 weken), gaat de bovenstaande rekenregel niet meer op. Bovendien hangt het ook af van het moment van de dag. Sommige baby's willen het ene moment van de dag aanzienlijk meer drinken dan het andere moment.

Tip: om er bij oudere baby's (ouder dan 6 à 8 weken) achter te komen hoeveel ze eigenlijk willen drinken, kun je experimenteren met aanvullende flesjes. Begin met een fles van 150 ml en ga dan door met kleinere flesjes (eerst 50 ml, dan twee van 25 ml, etc.)

Na 3 à 4 maanden

De hoeveelheid melk die (borstgevoede) baby's drinken, blijft niet onbeperkt toenemen. Na een maand of 3 à 4 zullen de meeste baby's op de maximale hoeveelheid zitten die zij per dag drinken.

U zult merken dat de baby niet zoveel blijft groeien als in de eerste paar weken. Gelukkig maar, anders zouden ze veel te groot en te zwaar worden! Het blijkt ook dat de hoeveelheid energie die een baby nodig heeft per kilogram lichaamsgewicht, langzaamaan afneemt. Dat alles zorgt ervoor dat de melkproductie van de moeder toch voor lange tijd volledig in de behoefte van de baby kan voorzien om deze goed te laten groeien.

Regeldagen

Regeldagen zijn periodes waarin kinderen een groeispurt doormaken, waardoor ze een grotere behoefte aan voeding hebben. De regeldagen treden doorgaans op in de volgende periodes:

  • rond 2 weken;
  • bij 4 à 6 weken;
  • bij 3 maanden;
  • bij 6 maanden.

Zie ook:

Te weinig melkproductie?

Geeft u borstvoeding en hebt u het idee dat u te weinig melk produceert? Dan kunt u het volgende doen.

  • Leg vaker aan. Door het aantal voedingen per dag op te hogen, zorgt u ervoor dat de baby meer zal drinken. De melkproductie past zich hierbij aan.
  • Laat de baby zelf bepalen wanneer het tijd is voor de andere borst. Dat kun je zien doordat de baby vaker zuigt dan slikt, of doordat de baby de borst zelf loslaat.
  • Als de baby na twee borsten nog steeds wil drinken, geef dan gerust weer de eerste en nogmaals de tweede borst. De melkproductie gaat altijd door, dus er is alweer te drinken in de eerste borst.
  • Als u kolft, en als u het idee heeft dat dat onvoldoende oplevert: kolf vaker en kolf dubbelzijdig. Liever vaker kolven op een dag dan een paar maal heel lang.
  • Voed één borst in de ochtend en kolf de andere af om uw voorraad aan te vullen. Of kolf één of twee uur na de laatste avondvoeding.

Dorst bij warme dagen

Borstvoeding bestaat voor 87,5% uit water. Met warm weer is het dus niet nodig een borstgevoede baby extra water te geven; u kunt hem of haar gewoon wat vaker aanleggen. Als u zelf erg transpireert, is het wel zaak uw eigen vochtgehalte op peil te houden. Uzelf kunt dus wel wat extra water drinken.

Sommige moeders hebben op warme dagen wat minder melk omdat ze zoveel transpireren. Extra voeden is dan niet alleen goed voor de baby maar ook om de melkproductie goed op peil te houden.

Dorst en suikerziekte

Als een kind alleen dorst heeft, zonder opvallende bijverschijnselen, dan is dat meestal onschuldig. Veel drinken is in principe gezond en goed, en sommige kinderen hebben gewoon een hoger vochtverbruik dan andere kinderen (actiever, meer zweten, etc.)

Veel dorst hebben kan echter ook een eerste symptoom zijn van een ziekte, zoals suikerziekte (Diabetes Mellitus). Maar in dat geval zijn er meestal nog meer dingen opvallend aanwezig.

Bij suikerziekte plassen kinderen enorm veel en zolang de suikerziekte niet wordt behandeld, blijven ze doorgaan met veel plassen. Daardoor krijgen ze enorme dorst; zo erg dat ze er 's nachts vaak wakker van kunnen worden. Tegelijkertijd dreigen ze ook uit te drogen, verliezen ze gewicht, en voelen ze zich meestal niet erg lekker.

Dus: als een kind geen enkel ander symptoom heeft dan gewoon dorst, dan klinkt dat heel onschuldig. In alle gevallen waarbij er wél andere tekenen van suikerziekte bijkomen, zoals hierboven beschreven, dan raden wij aan om met wat plas naar de huisarts te gaan en te laten nakijken of er misschien sprake is van suikerziekte.

Flesweigering

Veel ouders hebben moeite om hun (borstgevoede) kind uit een flesje te leren drinken. Heel wat baby's weigeren het domweg. Soms duurt het wel een maand of langer voor het lukt!

Misschien heeft u baat bij de volgende tips.

  • probeer eerst een klein beetje uit: 30 tot 50 ml is voldoende. De meeste baby's accepteren een flesje eerder als ze niet al te hongerig zijn.
  • neem een zo klein mogelijke opening in de speen. De baby kan een te grote (en te snelle) melkstroom moeilijker hanteren dan bij drinken uit de borst.
  • laat de baby zelf de speen in de mond nemen; ze houden er niet van om hardhandig iets vreemds in hun mond gepropt te krijgen;
  • overweeg om de klus door iemand anders te laten klaren;
  • druppel wat melk op de buitenkant van de speen;
  • experimenteer met verschillende spenen. De ene baby zweert bij Avent, de ander wil per se een Dodi;
  • probeer te voeden als de baby wat slaperig is;
  • experimenteer met verschillende soorten melk: ingevroren en ontdooid, of gekoeld, of vers gekolfd. Soms accepteert een baby de ene melk wel en de andere niet;
  • heb geduld! De baby is niet dwars of eigenwijs, maar moet gewoon leren om uit de fles te drinken. En elk leerproces kost tijd.

Als het allemaal niet helpt, dan kunt u proberen of uw baby melk wil drinken uit een bekertje (of een tuitbekertje), of gevoed wil worden met een voedingsspuitje, een druppelaar, of een lepeltje. Zelfs een rietje wil heel soms wel eens werken.

Hoe laat ik mijn kind meer drinken?

Regelmatig krijgen we vragen van ouders hoe ze hun kind meer kunnen laten drinken. Over het algemeen heeft een gezond kind 100 ml vocht per kilo lichaamsgewicht nodig per 24 uur. Zo heeft een kind van 6 kilo bijvoorbeeld 600 ml vocht per dag nodig. Maar wat doe je nou als je kind dat niet haalt?

In het verleden raadden we dan wel eens aan om creatieve trucs toe te passen, zoals 'laten spelen in het badje, met bekertjes en washandjes' (in de hoop dat het kind zo nog wat water binnenkrijgt), of zelfgemaakte waterijsjes geven. Onze kinderartsen zijn daar echter niet zo enthousiast over:

  • óf het kind drinkt dermate weinig dat het dreigt uit te drogen en dan moet je er (tijdig) een arts bij halen;
  • óf het kind droogt niet uit en dan is iedereen het meest gebaat bij rust in de tent. In dit geval moet je dus niet te veel druk uitoefenen en zeker niet continu vocht aanbieden.

Uitdroging

Kleine kinderen kunnen heel snel uitdrogen, vooral bij braken en diarree. Als er sprake is van uitdroging (dehydratie), moet je er meteen een dokter bijhalen. Maar hoe herken je uitdroging nu eigenlijk?

Belangrijke symptomen voor uitdroging zijn:

  • minder gaan plassen;
  • minder alert worden;
  • snelle ademhaling;
  • droge slijmvliezen (zoals een droge mond);
  • de ogen komen dieper te liggen;
  • het hartje gaat sneller kloppen.
  • een ingezonken fontanel (bij baby's).

Ook is het gewicht van belang. Bij uitdroging kan het gewicht behoorlijk afgenomen zijn.

Tip: gaat u op vakantie, neem dan ORS (Oral Rehydration Salt) mee. Dat is een poeder bestaande uit een mengsel van suiker en zout. Opgelost in water wordt het toegediend aan uitgedroogde kinderen (bijvoorbeeld: elk uur 100 ml), onder andere bij veel braken, ernstige diarree of een verblijf in de tropen.

Het effect van ORS is dat het water beter wordt opgenomen in het lichaam dan gewoon water (zonder ORS), en dat het zoutgehalte op peil blijft. De gewenste concentratie (hoeveelheid poeder per hoeveelheid water) leest u op de verpakking of in de bijsluiter. ORS is verkrijgbaar bij apotheken en drogisten.

Henk Boeke

is redacteur van Ouders Online

Nanny Gortzak

is lactatiekundige IBCLC. Ze begeleidt informatiegroepen voor zwangere en borstvoedende vrouwen.