Meld je hier aan voor de gratis webinars tijdens De Week van de Opvoeding

6 september 2013 door Justine Pardoen

Luizen discrimineren niet

Iedereen kan luizen krijgen. Wat je ook doet of wie je ook bent. Maar áls je ze hebt, wat dan? Justine Pardoen beschrijft een jaarlijks terugkerend probleem. Met praktische tips en trucs tot slot.

Elk jaar is het weer zover: vlak na de grote schoolvakantie krioelt het op de kinderkoppen van de hoofdluis. De controle is wat verslapt, iedereen is op pad geweest naar andere oorden, en de jassen hangen weer gezellig dicht tegen elkaar aan. Kortom: de hoofdluis grijpt gemakkelijk om zich heen op een basisschool. Met frisse zin sluipen de luizen van hoofd naar hoofd, om zich veilig te nestelen waar de haren lang (liever bij meisjes!) en de plekjes warm zijn (onder de pony, achter de oren en in de nek).

Niets aan de hand. Hoofdluis is een onschuldige aandoening. Ze zuigen bloed uit de huid en dat jeukt. Ga consequent kammen met een netenkam in natte haren, en het probleem wordt opgelost.

Gif of kammen

Toch boezemt de gedachte dat die beesten vrij spel krijgen in het haar van hun kind, en misschien wel iedereen in huis, veel gewoon angst in. Sommige ouders hebben dan de neiging een giftig product te gebruiken, in de hoop in één keer van de luizen verlost te zijn. Andere ouders mijden het gif, en gaan dapper aan de slag met het kammen van natte haren met een netenkam (de nat-kammethode). Dat moet je wel elke dag doen, anders heeft het geen zin.

Jaar in jaar uit dezelfde luizenexplosie aan het begin van het schooljaar. Dan zou je toch denken dat scholen inmiddels wel weten hoe ze die beesten moeten tackelen. Inmiddels liggen er protocollen klaar op scholen, er zijn luizenmoeders, en iedereen weet wat hij moet doen. Alle kleding wassen en alle stoffering schoonmaken hoeft niet meer. Zolang je maar heel consequent kamt. Wat dat betreft kan het met een stuk minder gif dan vroeger.

Wat is het probleem?

Wat is dan eigenlijk nog het probleem? Niet alleen bij ouders, maar vreemd genoeg ook bij leerkrachten, zie je soms overdreven reacties. Karina: "Bij ons op school is stilzwijgend als nieuwe regel ingesteld dat je je kind direct van school moet ophalen als hij luizen of neten (de eitjes) heeft. Je kind wordt apart gezet zolang het niet is opgehaald. Nogal heftig voor het kind, lijkt mij. Is dit een effectieve methode?"

Niet elke school doet het zo. Een andere Amsterdamse school meldt desgevraagd het onzinnig te vinden dat ouders op hun werk gebeld worden. "We geven het kind gewoon een brief mee in de tas. Wij doen er niet moeilijk over, maar we willen er wel vanaf. Daarom informeren we de ouders hoe te handelen en roepen we alle ouders op tot een dagelijkse controle. Natuurlijk is elke vorm van quarantaine pedagogisch volstrekt onverantwoord. Scholen die kinderen voor een dag of twee naar huis sturen, begrijpen niet dat je hoofdluis ook kunt opdoen op de sportclub en in de tram."

Nieuwe slachtoffers

Scholen kunnen zelf bepalen hoe ze met hoofdluis omgaan, en dus met de betrokken kinderen en ouders. Sommige scholen blijven nuchter en informeren zonder schaamte. Ze stimuleren dat kinderen er openlijk over praten als een probleem dat je gezamenlijk aanpakt, en ouders wisselen tips en trucs uit. Andere scholen zijn nog lang niet zo ver. Ze nemen maatregelen uit wanhoop, zo lijkt het, zonder te beseffen dat ze het hiermee de pesters wel erg gemakkelijk maken met het uitzoeken van nieuwe slachtoffers.

Of een kind hoofdluis oploopt, heeft niets te maken met de sociale of etnische achtergrond van het kind. Dat is uit onderzoek gebleken. De luis discrimineert niet.

Kenmerken

  • luizen zijn te herkennen aan jeuk op het hoofd;
  • als je luizen of neten (= eitjes) ziet, is er besmetting;
  • een volwassen luis is ongeveer 3 mm groot;
  • luizen leggen 6 eitjes per dag, vlakbij de haarwortel;
  • één luis kan tijdens zijn (korte) leven 240 eitjes leggen;
  • neten zijn meestal grijswit en lijken erg op roos;
  • roos zit los maar neten zitten vast;
  • luizen zoeken warme plekjes (achter de oren, etc.)

Doen

  • vertel het de crèche, de school en de omgeving;
  • inspecteer alle huisgenoten;
  • was de haren met een natuurlijke luizen-shampoo;
  • kam de haren met een goede (metalen) neten-kam;
  • gebruik een crèmespoeling om het kammen eenvoudiger te maken;
  • kam goed vanaf de hoofdhuid, daar zitten de eitjes! reinig kammen, borstels en haarbandjes;
  • kam alle huisgenoten tot 2 weken na de laatste luizenvondst minstens 1 maal per dag;
  • besproei de haren voor het kammen met een mengsel van azijn en water (1:4) en laat het
    intrekken. Dat weekt de neten los.

Niet doen

  • schaam je niet en raak niet in paniek;
  • wees niet terughoudend bij het rondvertellen;
  • ga meteen aan de slag (wacht niet tot het weekend);
  • verspil geen energie aan een grote schoonmaak;
  • maak geen stomerij-kosten;
  • sla het kammen niet een dagje over;
  • gebruik liever geen medicinale luizen-shampoos.

Goed om te weten

  • een luizenbesmetting is geen schande;
  • luizen kunnen wel lopen maar niet zwemmen, springen of vliegen;
  • kinderen stoeien, raken elkaar aan, gebruiken elkaars knuffels en hebben de jassen naast elkaar hangen;
  • de vatbaarheid voor luizen verschilt per persoon;
  • luizen houden van schone, droge haren omdat hun klauwen uitglijden op vet haar.

Preventieve maatregelen voor als 'het' heerst

  • wissel geen kammen of haarborstels uit;
  • doe jassen (en straks als het kouder wordt ook de mutsen en sjaals) in een luizenzak of een luizencape aan de kapstok;
  • doe de jassen van het bezoek aan een aparte kapstok;
  • doe lang haar in een staart of een vlecht;
  • probeer Tea-tree olie of andere olie-achtige middelen bij wijze van preventie;
  • controleer altijd de haren met een stofkam na het wassen;
  • kam ook jezelf.