Home » Artikelen » Probleemloze sexting wordt niet meer vervolgd

Probleemloze sexting wordt niet meer vervolgd

Door:

Justine Pardoen

Sexting wordt niet meer vervolgd als jongeren met wederzijds goedvinden seksuele beelden van zichzelf uitwisselen. Maar wat moet je doen als er iets is misgegaan?

Volgens de letter van de wet is sexting altijd strafbaar. Want: als jongeren seksueel getinte beelden van zichzelf uitwisselen, om te flirten of te experimenteren, dan verzenden ze in feite kinderporno. We waarschuwden daar al eerder voor, in Wat iedereen moet weten over sexting.

Maar gelukkig is er nu een nieuwe leidraad (*) van het Landelijk Expertisecentrum Kinderporno (een samenwerkingsverband van de politie en het Openbaar Ministerie) die gebaseerd is op gezond verstand. Daarin wordt geadviseerd om sexting niet strafrechtelijk te vervolgen als er niets bijzonders aan de hand is. Van de leidraad is sinds kort een publieksversie beschikbaar.

Er is wél iets bijzonders aan de hand wanneer de beelden onder dwang tot stand zijn gekomen, of als ze achteraf gebruikt worden om te pesten, of als ze openbaar verspreid zijn. In dat soort gevallen zullen de politie (opsporing) en het Openbaar Ministerie (vervolging) nog wel degelijk actie ondernemen.

Al met al zijn we heel blij met die nieuwe leidraad, die nuchter van toon is, en gebaseerd op goed onderzoek en gezond verstand. Zowel de politie bij u om de hoek, als de medewerkers van het OM, weten nu waar ze aan toe zijn, en hoe ze het beste kunnen handelen.

Maar wat kun je zélf – als ouders, of als school – het beste doen, als er iets bijzonders aan de hand is? Eerst een paar feiten cijfers, daarna onze adviezen.

Cijfers

Waar hebben we het over? Sexting is geen massaal probleem maar echt uitzonderlijk is het nou ook weer niet:

  • 8% van de Nederlandse jongens en 4% van de meisjes liet het afgelopen jaar hun borsten, billen of geslachtsdelen zien voor de webcam (bron: onderzoek Seks onder je 25e (2012));
  • 3% van de jongeren plaatst seksueel getinte foto's op internet, 4% filmt seksuele handelingen met leeftijdsgenoten, en 6% deelt deze filmpjes via internet (bron: onderzoek Hogeschool Leeuwarden).

Onaangename situaties

Het OM krijgt steeds vaker te maken met sexting. Soms zijn die beelden gemaakt via chantage, of door volwassen daders. Maar lang niet altijd is er sprake van criminele omstandigheden of seksueel misbruik; vaak gaat het 'gewoon' om pubers die aan het experimenteren zijn.

Verspreiding van zulke beelden kan wel leiden tot zeer onaangename situaties, vooral voor degenen die op die beelden herkenbaar zijn. In de praktijk blijken ouders en scholen, maar ook sommige politieagenten, daar niet altijd goed mee om te gaan.

Schadelijkheid en vervolging

Als de beelden verspreid zijn, moeten ouders en school goed samenwerken om het slachtoffer te helpen. Daarnaast moet aan iedereen die meegewerkt heeft aan het doorsturen van die beelden duidelijk gemaakt worden dat het echt onacceptabel is wat ze gedaan hebben: het is schadelijk voor het slachtoffer en altijd strafbaar (al zal het niet altijd vervolgd worden).

Het OM ziet nu echter in dat het niet altijd wenselijk is om daders ook daadwerkelijk te vervolgen, met name als het gaat om beelden die zijn ontstaan in een relatie tussen verliefde tieners. Dat wil zeggen:

  • als beide minderjarig zijn;
  • als er geen dwang was;
  • en als er geen sprake was van ongelijkwaardigheid.

Als je dan gaat vervolgen, krijgen de tieners een zedenstrafblad waar ze hun hele leven niet meer vanaf komen. En aangezien steeds meer opleidingen vragen om een VOG (verklaring omtrent gedrag), zou dat betekenen dat je beroepskansen ernstig beperkt worden.

Sexting en school

Bijna iedere school krijgt minstens een keer per jaar te maken met een geval van sexting. Maar lang niet alle scholen hebben bedacht hoe ze hiermee omgaan. Sterker nog: we horen nog steeds van ouders dat scholen net doen alsof er niets aan de hand is.

Dat moet anders, want ook al zal het OM geen strafvervolging inzetten, er moet wél iets gebeuren. Zowel de slachtoffers als de daders hebben begeleiding nodig.

Adviezen voor ouders

Aan ouders adviseren we het volgende:

1. Licht de school in, zodra je merkt dat er naaktbeelden circuleren. Ook als het niet om je eigen kind gaat. De school kan contact opnemen met het wijkteam van de politie, zodat in overleg met de zedenrechercheur geprobeerd kan worden de beelden zo snel mogelijk van het net te krijgen. Hoe eerder dat gebeurt, hoe groter de kans dat de schade beperkt kan blijven.

2. Als het je eigen kind betreft, doe dan zelf aangifte. Met de nieuwe richtlijn van het OM weet de politie inmiddels wel hoe ze hiermee moeten omgaan. Vraag om een gesprek met de zedenrechercheur, en laat het aan hem of haar over om ervoor te zorgen dat verdere verspreiding van de beelden zo snel mogelijk voorkomen wordt. Ga niet op eigen houtje aan de slag, zodat eventueel bewijsmateriaal niet verloren gaat.

3. Kijk goed naar je kind. Afhankelijk van wat er precies gebeurd is, kan een sexting-slachtoffer zich net zo gekwetst voelen als bij een aanranding of een verkrachting. Schakel eventueel via de huisarts een deskundige in om je kind te begeleiden.

4. Overleg met school over maatregelen (op de school zelf), maar betrek daar wel je kind bij. De school kan eisen van de leerlingen dat ze de foto('s) van hun smartphone verwijderen. Natuurlijk zal zo'n oproep nooit helemaal het gewenste resultaat hebben, maar je voorkomt verdere verspreiding wel iets. En – heel belangrijk – je geeft er een duidelijk signaal mee. Namelijk: het doorsturen van deze beelden is niet alleen strafbaar, we vinden het ook echt onacceptabel en we zullen er alles aan doen om de schade zo veel mogelijk te beperken.

Werkt school niet mee? Neem dan eerst zelf contact op met de wijkagent die de school in zijn of haar wijk heeft, voor hulp en steun in het contact met school. In tweede instantie kun je bellen met een vertrouwensinspecteur van de onderwijs-inspectie.

Adviezen voor scholen

Scholen kunnen het beste als volgt te werk gaan:

1. Pak de verspreider(s) aan, liefst in samenwerking met de politie. De politie kan ook helpen om voorlichting op school te geven over de gevolgen van sexting. Maar ook andere organisaties kunnen daarbij helpen (zie de links aan het eind van dit artikel). In het ideale geval weet de school hoe ze willen optreden tegen de daders, maar in ieder geval moet er vanaf nu een zinvol beleid worden bepaald. Wordt het een schorsing, een taakstraf binnen school, of zijn er alternatieve straffen denkbaar die de mediawijsheid van leerlingen vergroot, zoals het houden van een presentatie?

2. Ga in gesprek met leerlingen. Er is veel lesmateriaal beschikbaar om jongeren bewust te maken van grenzen bij seks en relaties en hen te leren hoe ze respectvol met elkaar kunnen omgaan. Misschien lijkt zo'n foto voor sommige leerlingen grappig, maar is dat ook zo als het je zus is? Of je beste vriendin? En weten leerlingen wel dat zulke foto's doorsturen strafbaar kan zijn, en dan kinderporno heet? De meeste jongeren (en volwassenen) weten dit niet, en schrikken.

3. Help het slachtoffer weer naar school te gaan. Overleg met het slachtoffer en de ouders. Bespreek wat er nodig is om weer op een (sociaal) veilige manier naar school te kunnen. Bijvoorbeeld door een excuusbrief, een klassengesprek (eventueel onder leiding van een externe deskundige), een vaste vertrouwenspersoon of juist géén bijzondere aandacht. Vraag wat het slachtoffer zelf wil. De school kan de ouders en het slachtoffer ook helpen bij het doen van aangifte.

Hulpbronnen

Vraaghetdepolitie.nl
Website van de politie, speciaal voor jongeren.

Mediaopvoeding.nl
Website waar ouders en docenten vragen kunnen stellen aan deskundigen.

Helpwanted.nl
Informatie en advies voor ouders, leerkrachten én jongeren.

Wecanyoung.nl
Ondersteuning om in gesprek te komen met leerlingen.

Rutgerswpf.nl
Voorlichtingsmateriaal, lesmateriaal en trainingen.

Mijnkindonline.nl
Informatie over kinderen en internet.

Meldknop.nl
Vervelende dingen melden.

Centrumseksueelgeweld.nl
Medische, forensische en psychologische hulp. (Officieel alleen voor inwoners van de provincie Utrecht, maar je kunt natuurlijk gewoon bellen voor advies.)

(*) Bron

De leidraad van het Landelijk Expertisecentrum Kinderporno (voluit: 'Leidraad afdoening minderjarige verdachten in kinderpornozaken', april 2013) is een intern stuk, en niet openbaar toegankelijk. Wel is er sinds kort een publieksversie beschikbaar.

Justine Pardoen

is hoofdredacteur van Ouders Online en gespecialiseerd in kinderen en media.