Tanden wisselen: van wiebeltanden naar het nieuwe gebit

De eerste wiebeltand, een bezoekje van de tandenfee en knotsen van tanden: het tanden wisselen is begonnen. Een nieuwe mijlpaal in het leven van je kind. Vanaf wanneer beginnen die wiebeltanden eigenlijk? Wat moet je doen als de grote-mensen-tanden schots en scheef doorkomen of als je kind een rij ineens extra kiezen heeft? En hoe zit het eigenlijk met poetsen van nieuwe tanden? Mag dat nou wel of beter van niet? Het antwoord op deze en andere vragen over tanden wisselen geven we je in dit artikel.

Het melkgebit

Je kunt je waarschijnlijk de overgang van dat tandeloze mondje naar baby met een tand nog wel herinneren. Meestal krijgen baby’s vanaf ongeveer 6 maanden hun eerste tanden. Dit loopt langzaam door en rond de 3 jaar heeft je kind zijn melkgebit compleet. Hij heeft dan zo’n 20 tanden en kiezen. Je hebt dan even een paar jaar rust op het gebied van de tanden, maar rond de kleuterleeftijd breekt er weer een nieuwe fase aan.

Verschil melktanden en ‘grote mensen tanden’

Grote mensen tanden, het blijvende gebit, zijn vaak geler van kleur. Deze gelere kleur is normaal en gaat niet weg met poetsen. Dit komt door de opbouw van het glazuur. Dit glazuur is niet alleen wat geler, maar ook sterker.

Melktanden en -hoektanden zijn vaak (veel) kleiner dan hun blijvende versies. Ook hebben de nieuwe tanden een kartelrandje, drie bobbeltjes op het snijvlak van de tand. Door de natuurlijke slijtage gaat deze kartelrand vanzelf weer weg.

Wanneer begint een kind met wisselen?

Het wisselen van tanden gaat, net als de rest van het leven met kinderen, in fases.

De eerste fase begint gemiddeld als kinderen 5 à 6 jaar oud zijn. Gemiddeld: het kan dus ook met 4 of met 7. Bij de meeste kinderen begint dan een van de middelste ondertanden te wiebelen of komt een van de achterste melkkiezen door. Deze wisselen dus niet, maar komen er ‘gewoon’ extra bij. In de eerste fase krijgen kinderen ook grote-mensen-kiezen in hun bovenkaak en wisselen ze hun voortanden boven.

De rustfase, of intertransitionele fase, begint als kinderen gemiddeld 9 à 10 jaar zijn. Er lijkt dan niks te gebeuren: er wisselen geen tanden en komen geen nieuwe kiezen door. Maar… niets is wat het lijkt. In het kaakbot verandert er wel van alles. Hier krijgen de wortels van het volwassen gebit steeds meer vorm. Hierdoor worden de nieuwe tanden omhoog geduwd, wat de wortels van het melkgebit afbreekt.

Hierna begint de tweede wisselfase. Deze begint meestal als je kind 10-11 jaar oud is. Je herkent de start van deze fase aan het wisselen van de hoektanden onder en/of het wisselen van de eerste kies. Aan het eind van deze fase is je kind 13-14 jaar. Bij de meeste kinderen is het melkgebit nu helemaal gewisseld voor het blijvende gebit. Ook krijgt je kind tijdens deze fase een 2e grote kies achter zijn achterste kiezen. Let op: dit zijn geen verstandskiezen. Als deze doorbreken is dat vaak tussen de 18 en 24 jaar. Maar het komt ook vaak voor dat je geen verstandskiezen hebt of dat er niet genoeg ruimte voor is om goed of helemaal door te komen.

Funfact: Verstandskiezen hebben niets te maken met je verstand - hersenen. Het gaat over de stand ver achter in je mond. Ver-stand-kiezen dus.

Pijn, koorts en andere ongemakken

Waar het tanden krijgen vaak gepaard gaat met pijn, koorts en hangerigheid, doet wisselen bij de meeste kinderen geen pijn. Iets hards eten kan niet zo prettig zijn, net als het gevoel van zo’n wiebeltand. Heeft je kind heel veel pijn met wisselen, dan is het slim om even langs de tandarts te gaan.

Tand scheef na wisselen of 2 rijden tanden?

De grote-mensen-tanden en kiezen groeien niet meer vanaf het moment dat ze doorkomen. Hierdoor lijken ze in verhouding (te) groot voor de kaak. Ook komen ze vaak scheef door, omdat de kaak van je kind nog te weinig ruimte heeft voor het nieuwe aantal tanden en kiezen. Dit trekt vaak vanzelf recht op het moment dat de kaken van je kind gaan groeien. Blijven er dingen schots en scheef staan? Dan kan het zijn dat je kind een beugel nodig heeft.

Ook zie je vaak dat de nieuwe tanden achter de melktanden doorkomen. Je kind heeft dan tijdelijk een dubbele rij tanden. Dat vraagt nieuwe en extra poetsvaardigheid. Ook deze dubbele rij tanden verdwijnt vaak vanzelf weer.

Wanneer moet je contact opnemen met de tandarts?

Het wisselen gaat bijna altijd vanzelf, maar dus niet altijd. Als je je zorgen maakt kan het nooit kwaad om het met je tandarts te bespreken. Het is sowieso een goed idee om eens advies op te vragen bij de tandarts als:

  • Je kind erg lang en veel pijn heeft bij het wisselen
  • De melktanden vast blijven zitten, terwijl de volwassen tanden er voor of achter zijn doorgekomen.
  • De ene helft van het gebit meer dan 6 maanden later wisselt dan de andere kant.
  • Je kind 8 jaar of ouder is en nog een volledig melkgebit heeft.

Tanden poetsen tijdens het wisselen

Als je kind aan het wisselen is, dan zijn sommige plekken in hun mond extra gevoelig. Toch moet je ook nu goed blijven poetsen. In een doorbrekende kies kun je namelijk extra snel gaatjes krijgen. Het glazuur is nog niet helemaal hard geworden. Let goed op met suikers en zuur tijdens deze periode en blijf goed poetsen.

Lees ook: