Home » Artikelen » Van onderen yoni piemelien of plasbips

Van onderen, yoni, piemelien of plasbips

Door:

Justine Pardoen

Van januari 1999 tot april 2001 verzorgde Ouders Online elke woensdag een halve pagina over 'opvoeding' in het dagblad Trouw, geïnspireerd op datgene wat er die week bij Ouders Online was voorgevallen. Het onderstaande artikel maakt deel uit van die serie.

Trouw

De moeders van vroeger noemden het de 'voorbillen', maar de meisjes van toen vinden dat zo afschuwelijk dat ze voor hun eigen dochters op zoek zijn naar aan ander woord.

Elk half jaar komt het opnieuw aan de orde op het Forum van Ouders Online. Joanne: "Jongens hebben een plassertje of een piemeltje en niemand vindt het vreemd om die woorden te gebruiken. Bij meisjes ligt dat anders. Vroeger bij ons thuis (drie meiden) werd er geen speciaal woord gebruikt en ook mijn vriendinnen met dochters omzeilen het. Wie heeft een suggestie?" Sommige moeders noemen het bij een meisje ook gewoon 'plasser', maar anderen vinden dat gek of gebruiken het alleen in afwachting van een betere oplossing.

Wilma noemt het 'plasgootje', maar achter dat woord echoot de stem van de luierreclame met het 'voorgevormde plasgootje'. Tanja heeft het over 'tutje' of 'tut', maar sommige kinderen bedoelen daar hun speen mee. Om dezelfde reden keurt Mieke 'muts' en 'doos' af: te verwarrend. Het ouderwetse 'van onderen' voldoet ook niet meer. Petra: "Toen ik op vakantie mijn grote stiefdochter vroeg of ze zich ook van onderen ging wassen, ging ze haar voeten wassen!"

De een vindt 'spleetje', 'sneetje' of 'gleufje' te grof of te passief ("alsof het alleen maar is om er iets in te stoppen") en kiest daarom voor 'kutje', terwijl anderen dat juist weer niet over hun lippen kunnen krijgen. Ook 'poesje' en 'pruim' vinden veel moeders zo sexueel beladen. Laura: "Al van het intypen van die woorden heb ik het schaamrood op mijn kaken."

De meeste ouders kiezen iets bedekkenders. Mare noemt het 'poentje', een afkorting van 'punany' een Afro-Amerikaans slang-woord voor 'vagina'. De dochter van Aarnoud heeft 'violen' ("Als ze straks de bloemetjes maar geen kutjes gaat noemen.") Renate kiest voor 'roosje', dat veel gebruikt wordt in Suriname. Nienke noemt het 'yoni', zoals in de Kama Sutra. In het gezin van Anna heet het 'fotsje'. Monique houdt het op 'flutsie' of 'fluts' en Dory noemt het 'tum'. Van die lieve woordjes zijn gauw gevonden. Als je de piemel 'pipi' noemt, mag het meisje een 'mimi' hebben. Er zijn meisjes die 'flapjes' hebben, of een 'frummeltje'. Alles kan, natuurlijk, maar voor hoelang?

Sarah: "Wij noemden het eerst 'doosje', maar dat vonden ze op de crèche zo idioot, dat we erover zijn gaan nadenken." En dat is volgens Penelope Leach wel de moeite waard. Kinderen nemen jouw woorden direct over, en daarmee -- zo waarschuwt Leach in haar handboek 'Baby en kind' -- zit het gezin jarenlang vast aan de woorden die je in het begin introduceert. Kinderseksuologe Sanderijn van der Doef raadt ouders aan om vooral iets te kiezen dat je zelf prettig vindt om uit te spreken. Volgens Van der Doef maakt het niet uit welk woord je gebruikt, als je ook maar vertelt hoe alles in elkaar zit. Ook vindt ze het belangrijk dat een kind leert hoe anderen het noemen: "Geen mens zal je kind begrijpen als ze zegt dat er iemand aan haar roosje zat."

Simon kan zich er niet druk om maken: je kind verzint straks zelf wel iets of het komt met iets thuis wat ze op school gebruiken. Zo ontdekte Anita dat het in haar streek de gewoonte is om te zeggen dat men 'alle straten' goed schoon moet wassen. Of vegen natuurlijk. De dochter van Marjolein leerde op school haar 'plasbips' te vegen. Op scholen hoor je ook nog wel eens het vermaledijde 'voorbillen' of 'voorbips'. De dochter van Ingrid heeft sinds de peuterschool een 'muisje'.

Martinette vraagt zich af waarom we toch niet gewoon 'vagina' kunnen zeggen: "Het is een 'zacht' woord, het verwijst niet alleen naar de plasfunctie en het bestaat al. Onze kraamverzorgster noemde het ook al zo. Ik vond dat eenduidig, respectvol, lief en mooi klinken." Maar met 'vagina' slaan we het plasgedeelte weer over. Met 'vulva' zijn twee van de drie gaatjes benoemd, maar niemand gebruikt het. Te medisch. Marjet: "Ik heb het over de drie gaatjes: poepgaatje, plasgaatje en babygaatje." Te plastich en nog niet eens volledig.

Plotseling is er dan een woord waar andere ouders op het Forum enthousiast op reageren: 'piemelien'. Dat we daar niet eerder op gekomen zijn! Erika: "Het grote voordeel is dat bijna iedereen meteen weet waar je het over hebt." Maar toch is ook dit niet het laatste woord. Niets is concreet genoeg, zonder plat of grof te zijn. En alle 'lieve' woorden zijn weer zo particulier dat anderen niet weten wat ermee bedoeld wordt. Soms moet iedereen gewoon toch zijn eigen wiel uitvinden.

Justine Pardoen

was hoofdredacteur van Ouders Online tot 1 september 2018.

Meer over

Onderwerpen: 

Lees verder