Meld je hier aan voor de gratis webinars tijdens De Week van de Opvoeding

28 april 2006 door Esther de Charon

25. Familiejaloezie

Ben je na je 40e nog geschikt als moeder? Gaan de mensen dan vragen: "Bent u met uw kleinkind aan het wandelen?" Welke vooroordelen kom je tegen en hoe werkt het in de praktijk? In deze column vertelt Esther de Charon hoe het voelt om een oudere moeder te zijn, wat er gebeurt, en hoe je ermee omgaat.

In mijn stukjes ben ik soms behoorlijk openhartig, althans dat vind ik zelf. Ik sta er soms zelf van te kijken. Met schijnbaar groot gemak verspreid ik mijn zwakheden over de elektronische snelweg. Ik vind het veel leuker om vage angsten en losgeslagen emoties te beschrijven, dan de perfecte staat waarin mijn zoon verkeert. Ik kan schrijven over de prachtige dag in Artis, dat knalblauw hem zo leuk staat, en hoe fijn het knuffelen is. Maar u merkt het al: leuk voor mij. Voor u niets aan.

Dus etaleer ik met een vette knipoog blijmoedig de minder fraaie kanten van mijn karakter. Dat dit niet door iedereen wordt begrepen, blijkt uit e-mails van verontwaardigde lezers. "Hoe kun je dat nou doen?" vragen ze. Maar er zijn ook lezers die wel zich herkennen in mijn vele karakterfouten.

Nu doet het openbaar spijt en schuld betuigen het al jaren goed in Nederland. De huisvrouw uit Bruinesse gaat bij de buurvrouw op bezoek om te zegen dat het haar spijt dat ze de buurman haar bed in heeft gesleept. De camera loopt mee als openbare stok achter de deur. Wij zitten thuis met samengeknepen billen van plaatsvervangende schaamte op de bank.

Hier komt er weer een

Dan zijn mijn bekentenissen nog kinderspel. Tot nu toe dan. Want hier komt er weer een: ik heb last van jaloezie. Gelukkig kent u die gevoelens niet. Maar ik heb ze wel. Het is niet eens zo dat ik een ander het geluk niet gun. Welnee, ik ben dol op mensen die door het geluk worden toegelachen. Mensen die de jackpot binnenhalen als hun product naar de beurs gaat, juich ik toe.

Nee, ik ben jaloers op dingen die ik nooit zal kunnen krijgen. Een grote familie bijvoorbeeld. Je hoort er wel eens over. Mensen met een hechte familie die bij elkaar in de buurt woont. Met onverwachte picknicks op het zonovergoten gazon, en opa's en oma's die vechten erom om op de kleinkinderen te mogen passen. Een familie waar iedereen van elkaar houdt.

Veilige moederschoot

Vooral in de tijd dat in mijn familie vrijwel iedereen ruzie met elkaar leek te hebben, verlangde ik intens naar een familie als een veilige moederschoot. Maar alles wat ik had, was een fikse ongelukkigheid die maar niet voorbij ging. Geen man, geen kind, maar een wild meisje in de spannende grote stad. Vrienden kregen kinderen en hadden daarmee hun eigen familie. Mijn kinderbarende jaren leken voorbij en er was geen gezin om mij aan te laven.

Ja, ik wist ook toen wel dat de ideale familie niet bestaat. Behalve in films dan. Maar dat maakte het verlangen en de jaloezie niet minder. Ook mijn zusje had er last van.

Tot tranen geroerd herhaalden we de scène uit Fanny och Alexander, de film die Ingmar Bergman maakte met zijn eigen jeugd als inspiratiebron. In die scène is het kerstavond en de familie komt met de arrenslee thuis van de nachtmis. De belletjes van de slee klinken door de nacht en moeder gooit met een ferme beweging het raam wijd open. "Daar komt mijn familie", roept ze door de nacht. Maar dan in het Zweeds natuurlijk.

Je welkom weten

Ach, je zo welkom weten, dat wilden we zo graag. Inmiddels is mijn zusje zelf zo'n moeder. Als trotse hoedster van dochter, zoon, man, hond, konijn, huis en eigen bedrijf, gooit ze zelf de ramen open om haar familie te verwelkomen.

Ikzelf loop nog steeds met grote verbaasde ogen rond bij de gedachte dat ik – en dat op mijn leeftijd – een eigen gezin heb. Als geliefde, met onze zoon op zijn schouders, komt aanlopen, ontploft mijn hart bijkans met de wetenschap: "daar komt mijn familie".

Gezin met veel kinderen

Maar vanuit jaloers oogpunt schort er nog van alles aan mijn ideale familie. Het eerste familielid woont op een afstand van ruim tweehonderd kilometer. Samen een kop thee drinken kost een dag. Even een paar uur met oma spelen zit er niet in. Er gaan soms weken voorbij totdat we elkaar weer eens zien.

En alsof dat niet al een klap is voor de jaloerse geest, is er nog zoiets als de geringe proportie van mijn gezin. Daarmee kom ik op mijn tweede onmogelijke jaloezie: het gezin met veel kinderen.

Echt waar, u hoeft mij niet te laten weten dat ik dankbaar moet zijn dat ik een kind heb. Dat ben ik namelijk iedere dag weer. Maar ik ben gewoonweg jaloers op vrouwen die wéér zwanger zijn. Vooral op die ene moeder bij de crèche.

Zeer zwanger leunde ze van de week tegen het aanrecht aan. "Gaat het goed met je?" vroeg ik. "Ja hoor", zei ze opgewekt. "Het is al een beetje een routineklus. Het is de derde al."

Ik wil er ook drie (of vier)

Drie! Ik wil er ook drie. Waarom wist ik nou al die jaren geleden nog niet dat Geliefde de man van mijn leven was? Waarom hebben we eerst al die omwegen gemaakt? Dan waren we gelijk kindjes gaan maken en niet pas toen ik al 41 was. Dan had ik er ook drie kunnen hebben. Een huis vol met over elkaar buitelende kinderen.

Of nog beter: vier jongens, zoals in de serie 'de Daltons'. Of toch maar van alles wat en dat er dan ook een meisje is. Dan kan ik met haar giechelen en dagenlang op zoek gaan naar het perfecte roze jurkje in combinatie met superstoere laarzen.

En dat we dan thuis komen in ons ruime huis aan de rivier en de jongens dan in de boomhut zitten en papa in het theehuis aan zijn boek schrijft. Opa en oma zitten in rotan stoelen in de tuin en hebben reuze veel plezier. Een paar neven zitten te flikflooien met de buurmeisjes en hun nichtjes staan met zelfgemaakte hengels tot aan hun knieën in het water. Tante staat in de keuken en bakt een brood. En met rode wangen gooien mijn dochter en ik onze tassen op het gazon en vallen bijna over elkaar heen met mooie verhalen.

Het geluk

Zoiets. Dat wil ik nou. En ik wil ook het geluk dat ik er bij voel als ik het opschrijf.

Ik weet dat die familie niet bestaat. Maar als u een familie heeft die daar ook maar een klein beetje bij in de buurt komt, dan ben ik nu officieel jaloers op u.

Lees ook: