Home » Columns » 33 een nieuwe school een nieuw begin

33. Een nieuwe school, een nieuw begin

Door:

Sarcas

Na veel wikken en wegen heeft Sarcas een nieuwe school voor zijn dochter gevonden. De intake-gesprekken zijn hilarisch maar ook hoopgevend.

Sarcas in Turkije

Het schooljaar is bijna ten einde en de vakantie dient zich aan. Maar wat moet er daarna gebeuren? Nadat duidelijk was geworden dat dochterlief geen Montessori-kind is, en het grand total van afgemaakt werk op een schaal van 'noppes' tot 'alles' een matig 'bedroevend' bleek te scoren, zijn we ijverig op zoek gegaan naar andere scholen.

Met een waaier kwaliteitskaarten in de ene hand, en een stapel adviezen van vrienden, bekenden en volslagen vreemden in de andere hand, hebben we een flinke lijst potentiële scholen afgewerkt.

Toen alle namen waren doorgestreept vanwege 'vol', 'ongeschikt', 'beroerde inspectierapporten' of 'lijkt me niks', was het moment gekomen om de handen in het haar te steken en bij de pakken neer te gaan zitten.

"Ze kan het wel, maar ze doet het niet"

Familieberaad. Wat willen we? Wat is er nodig? Waar vinden we dat? Met gestructureerde vragen kom je er wel.

We willen dat ze een diploma gaat halen waarmee ze kan doen wat ze wil. Maar wat wil ze eigenlijk? Iets met psychologie en kinderen, zegt ze. Niet dat ze enig idee heeft waar ze het over heeft, maar het is een begin. Okay, voor psychologie zou je kunnen gaan studeren op de universiteit. Dan heb je VWO nodig. Dat kunnen haar grijze cellen in theorie wel aan, maar het schort wat aan de zelfdiscipline. Of, zoals iedereen zegt: "Ze kan het wel, maar ze doet het niet".

Ach, de appel valt niet ver van de stiefboom. Vandaar ook dat zo'n beetje elke school argwanend door mij is bekeken. Ik weet zeker dat zonder een streng beleid haar dromen dromen zullen blijven. Net als bij mij.

"Dus", hoor ik u denken, "wat is het geworden?"

Wiebelende wenkbrauw

Het schaap gaat naar een particuliere school. Jawel. Zeer kleinschalig, met klasjes van ten hoogste vijftien leerlingen, en een reglement waar je U tegen zegt. Net als tegen de docenten en de rector trouwens.

Dat was even wennen voor haar. Wat heel grappige taferelen opleverde tijdens de intake-gesprekken. Bij elke 'je' en 'jij' ging de linker wenkbrauw van de rector even omhoog. Met indringende blikken probeerde ik het argeloze kind nog even te herinneren aan de instructie "We zeggen hier 'U' en 'meneer' of 'mevrouw' tegen de docenten..." van de rector, maar dat kwam zoals gewoonlijk niet helemaal over.

Toch begon die wiebelende wenkbrauw haar geheugen wel wat te stimuleren, want er vielen nu steeds vaker U's na de jij's. Ach, alle begin is moeilijk.

Grove taal, klare taal

Maar hoe verliepen die gesprekken nu eigenlijk? Een voorbeeld (eerste bedrijf, derde akte, tweede scène):

- "Op onze school willen wij dat men respectvol met elkaar omgaat", doceert de rector, gehuld in driedelig maatwerk. "Zo is het verboden om grove taal te gebruiken."

- Dochterlief denkt even na. "Maar als ik bijvoorbeeld mijn tas ondersteboven houd en alles valt eruit, en ik roep heel hard KUT! Krijg ik dan straf?"

- De rector vertrekt geen spier. "Nee, het gaat er voornamelijk om hoe je anderen behandelt."

- "Maar ik noem mijn vriendinnen vaak iets van 'sloerie', of 'gore snol', als ik ze roep. Mag dat dan ook niet? Ik bedoel daar verder niets mee hoor."

Ik zie hoe de rector mijn dochter in een flits van allerlei labeltjes voorziet. "Oh jee," denk ik, "dit trekt-ie niet."

- "Ook dat bedoel ik niet", legt hij geduldig uit. "Ik bedoel dat we het niet goed vinden als je tegen iemand zegt: "Hé gore klootzak, ik trek je teringkop van je romp".

Juist! Klare taal, daar houden wij van. Alles wordt duidelijk. Zelfs dochterlief begrijpt het.

Hoppa!

Enfin, na de vakantie zal ze dagelijks van 9 tot 5 op school zitten te werken. Geen excuses voor niet gemaakt huiswerk, want dat gebeurt op school. Schoolboeken vergeten? Kan niet. Die blijven ook op school. Werk niet af? Zaterdag terugkomen. Hoppa!

Als dit niet werkt, werkt niets. We zijn benieuwd...

Sarcas

(pseudoniem) heeft al sinds de babytijd van zijn stiefdochter een relatie met haar moeder. Hij studeerde een blauwe maandag psychologie, was werkzaam als systeembeheerder, en kreeg zoveel lol in het opvoeden dat hij op latere leeftijd pedagogiek is gaan studeren.

Lees verder

Alle columns in de serie Puberstory