Home » Columns » 37 zwaar weer

37. Zwaar weer

Door:

Sarcas

Over knallende ruzies, onbegrip, hormonen, zelfbeeld, zelfvertrouwen, je-plaats-in-de-wereld, vriendjes, en vriendinnen.

Sarcas in Turkije

Soms kan het gebeuren dat je puber opeens verandert in een monster uit een demonische dimensie. Zo heb ik dat althans begrepen uit verhalen die je van andere ouders wel eens hoort. En dan prezen we ons gelukkig met een kind dat weliswaar d'r kuren heeft, maar niet die buien van volstrekte onhandelbaarheid.

En toen, zonder enige waarschuwing, veranderde kindlief in een hellegedrocht. Dat was even schrikken hier in Huize Sarcas. Een totale weigering om haar huiselijke taken te doen, of om ook maar iets te doen wat we vragen, of om ook maar enigszins te proberen te begrijpen wat we zeggen.

Vriendinnen

Ten eerste maken we ons natuurlijk ernstig zorgen. Zulk extreem gedrag, dat komt toch ergens vandaan, zou je zeggen. Er moet iets aan de hand zijn. Maar ze zet d'r stekels op, graaft zich in, en alles is "nee" en "niet waar" en vooral "niet mijn schuld".

Ze blijk knallende ruzie met ongeveer al haar vriendinnen te hebben. Althans, zij noemt het vriendinnen. Ikzelf vind het nare, ruziezoekende, oppervlakkige feeksen. Vrienden, échte vrienden, gaan zo niet met elkaar om. Vind ik.

Kalm en beheerst leg ik mijn visie op vriendschappen in het algemeen uit, en haar vriendschappen in het bijzonder. De puber kijkt verveeld naar een punt ongeveer twee meter links van me, in een ander ruimte-tijd continuüm. Dan praat het.

Oude dinosaurus

Ik schijn er niets van te begrijpen, niets van te weten, en niets van te snappen. Dat kan ook niet, want ik ben volwassen, en ook nog een man, en bovendien een dinosaurus, en nog een oude ook. Knarsetandend druip ik af.

Mevrouw Sarcas neemt het stokje over, terwijl ik mijn wonden lik. Na een minuut of wat hoor ik aanzwellend geloei van onze evenwichtige dochter, in de trant van: "Dan ga ik wel bij mijn vader wonen..." en meer van zulke doordachte ideeën.

Mevrouw Sarcas komt mijn kamer binnen en haar ogen spreken van derdegraads kindermishandeling. Samen halen we herinneringen op aan vroeger, toen kolenhokken, kelderkasten en koude douches nog pasten in een degelijke opvoeding.

Feestje

Een paar dagen verstrijken. Er is een feestje, ergens, waar ze heen zou gaan met haar vriendinnen, en waar ze nu maar zielig alleen heen gaat. Dan wordt ze een uur voor het feestje gebeld dat ze tóch met ze mee mag, en vertrekt ze helemaal in de wolken en in vliegende vaart naar het groepje toe, ons in verbijstering achterlatend. "Meid! Dat dóe je toch niet?!" roepen we nog. Maar ze is niet voor rede vatbaar.

Vlak na middernacht word ik gebeld, uren voordat het feest is afgelopen. Of ik haar kan komen halen. Op de terugweg in de auto blijkt dat haar lieve vriendinnen haar straal genegeerd hebben. Harder rijdend dan strikt noodzakelijk, vraag ik me af of je vervelende meisjes op hun mobiel mag bellen en dan enge geluiden mag maken.

Profielsite

De volgende dag komt ze volledig overstuur terug uit school. Haar leuke vriendinnen hebben de aanval geopend via haar profielsite, en die staat nu vol lullig commentaar. &(#&*&^@!!!! Ook dat nog.

Verwijderen en negeren is wel een praktisch advies, maar lost uiteraard niets op. Ouders bellen? Ach... Heeft u wel eens een moeder aan de lijn gehad die jou telefonisch trachtte te wurgen omdat je het over een probleem met haar dochter wilde hebben? Ja? Dan weet u wat ik bedoel. Nee? Dan moet u eens met mijn vrouw praten; het schijnt een vrij frustrerende ervaring te zijn.

Daar zit je dan. Aan de ene kant woest op de bitches die je dochter zo achterlijk behandelen. Aan de andere kant draait die er zo van door dat je wel hard moet gaan optreden, want Zo Kan Het Niet Langer. Maar hoe? En van de weeromstuit reageert ze zich af op de paar goede vriendinnen die contact met haar zoeken, en krijgt ze daar dus ook ruzie mee.

Ernstige zorgen

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de gesprekken die we op school hebben gehad, alwaar men zich ernstige zorgen maakt. We bespreken de mogelijkheid om haar een klas terug te zetten. Ook hebben we het nog niet gehad over de problemen die ze meent te hebben met haar figuur:

- "Dan ga je toch lekker fietsen naar school? Lekker bewegen, goed voor je lichaam."

- "Echt niet..."

- "Jawel, we zijn het nu zat. Je gáát vanaf nu op de fiets."

- "Nee!"

Geknal van de buitendeur.

Ook laat ik hier nog een handvol andere problemen buiten beschouwing, die de afgelopen twee weken naar boven kwamen. Waaronder: zelfbeeld, zelfvertrouwen, hormonen, je-plaats-in-de-wereld, vriendjes, en vriendinnen.

Klein glimlachje

Toch is nog niet alles verloren. Gisteravond, toen ze mij kwaad, mokkend en vijandig op haar bed uitlegde waarom ik stom was, speelde er een klein glimlachje om mijn lippen.

- "Wat?! Wat lach je?! Wat!"

Ik sta op en loop naar haar toe.

- "Ook al ben je nog zo'n stomme pubertrut, ik hou toch van je," negeer ik haar kwaaie frons. "Als er iets gebeurt waar je het niet mee eens bent, spendeer dan een paar tellen aan het formuleren van je protest. Als je het goed brengt, dan luisteren we, dat weet je. Maar als je meteen een keel opzet, hebben we er al bij voorbaat geen zin in. Snappie? Als iemand tegen jou zo'n muil opzet, ga jij dan nog vriendelijk en redelijk luisteren naar wat die muil te zeggen heeft?"

- "Mmmm."

- "Kom meis, dan gaan we naar beneden Shrek kijken en er een leuke avond van maken."

- "Jullie gaan maar zonder mij kijken", sputtert het nog wat na.

- "Maar dan is het niet leuk," leg ik uit.

- "Hoe bedoel je?"

- "Gewoon, als jij niet samen met ons wil kijken, is voor mij de lol eraf. 't Gaat om jou, niet om Shrek."

Doffe blik. Ik maak van het gat in de verdediging gebruik om haar een korte knuffel te geven en loop weg.

- "Kom je?", vraag ik de trap aflopend.

Er is hoop

Ik ben al bijna beneden als het van boven loeit:

- "Ik kom! Maar mag ik dan wel je joggingbroek lenen?"

- "Sure."

Ze blijkt dus wel vatbaar voor rede. Soms. Er is hoop. En waar hoop is, is leven. Morgen komt de zon weer op en zien we wel weer verder. Puberteit duurt niet eeuwig. Toch?

Sarcas

(pseudoniem) heeft al sinds de babytijd van zijn stiefdochter een relatie met haar moeder. Hij studeerde een blauwe maandag psychologie, was werkzaam als systeembeheerder, en kreeg zoveel lol in het opvoeden dat hij op latere leeftijd pedagogiek is gaan studeren.

Lees verder

Alle columns in de serie Puberstory