Home » Opinie » Achterbankgeneratie is niet gestoord

Achterbankgeneratie is niet gestoord

Door:

Robert Vermeiren, e.a.

Kinderen wegzetten als verwende gevallen die het leven niet aankunnen, is onterecht. Dat vinden Robert Vermeiren, Ariane de Ranitz en Peter Dijkshoorn (specialisten in de kinder- en jeugdpsychiatrie).

Ze reageren op een uitzending van Zembla (25 april 2015), waarin prof. Jan Derksen stelde dat de kosten van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) zijn verdubbeld door falende opvoeding.

Max (14) gaat wegens overweldigende angsten niet naar school. Hij heeft zelden vrienden, omdat hij sociale situaties niet aankan. Wendy (16) wordt vaak plotseling heel agressief. Opvallend ook dat ze de plek in haar gemeente waar jaren terug een ernstig schietincident plaatsvond, nog steeds vermijdt. Het zijn maar twee van de vele verhalen die ons treffen in onze praktijk.

Geen verwende kinderen op onze lijst. Bij navraag bij collega's merken we ook dat zij het moeilijk hebben zich een 'verwende patiënt' voor ogen te halen.

In Nederland is iets minder dan 30% van alle inwoners jonger dan 25. In 2011 werd 28,6% van het totale GGZ-budget besteed aan deze groep, volgens het CBS. Aangezien de uitgaven voor de GGZ in de jaren sindsdien gestabiliseerd zijn, is een stijging naar 40% hoogst onwaarschijnlijk. GGZ-zorg aan verwende jongeren heeft dus niet geleid tot een explosie van kosten.

Achterbankgeneratie

Psycholoog Jan Derksen wijt de verdubbeling van de kosten voor de GGZ (van 3 tot 6 miljard in 10 jaar) aan de behandeling van jeugdigen. De 'achterbankgeneratie' zou niet meer voldoende opgewassen zijn tegen stress. Maar noch ervaringen in de praktijk, noch de daadwerkelijke bestedingen in de GGZ aan jeugd (minder dan 1 miljard), ondersteunen dit idee. Voor de kostenstijging van de GGZ zijn alternatieve verklaringen waarschijnlijker. Administratiekosten bijvoorbeeld. In 2010 ging 20% van de uitgaven van ziekenhuizen daaraan op. Na de VS (25%) staat Nederland daarin op de tweede plaats.

Dat de uitgaven voor kinderen en jongeren niet hoger liggen dan hun aandeel in de bevolking, is eigenlijk verwonderlijk. Want behandeling van kinderen intensiever, omdat kinderen meer zorg nodig hebben, er meer gesprekken nodig zijn. Behalve de kinderen krijgen ook hun ouders aandacht. Mochten bestedingen voor jongeren echt 40% van het GGZ-budget bedragen, dan nog is de vraag of dat een probleem zou zijn.

In de VS heeft men de stijging in aantal GGZ-behandelingen bij kinderen onlangs geanalyseerd. Vooral kinderen met ernstige stoornissen lijken in behandeling te zijn. Verdere groei sluit men niet uit, omdat een groot deel van deze groep nog steeds geen behandeling krijgt. Een eveneens substantiële, maar relatief kleinere, stijging komt door zorg aan kinderen met lichte stoornissen. Dit is de groep waar velen zich zorgen over maken, omdat het in absolute termen de grootste kostenpost is.

Complexe regels en systemen

Maar dat kinderen met minder ernstige aandoeningen vaker zorg krijgen, is ook niet verwonderlijk. In onze steeds complexere maatschappij is geen plek voor kinderen die beneden het gemiddelde presteren. Naast een diploma halen en niet mogen doubleren, wordt van jonge mensen bijvoorbeeld ook verwacht dat ze sociaal zijn en met steeds complexere regels en systemen kunnen omgaan.

Dat kinderen nu meer verwend worden dan vroeger, zal niemand ontkennen. Maar dat dit de GGZ-kosten opdrijft, zoals Derksen beweert, is niet gebaseerd op feiten.

Laten we ook niet vergeten dat een flink aantal jongeren met een serieuze achterstand de volwassenheid instapt. Ernstige verwaarlozing, mishandeling of misbruik treft 3% (schatting op basis van informanten en AMK) tot 10% (cijfers uit zelfrapportage jongeren) van alle jongeren. Verstandelijke beperkingen zien we bij ruim 8%. Dat zijn slechts 2 groepen die een verhoogde kans hebben op psychische problemen, schooluitval en problemen tijdens de vroege volwassenheid. Te vaak zien volwassenpsychiaters nog de gevolgen van niet behandelen. De laatste jaren zijn onze kinderen bovendien volwassenen geworden in een wereld in crisis, met een hoge jeugdwerkloosheid.

Goede zorg is geen luxe

Voor kinderen als Max en Wendy is goede zorg geen luxe. Dat hen in de toekomst hulp wordt onthouden, is onze zorg. Het Rijk heeft de kinderen jeugdpsychiatrie met een korting van 15% overgeheveld naar de gemeenten. Door andere kosten, zoals de explosie aan administratieve kosten, zal de korting op de jeugd-GGZ uiteindelijk nog veel groter zijn.

85% van de Nederlandse kinderen gaat – tevreden – tot zijn 18e naar school. Dat is uniek in de wereld. Kinderen neerzetten als verwende individuen, te zwak om het leven aan te kunnen, is onterecht en niet constructief. Kinderen vormen de toekomst van ons land. Laten we hen respecteren en zorgen dat ook van de laatste 15% steeds meer kinderen meekunnen.

Robert Vermeiren, e.a.

Robert Vermeiren is hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie, Curium-LUMC. Ariane de Ranitz is psychiater bij de Forensische Zorgspecialisten. Peter Dijkshoorn is bestuurder bij Accare kinder- en jeugdpsychiatrie. De bovenstaande tekst werd eerder gepubliceerd in het dagblad Trouw (29 mei 2015).