Home » Opinie » Buitenspelen móet

Buitenspelen móet

Door:

Marijke Schellekens

Veiligheid en hygiene staan hoog op de agenda, op dit moment. Maar hoe moet dat dan met buiten spelen, wat inherent onveilig en onhygienisch is? Marijke Schellekens motiveert haar keuze.

In deze tijd, waarin we erg bezig zijn met de veiligheid van de omgeving voor onze kinderen, mag het wel eens extra benadrukt worden: veiligheid en hygiëne zijn ook niet alles. De mogelijkheden voor het kind om zich goed te ontwikkelen staan onder druk door veiligheid en hygiëne voorop te stellen.

Niet alleen in de zomer en met mooi weer, maar onder alle omstandigheden en elke dag zouden kinderen een tijdje buiten moeten kunnen spelen, vindt Marijke Schellekens, hoofdredacteur van het tijdschrift 'Spectrum Kinderopvang'. Ze heeft een eigen bureau, Per Sonare, geeft trainingen en ouderavonden, en publiceert over Spelen, Creativiteit en de verschillende vormen van Expressie.

Buitenspelen is nieuwe ervaringen opdoen

Buiten is er ruimte om te rennen en te fietsen. Je mag er schreeuwen en lawaai maken. Buiten valt altijd wel iets te beleven. Regen, sneeuw, zon en wind roepen andere gevoelens op en dagen kinderen uit tot ander spel. Ook de zintuigen worden buiten op een heel andere manier geprikkeld dan binnen. Denk maar aan het gevoel van onbegrensde ruimte dat buiten zijn je kan geven als je naar de lucht en de wolken kijkt.

Weten hoe hard je moet afremmen als je een stoplicht nadert. Springen van een verhoging en inschatten en weten hoe je moet springen om goed neer te komen. We kunnen hoogte, diepte en afstanden inschatten, we kennen de eigenschappen van verschillende materialen door ervaringen die we op jonge leeftijd hebben opgedaan. Spelenderwijs en experimenterend. Buitenspelen is essentieel om deze en andere ervaringen op te doen. Buiten kom je in aanraking met verschillende materialen en uiteenlopende omstandigheden.

Achterbank-generatie

Kinderen ontwikkelen zich in relatie tot hun omgeving. Aan de ene kant is dat de sociale omgeving, de mensen om je heen met wie je opgroeit en van wie je leert. Mensen bieden geborgenheid, geven voorbeelden, stimuleren en ondersteunen. De invloed van cultuur, waarden, normen en gewoonten is groot. Maar aan de andere kant is er de fysieke omgeving, die minstens zo belangrijk is: de ruimte om je heen die mede bepaalt hoe je opgroeit en welke ervaringen je op doet.

Maar de laatste decennia is de ruimte om buiten te spelen behoorlijk ingeperkt. Straten, vroeger het speelterrein van kinderen, zijn het terrein van de automobilist geworden. Was het vroeger gewoon dat kinderen al vrij jong alleen of in groepjes naar school gingen, nu zie je zelden kinderen alleen op straat. Kinderen worden gehaald en gebracht, van school naar de opvang, van sportvereniging naar muziekles. Ze worden – vaak met de auto – gehaald en gebracht om met vriendjes te spelen. We spreken niet voor niets van de 'achterbankgeneratie'.

Veiligheid en hygiëne

Gelukkig krijgt buitenspelen en het belang hiervan nu steeds meer aandacht. De laatste tijd is een toenemende behoefte ontstaan om spel en speelruimte te organiseren. Grote nadruk krijgt hierbij de veiligheid. Dat is belangrijk, maar een onze behoefte aan veiligheid en hygiëne voor onze kinderen kan botsen met hun behoefte om buiten nieuwe ervaringen op te doen.

In de kinderopvang zie je dat veiligheid en hygiëne belangrijke aspecten zijn bij de inrichting van (buiten)ruimtes. Ouders vertrouwen immers de zorg van hun kinderen aan het centrum toe. Veiligheid en hygiëne kunnen dus een alles overheersende rol gaan spelen in de afwerking en de inrichting van een buitenspeelplaats. 'Losse aarde en blaadjes zijn vies, kinderen stoppen immers alles in hun mond! Klim- en speeltoestellen zijn gevaarlijk want daar kunnen kinderen immers van afvallen. Niveau-verschillen kunnen tot struikel- en valpartijen leiden en plekjes waar kinderen zich terugtrekken zijn ongewenst, want de leidster kan niet zien wat er gebeurt.'

Veiligheidsterreur

Soms is er sprake van een veiligheidsterreur. Leidsters willen niet verantwoordelijk zijn voor ongelukken en zoveel mogelijk gevaren uitsluiten. Ouders zijn continu bezorgd dat hun kind iets overkomt. Om klachten en problemen te vermijden, probeert het kindercentrum – begrijpelijk – om zo veel mogelijk risico's uit te sluiten.

Maar een te grote nadruk op veiligheid kan ertoe leiden dat er te weinig mogelijkheden zijn voor de kinderen om te leren. Er ontstaan 'veilige' buitenspeelplaatsen: dikwijls saaie ruimtes, te weinig uitdagend en niet spannend voor kinderen. Zo wordt het kind beperkt in de mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

Verantwoorde risico's

Te veilig is niet goed. Ouders en professionele opvoeders moeten beseffen dat het belangrijk is om verantwoorde risico's te nemen. Er zou dan ook meer gepraat moeten worden over wat verantwoorde risico's zijn. Een uitdagende omgeving nodigt kinderen uit om op onderzoek uit te gaan, dingen uit te proberen, te fantaseren en te veranderen.

Een kind moet leren dat de wereld er vanaf een verhoging anders uit ziet. Hoe hoog is té hoog om te springen? Een kind moet leren dat zand in modder verandert als je er water bij doet en dat hoe steiler de helling is, hoe harder de bal naar beneden rolt. Talloze ervaringen kun je niet vanuit een boekje of via een beeldscherm leren, maar moet je in een gevarieerde omgeving opdoen, zelf ondergaan.

Veiligheid is een illusie

Uit onderzoek in Duitsland is gebleken dat kinderen in een veilige omgeving toch een groot risico lopen op letsel, omdat hun motorische vaardigheden afnemen. "De obsessie voor veiligheid en gezondheid dreigt zo zelf één van de grootste belemmeringen te worden voor een prettig leven", waarschuwen de sociologen Hans Bottelier en Bas van Stokkum (de Volkskrant, 14 april 2001). Want als mensen van veel dingen het gevaar niet meer goed kunnen inschatten, creëert dat een permanente existentiële twijfel en dat leeft niet lekker. "De gewoonte kinderen altijd maar van en naar school te brengen, is op de langere termijn schadelijk", aldus de sociologen.

Leren omgaan met gevaar schept zelfvertrouwen

In een uitdagende omgeving kunnen kinderen zelf dingen ondernemen en hun grenzen verleggen en leren om niet steeds afhankelijk te zijn van volwassenen. In contact met de fysieke omgeving, kunnen kinderen ervaringen opdoen die hen competenter en zelfstandiger maakt. Daardoor voelen ze zich zekerder en worden ze ook sociaal vaardiger. Als een kind voor het eerst van de hoge glijbaan af gaat, geeft dat een gevoel van overwinning. Zo'n ervaring geeft zelfvertrouwen.

Een kind dat voldoende zelfvertrouwen heeft ontwikkeld, maakt gemakkelijker contact met anderen. Als een omgeving te weinig mogelijkheden biedt om nieuwe ervaringen op te doen, neemt de drang om dingen uit te proberen vanzelf af. Op den duur kan een kind daardoor onnodig onzeker worden.

Marijke Schellekens

was hoofdredacteur van 'Spectrum Kinderopvang', een informatieblad voor kinderdagopvang, peuterspeelzalen, gastouder- en buitenschoolse opvang in Gelderland. Het laatste nummer verscheen in maart 2009.