Home » Opinie » Stop met eisen begin met luisteren

Stop met eisen, begin met luisteren

Door:

Marieke Henselmans

Marieke Henselmans vindt het zo gek nog niet, dat er manieren bedacht worden om vrouwen beter te laten nadenken over een abortus.

Voordat in 1981 de Wet afbreking zwangerschap (Waz) werd aangenomen, heeft er jarenlang een vervelende strijd gewoed. Er was toen weinig ruimte voor nuance. Aan de ene kant stond de actiegroep 'Wij vrouwen eisen!' (WVE), en aan de andere kant scandeerden enge types 'abortus is moord!' Aangevoerd door Pater Koopmans, die regelmatig foto's van foetusresten uitdeelde op het Haagse Binnenhof.

Maar Nederland gunde vrouwen het recht op hun eigen keuze. Je zou zeggen dat de strijdbare feministen van toen tevreden kunnen zijn. In de praktijk gebeurt gelukkig al jaren precies wat zij wilden. Sinds '81 kun je zonder probleem een medisch veilige abortus krijgen, die wordt betaald uit overheidsgeld.

Noodsituatie

Toch is de actiegroep 'Wij vrouwen eisen!' nooit opgeheven. Op emancipatie.nl deden zij eind januari een oproep aan de PvdA, om in de onderhandelingen met het CDA en de ChristenUnie de poot stijf te houden. De ChristenUnie heeft namelijk al laten weten een nadere definitie van het begrip 'noodsituatie' na te streven.

'Wij vrouwen eisen!' is (terecht) níet bang dat de mogelijkheid tot een legale en medisch verantwoorde abortus in Nederland zal verdwijnen. Maar vreest dat de toegankelijkheid zal verminderen, als de noodsituatie voortdurend getoetst gaat worden. 'DE VROUW BESLIST!' typen ze er een beetje rellerig bij. De brief is ondertekend door een rij eerbiedwaardige topvrouwen, onder wie Hedy d'Ancona, Els Borst, Gabi van Driem en Germaine Groenier.

VBOK

Op 29 januari stond in NRC Next een artikel van Georgette Lageman van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind (VBOK). Zij vindt dat de hulpverlening aan ongewenst zwangere vrouwen beter moet. Zij baseert zich vooral op de evaluatie van de Wet afbreking zwangerschap (Waz), een onderzoek in opdracht van de regering waarvan de resultaten in 2005 gepresenteerd zijn.

Uit die evaluatie bleek namelijk dat 32% van de vrouwen die zich meldt bij de kliniek, op enig moment twijfelt, en dat 59% van hen dat niet laat merken. En dat de abortus-arts in 60% van de gevallen níet rept over alternatieven. Tweederde van de vrouwen vindt de 5 dagen bedenktijd prettig tot neutraal, terwijl de meeste hulpverleners liever in samenspraak met de vrouw zouden vaststellen of bedenktijd nodig is.

Verder blijkt dat de vrouw niet altijd beslist. Heel soms staat ze onder druk, meestal van de partner, en ondergaat ze de abortus tegen haar wil. Het rapport concludeert eufemistisch dat 'er ten aanzien van de onderkenning van twijfel bij de vrouw en de kwaliteit van de besluitvorming verbeteringen mogelijk zijn.' Lageman pleit voor indicatie -gesprekken op neutraal terrein, dus niet – zoals nu – in de kliniek.

Spijt, twijfel en druk

Pas geleden op tv gezien: een interview met Marianne Wijnkoop, jurylid van de X-factor. Zij vertelde hevige spijt te hebben van een abortus die ze rond haar 40e heeft gehad. Ze gaf eerlijk toe dat ze de kliniek destijds zelfverzekerd was binnengestapt, maar vindt het achteraf jammer dat niemand voorbij haar grote mond had gekeken.

In dezelfde uitzending zat een 24-jarige vrouw die onder zware druk van haar familie een abortus had gehad. Haar probleem was in de kliniek niet opgemerkt en ook zij had vreselijke spijt.

Persoonlijk vond ik het hartbrekend. Verdomme, zo'n leuke getalenteerde stoere vrouw als die Wijnkoop; ze schijnt het als jonge blom nog met Ramses Shaffy gedaan te hebben. Ze zou zo in het rijtje van de WVE-topvrouwen passen. En dan zo'n unieke, laatste en enige kans verspeeld.

Die andere vrouw had natuurlijk gewoon haar eigen zin moeten doen. Als zij op míjn spreekuur waren geweest, had ik zeker gevraagd of er geen spoortje van twijfel was en of ze onder druk stonden.

Beetje taboe

Zelf werkte ik lange tijd voor de Rutgers Stichting, en deed ik als sociaal verpleegkundige spreekuren voor anticonceptie en seksualiteit. Veel pil-consulten, morning-after pillen én zwangerschapstesten. Als vrouwen zwanger bleken te zijn, wilden ze bijna altijd doorverwezen worden naar de abortuskliniek.

Toch merkte ik dat sommige vrouwen twijfelden, en daarom vroeg ik daar voor de zekerheid altijd naar. Dat was – onder collega's – toch een beetje taboe. Alsof je het zelfbeschikkingsrecht en de autonomie van de vrouw ter discussie stelde. Alsof je ze betuttelde en de moraalridder uithing.

Sommige – wat oudere – collega's hadden zelf jaren gepassioneerd meegevochten voor vrouwenrechten, en vonden (misschien onbewust) dat de nieuwe generatie vooral dankbaar moest zijn voor het recht op abortus.

Hulpverlening bij ongewenste zwangerschap

Zowel die evaluatie van 2005 als de huidige kabinetssamenstelling zijn een goede aanleiding om na te denken over de vraag wat goede hulpverlening bij ongewenste zwangerschap inhoudt. Niet meteen allemaal in de kramp schieten, met kapitalen DE VROUW BESLIST gaan typen. Of gillen dat vragen naar twijfels stuitend en bevoogdend is. En degene die nuanceert in het Koopmans-kamp plaatsen.

Dat wij moeten focussen op betere hulp – ik haat het te moeten toegeven – daar heeft die VBOK gelijk in. Mijn idee:

  • stop met eisen, begin met luisteren;
  • laat die 5 dagen bedenktijd maar mooi intact;
  • doe de gesprekken inderdaad misschien buiten de kliniek;
  • vraag aan vrouwen, ongeacht hun leeftijd, actief naar hun twijfels en of ze onder druk staan;
  • leg in een protocol vast dat bij twijfel er altijd op een ander tijdstip een tweede gesprek moet plaatsvinden.

Goede hulpverlening is meer dan het recht op een steriele zuigcurettage.

Marieke Henselmans

deed jarenlang spreekuren voor anticonceptie en seksualiteit bij de Rutgers Stichting. De laatste jaren is zij journalist, voorheen bij de Volkskrant, tegenwoordig is zij AD-columnist. Haar laatste boeken zijn Goed opgevoed! Met checklist (0-18 jaar) en Hoor wie klopt daar geld uit mijn zak?

Naschrift: 

Op de bovenstaande opinie kwamen diverse reacties:

1.

Geachte Marieke Henselmans,

Ondanks het late uur, geef ik je bij deze graag een reactie op je schrijven; mogelijk vanuit een geheel onderbelichte, vergeten en verguisde context; namelijk die van de positie van een 'langdurig mannelijk partner' van een vrouw in samenwoningsrelatie die onverwacht en ongewild zwanger raakte. Het speelde zich af in 1988. Dat was dus 7 jaar na aanname van de wet.

Schrik niet: ik ben geen reactionair of fundamentalistisch christen of anderszins ideologisch gemotiveerd, waar het mij om gaat is dat er in dat 'doorslaan van de feministische golf naar dictatuur' ook aandacht past voor intense gekwetsheid en buitenspel zetten van mannen die vader wilden en ook wensten te zijn van een onverwacht verwekt kind dat het leven niet gegund wordt door de betrokken vrouw omdat "slechts de vrouw beslist".

Uiteindelijk kan ik het met dat laatste wel eens zijn in de juiste verhouding, maar de geindoctrineerde mannenhaat en totale respectloosheid ten opzichte van betrokken mannen in die specifieke positie is/was zeer, zeer schrijnend. En dat al helemaal als na de uitvoering van de abortus in 'open gesprek' het gebeuren simpelweg wordt vergeleken en afgedaan met 'het trekken van een kies' zonder enige consideratie; een zeer gelouterde feministische metafoor van die tijd. Met bovenstaande heb ik de situatie al geschetst.

Toch zal ik nooit van mijn leven vergeten hoe 'de grond onder mijn voeten wegzakte' en mijn hersenen verschrompelden; staande bij de plaatselijke Albert Hein in de rij voor de kassa, toen ik in de rij rechts van mij een man zag staan met een baby in een 'buikbuidel' hangende aan zijn schouders op de buik, een paar dagen na de ingreep. Onvoorstelbaar, niet uit te leggen verdriet.

De baby; of in feministische termen: 'de rotte kies', ontstond nadat de vrouw was overgestapt op een populairdere, lichtere pil. We woonden toen 3 jaren samen en zagen zeker een toekomst voor ons samen weggelegd. Maar het paste niet in de plannen van de vrouw, en dat was de 'noodsituatie'. Het had wel gekund, maar eerst wilde ze nog studeren, en het 4 kamer-appartement was te klein; er moest eerst een 30-er jaren woning komen; EN ook belangrijk voor mijn positie: ik had nog geen vaste baan na mijn studie afgerond te hebben.

Kortom: als 'man' voorzag ik toen ook niet voldoende in datgene wat materieel noodzakelijk was in de ogen van de vrouw. En daarmee was de overweging afgerond, en was ik feitelijk monddood gemaakt. We waren allebei 26 jaren oud. Het zou het eerste kleinkind geweest zijn in beider (stabiele) families.

De relatie heeft daarna nog 2,5 jaren bestaan, waarna ik op eigen initiatief ben weggegaan met een hoop 'onbegrip' van de kant van de vrouw want "hoe moest zij nou nog gelukkig worden?". Ach, het is allemaal gecompliceerder dan nu neergeschreven, maar er is méér dan alleen maar de dictatoriale zeggenschap van de vrouw over 'leven of dood' van een gezamenlijk verwekt nieuw leven, dan de mannenhaters van "wij vrouwen eisen" willen toestaan.

Waar ik mee moet leven is dat ik ook nog uiteindelijk volwaardig heb ingestemd en mede-verantwoordelijk ben voor de abortus, en natuurlijk heb gezorgd voor en heb bijgestaan bij etc. Alhoewel ik mij er niet mee kon verenigen. Op het moment zou hij/zij nu 19 jaren oud zijn. In mijn gedachten en ideeën blijft het "Dirkie" die de nek is omgedraaid en in stukken is weggezogen en bij het menselijk afval is beland. Dirkie de rotte kies.

Deze maand nog herbeleefde ik het al oude verdriet bij bezoek aan "Bodies" in A'dam, bij het bekijken van de embryo's en foetussen van 1 week tot geboorte. Negentien jaren nadien dus. Er was een foetus bij van 8 weken oud. Dat was de beperkte leeftijd van 'Dirkie' toen hij/zij plotsklaps als vrucht van een relatie in stukken weggezogen werd. En wat mij opnieuw erg pijn deed: het was een mensje, echt een mensje. Tot aan 5 weken oud: okee, eigenlijk nog maar een klomp cellen neigende naar menselijkheid, maar 8 weken oud; proportioneel hoofdje, armpjes, benen, lijfje; zeer herkenbaar menselijk zoals we allemaal geweest zijn. En hiervan gaan er 50.000 per jaar naar het afval? Waar geen haan naar kraait. In wat voor enorme 'noodsituatie' leven al deze 50.000 vrouwen? En deze 50.000 mannen?

Ik vind jouw 'krabbelen aan het Heilige Huisje' zeer terecht, en het is tijd voor nuancering.

[naam en adres bekend bij de redactie]


2.

Hoi Marieke,

Ook ik ben het met je eens dat er meer aandacht en nuancering mag komen voor beslissen over een abortus. Zelf heb ik er tien jaar geleden een ondergaan. Mijn noodsituatie bestond uit een vriend die illegaal in Nederland was en drugs verkocht om te leven. Zelf was ik aan de medicijnen omdat ik een uitputtingsdepressie had. Ik was net met mijn studie gestopt. Iedereen zal begrijpen dat ik voor een abortus heb gekozen omdat ik geen kind kon krijgen in die situatie.

Ik ben het er niet mee eens. Ik koos voor deze oplossing omdat ik meende daarna weer door te kunnen met de rest van mijn problemen. Dat was niet zo. Ik duikelde erger in de problemen.

Het verhaal van "het is maar een klompje cellen" en "hetzelfde als even een kies trekken" is wat mij betreft een leugen. We zijn allemaal een klompje cellen. En dat is de mens als je het onpersoonlijk wil brengen. In mijn optiek reduceer je dan de waarde van het menselijk leven. Want het hartje klopte al na 6 weken (dit heb ik later pas begrepen).

Bij een miskraam praten we toch ook niet zo tegen de vrouw die haar foetus, kind verliest. Ik heb intens verdriet gehad over mijn verloren kind en mijn verloren moederschap. Ik was helemaal niet voorbereid op een verlies van een kind, wat abortus feitelijk toch is. Daar kwam ik in mijn gevoel later achter.

Pas later ontdekte ik dat de verwerking en de pijn dieper gingen dan de nood van de situatie waar ik in zat. Adoptie is niet ter sprake geweest. Als ik nu het TV programma Spoorloos kijk, dan ga ik nadenken. Stel dat mijn kind was geadopteerd! Het zou in dat geval ook een weg van verdriet zijn die je gaat met je kind maar je kind leeft en je kunt het voelen en zien en er contact mee hebben. In de tijdsdruk die ik ervaren heb, waarin ik snel deze levensingrijpende keuze moest maken, had ik achteraf de zaken helder op een rij gekregen willen hebben. Het hebben van gesprekken zou me geholpen hebben omdat ik het zelf door de emotie niet goed kon overzien. Dat hoeft mijns inziens niet direct betutteling te heten want ik had nog steeds mijn eigen beslissing genomen.

Als ik het nu over mocht doen dan zou ik meer hulptroepen verzamelen om toch mijn kind een leven te gunnen. Op de lange termijn had ik me beter gevoeld maar op de korte termijn was abortus een voor de hand liggende oplossing.

Daarom ben ik blij dat er voor anderen na mij een mogelijkheid komt om ook andere keuzes te kunnen maken(adoptie ofzo) of bewuster voor abortus te kunnen kiezen. Dan hoop ik ook dat benoemd wordt dat abortus ook een weg is met verdriet. (nu of later) Dat het geen vluchtweg is voor pijn.

Astrid


3.

Geachte mevrouw Henselmans,

Wij hebben in december 1997 een pasgeboren baby verloren aan een aangeboren aandoening: Congenitale Hernia Diafragmatica. Deze aandoening komt ongeveer 60 keer per jaar voor in Nederland, waarvan er 30 blijven leven. Meestal komt het maar 1 x binnen een gezin voor (toen was er slechts 1 gezin bekend met 3 kinderen met deze aandoening). Maar helaas bleek in een volgende zwangerschap al na 18 weken dat dit kindje dezelfde aandoening had.

Mijn man en ik hadden van tevoren 'overlegd' hoe wij zouden 'handelen' in dat geval. Wij wilden deze pijn en verdriet en angst niet nog een keer doormaken tenslotte.... Totdat wij met een arts in Rotterdam in gesprek kwamen die erg bekend was met deze aandoening. Hij zei dat je het 'effect' van een afgebroken zwangerschap niet moest onderschatten.

Omdat in ons geval ook nog eens het kindje ongeveer 50% overlevingskans had, zou je je altijd blijven afvragen of het kindje het wellicht gehaald had. Dat was zo ontzettend logisch en realistisch, maar in onze eerste reactie hadden wij vreselijk primair gereageerd. Natuurlijk hebben wij ervoor gekozen om de zwangerschap te voldragen, maar helaas is het kindje alsnog binnen een paar uur na de geboorte (voldragen zwangerschap) overleden.

Geen moment heb ik spijt gehad van onze beslissing! (Alhoewel in de omgeving enkelen wel vroegen of ons geen mogelijkheid was geboden de zwangerschap af te breken...)

Verder heeft het mij ook verbaasd hoe een foetus van 18/20 weken er al als mens uit ziet, pas later heb ik foto's gezien van een baby van deze leeftijd. Voor mijn site www.uitkinderliefde.nl sturen mensen mij soms foto's toe van hun overleden baby en dus ook een keer van 20 weken. Daar ben ik toen enorm van geschrokken, maar het bevestigde mij wel in onze beslissing dat wij onze zwangerschap niet hadden afgebroken.

Claudia Folkerts