Home » Opinie » Waarom beloningssystemen in de opvoeding niet werken

Waarom beloningssystemen in de opvoeding niet werken

Door:

Justine Mol

Je kunt stickers plakken en goed gedrag betalen met klinkende munt. Soms heeft dat snel effect. En toch is het een slechte opvoed-methode, vindt Justine Mol.

Mijn drie kinderen zijn nu volwassen. Als ik terugkijk op de jaren dat ik hen opvoedde, zie ik mezelf als koorddanser, voortdurend op zoek naar een wankel evenwicht tussen ingrijpen en op zijn beloop laten, sturen of loslaten in vertrouwen, de wet voorschrijven of samen afspraken maken. Is er één beste manier? Ik denk van niet. Voor het opvoeden van kinderen bestaat geen standaard-aanpak.

Kinderen zijn niet standaard

Kinderen zijn ontzettend divers. Dat waren ze altijd al, maar vandaag de dag valt het meer op. Ze maken ons tegenwoordig duidelijk dat het individuen zijn die gezien willen worden in hun eigenheid. Meer dan ooit werkt een standaard-aanpak dus niet meer. Het is alsof kinderen zich daartegen verzetten. Dat vraagt nogal wat aan aandacht en inventiviteit van ouders.

Ouders zijn mensen die doen wat ze kunnen. Ik ben ervan overtuigd dat alle ouders het beste voor hun kinderen doen wat ze in huis hebben. Er wordt wat afgepraat en afgelezen, uitgeprobeerd en weer bijgestuurd. Ondanks deze goede bedoelingen loopt het soms toch uit de hand: ruzies, schreeuwen, verzet, nog meer regels die met nog meer onverschilligheid overtreden worden, wanhoop, oververmoeidheid...

Belonen en straffen helpt snel

Ik kan me voorstellen dat je dan je heil zoekt bij de opvoed-tv of een strak beloningssysteem met muntjes, stickertjes of anderszins. Je wilt rust en liefst zo snel mogelijk. Je wilt weer plezier hebben samen. Een systeem van belonen en straffen helpt je de touwtjes in eigen handen te nemen. Jij bepaalt wat wel en niet mag.

Dat klinkt mooi. Eindelijk een oplossing! Het werkt, maar dan moet je er wel genoegen mee nemen dat het een oplossing voor de korte termijn is, die op de langere termijn een uitwerking kan hebben waar je achteraf misschien niet zo blij mee bent.

Conditionering

Ik wil deze boude uitspraak graag onderbouwen met een stukje geschiedenis, die ik ook beschrijf in mijn boek 'Opgroeien in Vertrouwen, opvoeden zonder straffen en belonen'.

Het pedagogisch gebruik van beloningen is ontstaan in de tijd dat de psycholoog B.F. Skinner (1904-1990) het zogenaamde 'operante conditioneren' ontdekte. Hij leerde ratten een slagboompje omlaag te drukken om bij iets lekkers te komen dat erachter lag. Je kunt ratten alles leren, als je ze maar consequent beloont.

Skinner en zijn navolgers zijn deze vondst ook gaan toepassen op mensen. Zowel in het gezin als op scholen, maar ook in het bedrijfsleven en zelfs bij de overheid. Met name de overheid zoekt voortdurend naar betere beloningssystemen in een voortdurende poging ons in de gewenste richting te sturen (bijvoorbeeld met behulp van subsidies voor gewenst gedrag). De overtuiging dat wederzijds respect en vrede, gelijkwaardigheid en geluk, bereikt kunnen worden door mensen in een bepaalde richting te duwen, is sterk.

Sinds Skinner zijn er echter allerlei onderzoeken geweest waaruit blijkt dat je mensen niet wezenlijk kunt veranderen door ze te belonen. Een overzicht hiervan staat in het boek van Alfie Kohn, getiteld 'Punished by Rewards'. Kohn ziet belonen eigenlijk als een straf en niet alleen omdat een beloning die wordt achtergehouden (als het gewenste gedrag niet heeft plaatsgevonden) eigenlijk een verkapte straf is. Ook ik volg deze lijn.

Belonen leidt tot niets

Het gebruik van beloning in de opvoeding raad ik niet aan. Sterker nog, ik raad het af. Ik heb daarvoor de volgende argumenten.

  • Belonen leidt tot competitie. "Wie het eerst zijn pyjama aan heeft, mag bij mij op schoot bij het voorlezen." Soms houden kinderen wel van zo'n wedstrijdje. Maar er zijn ook veel kinderen die er last van hebben. Ze worden er zenuwachtig van, want bang om te falen. Ook zullen ze niet zo geneigd zijn een zusje of broertje helpen, omdat ze zelf de beste of de snelste willen zijn. Belonen stimuleert het vergelijken. Voor je het weet heb je kinderen die zich hoogmoedig gaan gedragen, of juist ontevreden worden over zichzelf.
  • Belonen kan de aandacht afleiden van echte problemen. Laatst hoorde ik van een moeder dat zij al weken haar kind probeerde om te kopen om meer te eten. Toen dat niet hielp, werd ze boos en probeerde ze het met straffen. Totdat bleek dat zijn amandelen zo dik waren dat hij gewoon geen hap door zijn keel kon krijgen.
  • Slimme kinderen worden calculerende burgers. Op een gegeven moment krijgen ze door wat er nodig is om de beloning op te strijken, waardoor ze nooit méér zullen doen dan nodig is. Ze zullen zich bijvoorbeeld niet uit zichzelf ertoe zetten een keertje extra op te ruimen of af te wassen, zonder dat daarom gevraagd wordt. Waarom zou je ook, als je er toch niets voor krijgt? Zo verliezen kinderen de intrinsieke motivatie (de motivatie van binnenuit) om iets te doen, van taakjes in het gezin tot het leren voor een proefwerk. Zodra de beloning ophoudt, verdwijnt het aangeleerde gedrag trouwens meestal weer.
  • Kinderen leren dat degene die de meeste macht heeft, zijn of haar zin krijgt. Ze leggen zich hierbij neer of ze komen in opstand. Beide is niet gunstig.

Doe wat ik zeg!

Als belonen zo bezwaarlijk is, wat moet je dan doen om je kinderen te laten doen wat je zegt?

Om eerlijk te zijn, vind ik de vraag al verkeerd. Gaat het er in de opvoeding om dat kinderen doen wat hun ouders zeggen? Ik denk dat het erom gaat dat we onze kinderen begeleiden op hun pad, zodat ze hun eigen manieren vinden om te worden wie ze willen zijn. En van nature wil elk kind ook graag een bijdrage leveren aan het geluk van anderen. Het is dan ook de kunst om die aanleg zo de ruimte te geven dat een kind zijn eigen manier ontwikkelt om dat te doen en daar plezier in te houden.

Deze visie op opvoeden leidt op de lange termijn tot een maatschappij waarin mensen naar elkaar luisteren, en hun creativiteit zo inzetten dat iedereen tot zijn recht komt. Maar als ik om me heen kijk naar de politiek, het onderwijs, en de jacht op materieel gewin, dan hebben we nog een lange weg te gaan.

10 Tips

Ik heb geen kant-en-klaar alternatief voor straffen en belonen. Wel heb ik een aantal tips voor ouders die de strikte controle willen laten varen en willen groeien in vertrouwen.

1. Zorg voor jezelf. Als jij lekker in je vel zit, heb je meer geduld en humor en heb je meer aandacht voor wat je kind voelt en nodig heeft.

2. Blijf in contact. Leef je in: wat beweegt een kind om iets wel of niet te doen? Welke bijdrage vindt dit kind leuk om te leveren en wanneer?

3. Wees duidelijk in wat jij graag wilt. En als je iets van je kind wilt, vraag het dan vriendelijk. Zelf ben je ook eerder bereid iets te doen als het vriendelijk gevraagd wordt.

4. Als een kind "nee" zegt, kijk dan waar hij "ja" tegen zegt, dus wat hij wél wil. Misschien wil hij wel aan jouw wens tegemoet komen, maar alleen op een andere manier dan jij in gedachten had.

5. Maak samen met je kinderen de regels in huis (waardoor je ze medeverantwoordelijk maakt - ze hebben de regels immers zélf bedacht) en beperk het aantal regels zo veel mogelijk. Hoe meer regels, hoe moeilijker het is om eraan te voldoen, en hoe minder gezellig het wordt. Maak bijvoorbeeld een prioriteitenlijstje waarin alleen de eerste drie regels nageleefd moeten worden.

6. Geef je grenzen aan. Bijvoorbeeld: ik wil niet dat we elkaar pijn doen. Telkens als dit wel gebeurt, grijp je in, zodat het stopt (zonder zelf iemand pijn te doen!) en geef je uiting aan die grens. Bij een kind dat voortdurend over een grens gaat, zit waarschijnlijk iets dwars. Probeer erachter te komen wat dat is. Met straffen en belonen bereik je misschien dat hij niet meer over je grens gaat, maar je komt er dan niet achter wat hem dwars zit en wat hij nodig heeft om jouw grens te respecteren.

7. Laat je waardering blijken. Niet met "Goed zo", en niet met een snoepje, want dat maakt kinderen afhankelijk van jouw goedkeuring. Zeg liever wat jij eraan beleeft, waar jij van geniet. Hoewel dat feitelijk geen beloning is, kan het wel zo beleefd worden. Samen blij zijn is (ook) leuk, bijvoorbeeld als het je kind lukt om zelf zijn schoenen aan te trekken, of als je samen zit te smikkelen van de koekjes die hij gebakken heeft. Geniet oprecht mee met het succes van je kind.

8. Toon belangstelling voor wat je kind doet, zonder er een oordeel aan te verbinden.

9. Maak je kind opmerkzaam op het effect van de dingen die hij doet. Dus niet: "Wat goed dat je de helft van je koekje weggeeft", maar: "Kijk eens naar Baukjes gezicht, volgens mij is ze heel blij met dat koekje!"

10. En misschien wel de belangrijkste tip: leef de waarden en deugden voor die jij graag in je kinderen ontwikkeld ziet. Kinderen zijn nabootsers. Hoewel... Ze zullen die waarden en deugden weer anders tot uiting brengen dan jij, want ieder kind blijft uniek.

Justine Mol

schrijft over opvoeding en is internationaal trainer 'Nonviolent Communication' oftewel trainer Geweldloos Communiceren. Daarnaast is zij zen-coach. Zie verder: www.justinemol.nl

Reacties

maxmakelaar

Als je ziet dat Positief Opvoeden, het Positive Parenting Program van Professor Sanders, wereldwijd bij alle mogelijke bevolkingsgroepen wetenschappelijke bewijzen aandraagt dat opvoeden via belonen (prijzen) en straffen (timeout) zeer goed werkt, dan is dit artikel prietpraat.

Antje

Klopt PPP werkt, als je er naast blijft staan. Zodra je uit zicht bent werkt het niet meer. Ik ben helemaal met Justine eens dat belonen en straffen niet de manier is. Samen verantwoordelijkheid dragen is de enige manier om van kinderen verantwoordelijke mensen te maken. En dat is wat er op dit moment aan schort in onze samenleving. Al deze mensen die vroeger zijn grootgebracht met de ideeën van Skinner en zijn kornuiten kunnen maar één ding, graaien zoveel ze maar kunnen. Er is geen verantwoordelijke samenleving meer, alleen maar berekenende burgers. 'Wat levert het mij op' is de meest gehoorde kreet in deze tijd. Kinderen zijn mensen en geen laboratoriumratten.