Meld je hier aan voor de gratis webinars tijdens De Week van de Opvoeding

23 januari 2009 door Aleid Grijpma

Wat doen we aan de woede-aanvallen van onze zoon? (7 jr)

Twee maanden geleden hebben we onze zoontje van bijna 7 laten testen op ADHD en PDD-NOS. Er is niks uitgekomen omdat ze te weinig symptomen bij hem konden zien. Ze zeiden dat het gedrag dat hij thuis laat zien, ook op school en in hun speelkamer naar voren had moeten komen. Dat was niet het geval.

Mijn man en ik vragen ons af hoe dat kan. Op internet lees ik veel over gedragsstoornissen en die lijken erg veel op het gedrag dat mijn zoontje laat zien. We hebben verleden jaar hulp gehad en die zei het ook.

Op school is hij een rustig kind dat zich goed aan de regels houdt. Maar zodra hij thuis is, is hij een druk kind met veel lawaai dat moeite heeft zich aan de regels te houden.

Wij hebben vaak de time-out geprobeerd, maar als hij boos is, is hij echt erg boos en weet hij niet meer wat hij doet. Op de gang zetten is geen optie, hij maakt alles kapot. Op een stoel zetten werkt ook niet, je moet uitkijken dat je zelf de stoel niet tegen je aan krijgt. Ik neem hem wel eens naar boven op zijn kamer. Dan blijf ik binnen voor de deur staan en laat hem uitrazen. Ik moet mij dan vaak verweren omdat hij mij slaat en schopt. Na een poosje gaat hij dan huilen en kan hij weer een poos lief en aardig doen.

Ook ten opzichte van zijn broertje van 3 gaat het niet goed. Soms spelen ze leuk met elkaar, maar mijn oudste is erg bazig en zijn broertje moet doen wat hij wil. Als hij niet wil luisteren of net wat anders doet dan wat de oudste wil, wordt hij boos. Gelukkig doet hij zijn broertje niet meer pijn, maar hij behandelt hem vaak als zijn hondje, lijkt het wel. Zijn broertje is ook soms bang voor hem, waar ik mij zorgen om maak.

Vriendjes heeft hij wel. Als hij thuis speelt, kan hij ook druk zijn en bazig. Maar als hij ergens anders speelt, is hij anders.

Ik weet niet wat ik met hem aan moet. Complimenten geven we hem vaak. Bijvoorbeeld als hij lief is tegen zijn broertje en als hij zich aan de regels houdt. Knuffelen houdt hij ook van.

Hebben jullie tips? Ik vind het steeds moeilijker om mijn geduld te bewaren, wat ik altijd goed kon. Mijn man is ook sneller driftig.

Antwoord

Wat me verbaasde aan uw verhaal, was dat degenen die uw zoon onderzocht hebben, geen alternatieven gesuggereerd hebben. Dus: als hij geen PDD-NOS of ADHD heeft, wat was dán de verklaring voor zijn gedrag? Daar moet toch wel iets over gezegd zijn, lijkt me. Uw zoon is gezien, dus zal men op z'n minst gezegd moeten hebben wat voor indruk ze van hem hadden. Ook zou je verwachten dat er wel een advies gegeven zou zijn hoe u hiermee verder moet.

En dan nog iets: stel dat de diagnose PDD-NOS of ADHD wél gesteld was, wat dan? Was uw probleem dan wel opgelost? Het lijkt me niet. In feite zeg ik hiermee hetzelfde als hiervoor, namelijk dat het niet om het label gaat maar om het probleem zelf. Wat is er precies aan de hand, hoe komt dat, en hoe los je het op? Hulpverlening is iets anders dan het afvinken van lijsten en het beestje een naam geven...

Emoties reguleren

De eerste vraag is dus wat er nou eigenlijk aan de hand is. Als ik uw verhaal zo lees, ziet het ernaar uit dat uw zoon een probleem heeft met het reguleren van zijn emoties. Dat wil zeggen dat hij het moeilijk vindt om ze te herkennen, ze te benoemen en er adequaat mee om te gaan. Hij kan heftig boos worden en slaat dan door. Je zou kunnen zeggen dat zijn emotionele thermostaat niet goed staat afgesteld.

De volgende vraag is dan hoe dat komt. Om zo'n vraag te kunnen beantwoorden moet je altijd naar twee dingen kijken: de kindfactoren en de omgevingsfactoren.

Bij de kindfactoren gaat het om datgene wat in het kind zelf zit, zoals intelligentie, angstigheid of juist overmoedigheid, sociale vaardigheden, eventuele ontwikkelingsproblemen, etc.

Bij de omgevingsfactoren kijk je in de omgeving van het kind (school, thuis, etc.) naar eventuele stressfactoren maar ook beschermende factoren, traumatische gebeurtenissen, etc. Stressfactoren kunnen bijvoorbeeld zijn: school (moet hij er hard aan trekken?) of de geboorte van zijn broertje. Hij was 4 toen dat gebeurde, wat op die leeftijd heel ingrijpend kan zijn. Opeens gaat de aandacht die altijd naar jou ging, naar een ander. Ook belangrijk bij de omgevingsfactoren is hoe het gezin functioneert. Hoe gaan jullie – als ouders – bijvoorbeeld zelf om met emoties?

Aangezien de gedragsproblemen van uw zoon zich vooral thuis voordoen en eigenlijk niet daarbuiten, ligt het voor de hand om vooral goed naar de omgevingsfactoren te kijken. Dat neemt echter niet weg dat ook de kindfactoren nog steeds belangrijk zijn. Het kan bijvoorbeeld zijn dat uw zoon op school op zijn tenen moet lopen en dat thuis afreageert.

Wat kun je doen?

Nadat je een indruk hebt gekregen van de achtergronden, moet je gaan kijken wat er aan het gedrag te doen valt. Het uitgangspunt daarbij is dat uw zoon zijn emoties beter onder controle moet zien te krijgen. Dat moet hij nu gaan leren.

Aangezien zijn uitbarstingen vrij fors zijn, en u al van alles geprobeerd heeft, zult u waarschijnlijk wel wat professionele hulp nodig hebben. Er bestaan trainingen voor kinderen met gedragsproblemen en hun ouders. Vaak zijn dat soort trainingen beschikbaar op kinderpsychiatrische poli's. Kinderen leren er hun emoties beter onder controle te houden en ouders leren vooral consequent zijn, duidelijk zijn, en goed gedrag belonen. De kinderen moeten overigens wel kunnen lezen en schrijven om mee te kunnen doen, anders is de training alleen geschikt voor hun ouders.

Begrijpen en benoemen

Wat vaak goed helpt is de uitbarstingen proberen te begrijpen. Waarom werd hij boos? Ga dit na voor iedere afzonderlijke situatie. U bent namelijk de eerste die zijn emoties moet gaan begrijpen en voor hem moet gaan verwoorden (zodat hij uiteindelijk zélf zijn emoties kan begrijpen en benoemen). Was hij bijvoorbeeld moe? Of was hij teleurgesteld ergens over? Daarnaast is het belangrijk om te kijken hoe u reageerde op zijn bui. Bleef u rustig? Of werd u kwaad, waardoor hij nog kwader werd? etc.

Een nevenvoordeel van deze aanpak is dat je jezelf traint in observeren, waardoor je de echte uitbarstingen soms voor kunt zijn. Er kan bijvoorbeeld al een lichte boosheid zichtbaar zijn die steeds verder kan oplopen als je het laat gaan. In plaats daarvan kun je je kind dan proberen af te leiden, bijvoorbeeld door een spelletje voor te stellen. Of je kunt hem even naar zijn kamer laten gaan. Vaak zijn kinderen in de eerste fase van hun boosheid nog wel toegankelijk, maar als ze op hun toppunt zijn niet meer.

Ontladen en aandacht geven

Komt uw zoon vaak druk uit school? Dan kan het zijn dat hij zich daar ontzettend heeft ingehouden om zich goed te gedragen, waarna hij zich thuis – in een veilige omgeving – alsnog moet ontladen. Als dat zo is, gun uw zoon dan eerst even gelegenheid om zijn energie kwijt te kunnen, bijvoorbeeld door hem even lekker te laten spelen en rennen. Pas daarna kunt u dan weer eisen aan hem gaan stellen.

Daarnaast raad ik u aan om 's avonds, als zijn broertje al in bed ligt, wat tijd voor hem in te plannen en dan echt met hem bezig te zijn. Bijvoorbeeld door een kwartier een spelletje samen te gaan doen, waarbij u duidelijk het verschil aangeeft tussen hem en zijn kleine broertje. Door hem de indruk te geven dat hij al een grote jongen is en zijn broertje nog niet, zal hij zijn broertje misschien minder tot slachtoffer van zijn eigen ongenoegens maken.

Besluit

Ik hoop dat ik u hiermee een beetje op weg heb geholpen, al realiseer ik me heel goed dat het allemaal niet eenvoudig is. Juist daarom adviseer ik u om het niet alleen te doen, en hulp te zoeken. Niet om een diagnose te krijgen maar om de gedragsproblemen van uw zoon op te lossen.

Succes ermee!