Home » Artikelen » De nieuwe who groeicurves voor kinderen tot 5 jaar

Huilt jouw baby extreem veel?
Voel jij je als ouder machteloos door het vele huilen?
Kom naar de middagbijeenkomst van Ouders Online over huilbaby's!

De nieuwe WHO-groeicurves voor kinderen tot 5 jaar

Door:

Heleen Hayes

De WHO heeft nieuwe groeicurves voor kinderen tot 5 jaar gepubliceerd. Wat is daar zo bijzonder aan en hoe worden ze gebruikt?

Wetenschappers uit de hele wereld zijn ruim negen jaar bezig geweest met het maken van de nieuwe WHO-groeicurves. Met behulp van deze standaards kunnen artsen en onderzoekers de fysieke groei, de voedingsstatus en de motorische ontwikkeling van kinderen van 0 tot 5 jaar beoordelen.

Groei weerspiegelt gezondheid

Een groeicurve is een middel voor zorgverleners om na te gaan of een kind goed groeit. En de groei zegt weer iets over de gezondheid van een kind (of een groep kinderen).

Om te zien of er iets bijzonders aan de hand is met een specifiek kind, moet je de groei van dat kind vergelijken met de groei van andere – gezonde – kinderen van dezelfde leeftijd. Zo geeft de groene – middelste – lijn aan wat 'het gemiddelde gewicht (of de gemiddelde lengte) van alle gemeten kinderen' op een bepaalde leeftijd is.

Nu is er natuurlijk bijna geen enkel kind dat precies die lijn van het gemiddelde volgt. 'Het gemiddelde' is immers een statistisch (rekenkundig) gegeven, en je hebt nu eenmaal grote kinderen en kleine kinderen. Daarom staan er nog meer lijnen in de grafiek. De rode en zwarte lijnen geven de spreiding aan:

  • 95% van de kinderen zit binnen de rode lijnen
  • 99% van de kinderen zit binnen de zwarte lijnen

Let op (1): de voorgedrukte lijnen zijn dus geen 'richtingaanwijzers' voor het kind, maar dienen als hulplijnen voor de zorgverlener. Elk gezond kind groeit volgens zijn eigen lijn, die best mag afwijken van een van die hulplijnen, zolang de groei maar gestaag doorgaat. Er is pas reden tot zorg wanneer een kind gaat afwijken van zijn eigen groeilijn, bijvoorbeeld als die lijn gaat afvlakken of als er een knik optreedt. Er moet dan onderzocht worden hoe dat komt en wat voor actie er eventueel ondernomen moet worden.

Let op (2): groei is een proces dat zich ontwikkelt in de tijd. Op zich zegt het dus weinig als een kind op één bepaald moment een lengte of een gewicht heeft dat (sterk) afwijkt van het gemiddelde. Je hebt altijd meerdere meetwaarden nodig – gemeten op verschillende momenten – zodat je kunt zien hoe de groei zich ontwikkelt, en of er misschien sprake is van een 'trendbreuk'.

De eigenlijke groeicurves zijn beschikbaar aan het eind van dit artikel.

Wat is het nieuwe aan de nieuwe curves?

Voor het maken van de nieuwe curves werden 8440 kinderen in zes heel verschillende landen opgemeten. Het onderzoek vond plaats in Brazilië, Ghana, India, Noorwegen, Oman en de Verenigde Staten. Alleen kinderen die onder optimale omstandigheden opgroeiden, konden meedoen. Ze kregen te eten volgens de toen bekende aanbevelingen, kregen goede gezondheidszorg en hun moeders rookten niet.

Deze curves geven aan binnen welke grenzen kinderen horen te groeien. Dit in tegenstelling tot de bestaande grafieken, zoals we die in Nederland gebruiken, die weergeven hoe kinderen in ons land de afgelopen jaren groeiden. Maar dat betekent niet automatisch dat dat ook de beste groei is voor onze kinderen.

Met name overgewicht kan met de nieuwe curves sneller onderkend worden, omdat borstgevoede baby's – die nu de norm zijn geworden – op een gegeven moment wat minder hard groeien dan flesgevoede kinderen. En omgekeerd: consultatiebureaus zullen niet zo snel meer schrikken wanneer een borstgevoede baby wat achter lijkt te blijven in groei. Dat 'hoort' immers zo.

Zijn alle kinderen dan even groot?

Bij het samenstellen van de nieuwe groeicurves bleek dat kinderen over de hele wereld binnen dezelfde lengte- en gewichtsgrenzen groeien. Er zijn natuurlijk individuele verschillen tussen kinderen, maar over grote groepen gezien, blijkt de gemiddelde groei regionaal en wereldwijd opvallend overeen te komen.

Gezonde kinderen uit India vertonen dus een zelfde groeipatroon als gezonde kinderen uit Noorwegen. De verschillen in groei van de kinderen bleken meer af te hangen van voeding, voedingsgewoonten, omgeving en gezondheidszorg dan van genetische of etnische factoren.

Bedoeld voor álle kinderen

Omdat het initiatief afkomstig is van de WHO (Verenigde Naties), wat je al snel associeert met 'probleemgebieden', zou je kunnen denken dat de nieuwe groeicurves vooral bedoeld zijn voor ontwikkelingslanden. Dat is niet het geval. De curves zijn bedoeld voor álle kinderen op de hele wereld, ongeacht de plek waar ze wonen, de welstand van hun ouders, of de voeding (borst- of flesvoeding) die ze krijgen.

Het is natuurlijk heel goed mogelijk om met behulp van deze curves vast te stellen of een kind dat opgroeit in een arm land, ondervoed is. Maar je kunt er óók mee zien of een kind dat opgroeit in een rijk land, te zwaar is (of dreigt te worden).

Vooral dat laatste is interessant voor ons. Want als in een rijk land de plaatselijk opgestelde groeicurves worden gebruikt, dan zie je pas dat een kind te dik is als het kind al flink overgewicht hééft. Met de nieuwe standaard kunnen overgewicht en zwaarlijvigheid eerder opgemerkt worden, zodat er makkelijker wat aan gedaan kan worden.

Borstvoeding en flesvoeding

De nieuwe curves zijn gebaseerd op borstgevoede kinderen, maar zijn bedoeld voor álle kinderen, ook als ze kunstvoeding krijgen. Het uitgangspunt is dat het groeipatroon van borstgevoede kinderen de natuurlijke standaard is, waar ook voor flesgevoede kinderen naar gestreefd moet worden.

Wanneer ook in Nederland de nieuwe groeicurves gebruikt gaan worden, zou dat een stap vooruit zijn voor alle kinderen, of ze nou de borst of de fles krijgen.

Training voor zorgverleners

Uit onderzoek is gebleken dat groeikaarten altijd moeilijk te begrijpen zijn, ook al zien ze er eenvoudig uit. Zelfs artsen kunnen er nog problemen mee hebben. Om te kunnen interpreteren of de groei van een individuele baby goed verloopt, moet de zorgverlener de gereedschappen goed kennen. Hoe werkt de weegschaal precies, hoe meet je volgens de standaard en wat doe je vervolgens met de meetresultaten?

Om goed met de nieuwe kaarten te kunnen werken, en ouders de juiste uitleg te kunnen geven, moeten zorgverleners getraind worden. Daarom is de WHO een training voor zorgverleners aan het opstellen, die in november 2006 beschikbaar zal komen. Het gebruik van de curves is namelijk niet simpelweg een kwestie van stipjes zetten en kijken of het kind zijn of haar lijntje volgt...

De curves

Inmiddels bent u natuurlijk benieuwd naar die curves. Bijvoorbeeld om ze te printen en te gebruiken voor uw eigen kind. Gewicht en lengte spreken voor zich, 'BMI naar leeftijd' is bedoeld om te kijken of je kind 'te dik' is (BMI staat voor 'body mass index'). De oude 'gewicht naar lengte'-curve bestaat niet meer; deze is nu vervangen door de BMI-curve. Voor meer informatie, zie: Dossier 'Dikke kinderen' - De kinder-BMI.

Let op: zoals u zult zien, zit er in de lengte- en BMI-curves een raar soort hikje. Dat hoort zo. Tot de leeftijd van 2 jaar is de lengte liggend gemeten (length), en daarna staand (height). Als er staand gemeten wordt, is de lengte (height) wat kleiner vanwege het inzakken van de wervelkolom.

1. Gewicht naar leeftijd:

2. Lengte naar leeftijd:

3. BMI naar leeftijd:

4. Motorische mijlpalen naar leeftijd (zitten, staan, kruipen, lopen, etc.):

De bovengenoemde curves zijn van het type 'z-score', oftewel 'standaarddeviatie'. Daarnaast zijn er percentiel-varianten van de groeicurves beschikbaar, maar die zijn bedoeld voor wetenschappelijke toepassingen. In de Nederlandse jeugdgezondheidszorg (consultatiebureaus, schoolartsen, etc.) wordt de standaarddeviatie gebruikt.

De cijfers 1, 2 en 3 (respectievelijk -1, -2 en -3) die u bij de hulplijnen ziet staan, zijn de z-scores. Ze geven aan hoe groot de afwijking van het gemiddelde is:

  • 68% van de kinderen zit tussen -1 en +1
  • 95% van de kinderen zit tussen -2 en +2
  • 99% van de kinderen zit tussen -3 en +3.

Heleen Hayes

is voorzitter van de Stichting Baby Voeding en redacteur van 'BN', het blad van de Vereniging Borstvoeding Natuurlijk.