Laatste kans! Doe mee met een van de gratis expert webinars over opvoeding

4 februari 2005 door Esther de Charon

02. Geen minuut te verspillen

Ben je na je 40e nog geschikt als moeder? Gaan de mensen dan vragen: "Bent u met uw kleinkind aan het wandelen?" Welke vooroordelen kom je tegen en hoe werkt het in de praktijk? In deze column vertelt Esther de Charon hoe het voelt om een oudere moeder te zijn, wat er gebeurt, en hoe je ermee omgaat.

Een week nadat ik weet dat ik zwanger ben, bel ik een verloskundigenpraktijk op. Zodra ze horen dat ik 41 ben, krijg ik extra snel een afspraak. Twee dagen later schuifelen mijn geliefde en ik onwennig het voormalige winkelpand in.

In de spreekkamer zit een struise vrouw. Na wat algemene openingszinnen – ze heeft net in de tuin gewerkt, dat verklaart de zwarte nagels – gaan we van start. Zonder omwegen vertelt de verloskundige waarom we zo snel moesten langskomen. Ik zit in de hoge-leeftijdgroep en daarom moet ze mij vertellen over de prenatale onderzoeken. Nu kan het nog en er is geen minuut te verspillen.

In razend tempo doet ze alle mogelijkheden uit de doeken. Ze eindigt iedere onderzoeks-uitleg met "Als het niet met leven verenigbaar is". Mijn gedachten blijven daarop vastkleven. "Sorry", vraag ik, "maar wat bedoelt u precies met 'niet met het leven verenigbaar'? Dat het lastig is om mee te leven, of dat het kind gewoon dood kan gaan?" Ze bedoelt het laatste. "Ja", zegt ze, "de meeste mensen kunnen daar niet zo goed me omgaan". Daarom noemt ze het maar zo.

Ze begrijpt wel dat ik even na moet denken over al die informatie en ze respecteert al onze beslissingen. "Maar", vervolgt ze, "laatst was hier een vrouw van 43 en die wilde geen onderzoeken en dan loop je wel heel grote risico's". 43? Dat is maar twee jaar ouder dan ik.

Inmiddels staat het huilen me nader dan het lachen. Dit zou een leuk bezoek worden. Ik ben zwanger en daar zijn we heel blij mee. We moeten wennen aan het idee maar we zijn vooral heel erg gelukkig. Waarom doet deze mevrouw alsof ik een ziekte heb, in plaats van een minuscuul kindje in mijn buik?

Inmiddels is ze doorgegaan met het invullen van een vragenlijst. Omdat ze moeite heeft met het computerprogramma, gaat haar hele aandacht in het apparaat zitten. Mijn irritatie neemt toe. Ben ik wel eens bij een psycholoog geweest?, wil ze weten. "Want", vervolgt ze, "je zou ze de kost moeten geven, de vrouwen die denken dat ze een hondje in hun buik hebben, dat kan iedereen overkomen."

De irritatie groeit door. Ik vind dit geen leuke mevrouw. Ik dacht dat verloskundigen invoelende mensen waren, die begrip en kunde in zich verenigen. Ik voel me gestraft voor mijn leeftijd. Misschien was het allemaal te veel gevraagd.

Als ze klaar is met haar lijst, pak ik mijn papiertje met klachten. Ik mag dan wel net een week weten dat ik zwanger ben, ik heb wel al klachten. Mijn pukkels, misselijkheid en vermoeidheid worden van tafel gezwaaid met een olijk "Ja, nu ben je zwanger. Dan hoort dat er allemaal bij".

's Avonds in bad komen de tranen los. Zie je wel, het is helemaal niet goed dat ik zwanger ben. Het kan nooit iets worden. Zo veel geluk is niet weggelegd voor mij. Nu word ik gestraft met een zwaar gehandicapt kind.

De volgende dag bel ik vriendin S. Die verbiedt me om ooit nog naar die praktijk gaan. Ik vind een andere praktijk waar ze het helemaal niet raar vinden dat ik geen 21 meer ben en waar ik heel gewoon na 8 weken langs kan komen. Bij de struise dame meld ik mij heel laf af met een e-mail.