Laatste kans! Doe mee met een van de gratis expert webinars over opvoeding

1 mei 2002 door Judith van Praag

11. Moeder

Judith van Praag vertelt over de gesprekken die zij voert met zichzelf en anderen over het omgaan met verlies en verdriet.

In deze aflevering: moederdag 2002. Waarin Judith pleit voor het in ere herstellen van rouwkleding, en waarin ze vertelt hoe haar eigen moeder daar wel héél bijzonder mee omging.

Het schijnt dat weduwnaars in Shakespeare's tijd een zwarte onderbroek droegen en met een zwart nachthemd aan en zwarte slaapmuts op in bed stapten. To mourn or not to mourn.

Niet lang na de begrafenis van haar man, met wie ze 21 jaar lang lief en leed had gedeeld, ging ze de kamer binnen waar hij zo vaak ziek gelegen had, en nam plaats voor zijn klerenkast. Hoe duidelijk het ook was dat hij hun dochter niet volwassen zou zien worden, hoe vaak hij haar ook had verteld dat hij er van de een op de andere dag niet meer zou zijn; het ging er bij haar niet in dat hij echt dood was. Ze kon, ze wilde hem nog niet loslaten.

Wat zag-ie er altijd goed uit

Ze stond voor de open kast en haar handen betastten de stof van zijn colberts, zijn smokingjasje, zijn overhemden. Tranen biggelden over haar wangen. Haar zussen hadden gezegd dat ze zijn kleren moest wegdoen.

Wat zag-ie er altijd goed uit in een pak. Vooral nadat hij weer eens een tijdje als bohémien gekleed was gegaan. Ze streek over de ribbels van een bruine Manchester broek. Plotseling, liet ze resoluut haar eigen pantalon zakken. Ze trok de Manchester broek van het knaapje en stapte in de pijpen. Onhandig knoopte ze de gulp dicht. Ze griste een riem van het haakje aan de binnenkant van de kastdeur, haalde de leren strip op de tast door de lusjes van de broek en gespte hem dicht op haar buik. Bukkend pakte ze van onder uit de kast een paar bruin suède schoenen. Het kon haar niets schelen dat zij met haar maat 43 niet in zijn maat 41 paste. Vastberaden trapte ze de hielen in.

Afschuwelijk was het

Als 13-jarig meisje vond ik het maar niets dat mijn moeder plotseling de kleren van mijn vader ging dragen. Afschuwelijk was het, wanneer ik – in gezelschap van klasgenoten, of zelfs alleen – mijn moeder op mijn vaders brommer in het dorp tegenkwam. Het liefst had ik haar ontweken. Ze maakte me bang met haar oogopslag, schichtig als een geschrokken paard. Wist ik veel? Niemand vertelde me dat mijn moeder in de rouw was...

Mijn moeder was een modebewuste vrouw. Ze hield de modeshows in Parijs nauwlettend in de gaten en omdat ze goed kon naaien liep datgene wat ze voor haarzelf en mij maakte vaak een half jaar vooruit op wat er in de winkels te koop was.

Verontrustend

Juist daarom was het zo verontrustend dat zij mijn vaders jasjes, truien, broeken, sokken, misschien zelfs zijn onderbroeken droeg tot ze tot op de draad versleten waren. Pas toen dat het geval was, leek haar rouwperiode ten einde te zijn gekomen. Pas toen zij weer oog kreeg voor het modebeeld (en hoe mijn garderobe ervoor stond) en ons allebei in het nieuw stak, was haar rouwperiode voorbij.

Ieder mens gaat op een andere manier om met de dood van een partner. Soms doen mensen in de ogen van de omgeving gekke of domme dingen. Het is moeilijk, of zelfs onmogelijk om maar gewoon door te gaan met je leven wanneer je maatje overleden is.

Soms lijkt het alsof mensen die in de rouw zijn alles om zich heen kapot willen maken. Ze komen niet meer op visite, of als ze wel komen is het niet gezellig. Ze willen geen pilsje meer gaan pakken, of drinken juist tegen de klippen op. De een knipt het haar af, verandert van baan, en gaat zeer kortstondige relaties aan. De ander verslonst, eet alleen nog maar chips, en heeft geen zin meer om op te staan.

Tradities

De laatste jaren besteden de media meer aandacht aan sterven en rouw dan ooit tevoren. Daarom is het des te opmerkelijker dat juist nu de jongere generatie van meer traditionele gemeenschappen zoals Staphorst zijn tradities laat varen, inclusief de tradities rond uitvaart en rouwperiode. Toch zijn rouwenden in Staphorst nog steeds te herkennen aan de kleur van hun kleding (zie Reizen in Nederland - Staphorster rouw). En daar is toch echt wel iets voor te zeggen.

Mijn moeder bepaalde haar eigen rouwkleed. Haar keuze was wat extreem, en of ze daardoor de gewenste reacties ontving blijft de vraag. Maar: het dragen van rouwkleding, of op zijn minst een rouwband om de arm, zou zo gek nog niet zijn. Wanneer rouw in uiterlijkheden herkenbaar is, valt het de omgeving gemakkelijker om in te spelen op het gedrag van een rouwende. Wordt de rouwband op een gegeven moment weer weggelaten, dan is de boodschap duidelijk: er is een nieuwe fase aangebroken.