Home » Opinie » Studeren en een kind je moet wel gek zijn

Studeren en een kind, je moet wel gek zijn

Door:

Martine Borgdorff

Martine Borgdorff bespreekt het plan om jonge studentes te stimuleren om kinderen te krijgen. Conclusie: het is uitstel van executie.

Nederlandse vrouwen krijgen hun kinderen te laat en dat bracht de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg afgelopen week tot een briljante ingeving. Zorg voor kinderopvang in studentenhuizen, en Nederlandse vrouwen zullen vanzelf jong hun kinderen baren. Medisch gezien is dit het ei van Columbus, maar maatschappelijk gezien heeft de Raad geen benul van de wereld waarin we leven.

Welke studente wil er moeder worden? Als het aan de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg ligt, staan ze over een jaar of wat in de rij. Gezonde, jonge, blozende studentes, met voldoende fysiek gereedschap om zonder al te veel complicaties het nageslacht van Nederland veilig te stellen. Regel kinderopvang in studentenhuizen, en de dames zullen gegarandeerd vroeg hun kinderen krijgen, is het idee.

Carrière in de ijskast

Op het eerste gezicht lijkt het een creatieve oplossing voor een probleem dat in ons land vreemd genoeg alleen van medici serieuze aandacht krijgt: de aarzeling van Nederlandse vrouwen om moeder te worden. Maar het feit dat het moederstudenten-plan afkomstig is van vooraanstaande medici, is meteen de achilleshiel van het voorstel. Het gaat namelijk volledig voorbij aan de achterlijke opvattingen in ons land over moederschap en alles wat daarbij hoort.

Wie moeder wordt, loopt in Nederland maatschappelijk gezien een flinke achterstand op. Werken en moederschap is nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Niet voor de meeste ouders die daarmee de zorg voor hun kind aan anderen moeten overlaten, en ook niet voor de buitenwereld, die in Nederland nog altijd in meerderheid vindt dat de moeder de eerst aangewezene is als het om de zorg voor de kinderen gaat.

Tegelijkertijd wordt moederschap op de werkvloer vooral lastig gevonden. Deeltijdwerken is voor veel werkende moeders een uitkomst, maar wie een driedaagse werkweek heeft, kan zijn carrière wel in de ijskast zetten. Didi Braat, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde in Nijmegen en mede-opsteller van het plan, erkende dit ook ruiterlijk in de Tros Nieuwsshow van zaterdagochtend 10 maart. Op de vraag of zij ook hoogleraar zou zijn geworden als ze haar kinderen eerder gekregen had, moest ze ontkennend antwoorden. (Beluister hier het interview).

Dubbele moraal

De status van moederschap is er een met een dubbele moraal. Wie zich er een aantal jaren fulltime aan wil overgeven, wordt afgeserveerd als ambitieloze huismoeder, terwijl ook voltijds werkende moeders zich voortdurend gedwongen zien hun keuze te verdedigen.

De vrouwen die op beide fronten hun steentje willen bijdragen, dus een beetje werken en een beetje moederen, doen het ook niet goed. Met vrouwen die twee of drie dagen per week werken, kun je de oorlog tegen de vergrijzing immers niet winnen. En van economische zelfstandigheid, een van de belangrijkste pijlers van het emancipatiebeleid in ons land, is met een baantje van twee dagen geen sprake.

Biologische klok

Ik geef het je te doen. Je moet wel heel erg dol zijn op luiers verschonen en snotneuzen vegen om vrijwillig voor zo'n achterstand te tekenen. Mijn ervaring is dat een luid tikkende biologische klok uiteindelijk ook genoeg is om de grens naar de achterblijvende moederwereld over te steken. Maar in dat geval is men de 30 doorgaans al ruim gepasseerd en dat is medisch gezien nou juist zo onwenselijk.

De hoge gemiddelde leeftijd van onze moeders is een logisch gevolg van de status van moederschap in ons land. Wie al een leven heeft opgebouwd kan het zich permitteren om maatschappelijk gezien een treetje te zakken. Maar voor wie, zoals de meeste studerende vrouwen, dat leven nog maar net is begonnen, kan het onmogelijk een aantrekkelijk vooruitzicht zijn.

Uitstel van executie

Eerlijk is eerlijk, het pleidooi om jonger aan kinderen te beginnen is medisch gezien volkomen terecht. Het voorkomt een hoop leed en teleurstelling voor vrouwen die hun kinderwens te lang uitstellen en uiteindelijk te laat zijn om nog een kind te krijgen. Ook voorkomt het kostbare en mentaal belastende behandelingen als ivf. Dat is het probleem allemaal niet.

Het grootste bezwaar van het advies is dat voor de zoveelste keer wordt gepleit voor ingrijpen op de verkeerde plek. Niet de (aanstaande) moeders zijn het probleem, maar de moeder-onvriendelijke omgeving waarin die vrouwen hun kinderen moeten zien te krijgen. Studentes overhalen om 'alvast' kinderen te krijgen, is een onzinnig voorstel zolang er in het denken over moederschap in ons land niets veranderd. Het is uitstel van executie.

Tekenen voor een maatschappelijke achterstand

Zolang werkende moeders achterblijven in loopbaankansen en salaris, zolang de schooltijden een serieuze baan onmogelijk maken, zolang de Nederlandse man het zorgen nog altijd aan zijn vrouw overlaat, zolang de kwaliteit van de kinderopvang achterblijft, zolang de keuze voor moederschap wordt gezien als bewijs van ambitieloosheid, kortom: zolang moeder worden in ons land gelijk staat aan tekenen voor een maatschappelijke achterstand, is er hopelijk geen studente zo gek om in deze val te trappen.

Martine Borgdorff

is freelance journalist, moeder van drie jonge kinderen en auteur van het boek 'Mama moet werken! - Handboek voor werkende moeders' (verschenen in de Ouders Online-reeks van Uitgeverij SWP).

Naschrift: 

Op de bovenstaande opinie kwamen diverse reacties:

1.

Hulde! U legt de vinger op de zere plek: niet alleen de moeders zijn verantwoordelijk voor gezond nageslacht en het grootbrengen daarvan. Ook vaders, werkgevers, enzovoort, kortom: de gehele maatschappij. Dit geluid mis ik meestal in de publieksmedia. Hulde dus ook voor Ouders Online.

Fijtje Koets (freelancer & ouder)


2.

Ik was gelukkig wel zo gek om tijdens mijn universitaire studie kinderen te krijgen en heb in het derde jaar van de studie (ik was 22 jaar) samen met mijn partner bewust voor een kind gekozen. Genoeg voordelen, ik zal er een paar noemen, zowel voor de korte als voor de lange termijn.

Ik heb in het tweede studiejaar vooruit gewerkt en mijn stage gedaan om tijd vrij te maken voor het krijgen van een kind. Je krijgt geen bevallingsverlof, maar mag wel met teruggave van collegeld je studie stopzetten. Hierdoor kon ik twee maanden voor de bevalling stoppen. Vier maanden na de bevalling ben ik weer begonnen en dit was prima te combineren. Je bent als student vrij om je tijd in te delen, zo is het missen van een college je eigen verantwoordelijkheid.

Zonodig kon ik altijd thuis blijven. Collegedagen zijn ideaal voor moeders met jonge kinderen. Ik had een paar uur per dag college en dat niet meer dan drie dagen in de week. De rest van de studie-uren waren bestemd voor zelfstudie. Hierdoor heb ik mijn kind lang borstvoeding kunnen geven (2 jaar), ik hoefde op de dagen dat ik college had vaak maar één keer te kolven. Ik was tijdens deze jaren voor de maatschappij geen ambitieloze huisvrouw, terwijl ik wel heel veel tijd had om thuis te moederen. Mijn studie deed ik voornamelijk tijdens het middagdutje van mijn zoon en 's avonds.

Ik ben keurig binnen de vier jaar afgestudeerd en was aan het einde van de studie zwanger van mijn tweede zoon. Nu mijn kinderen wat groter zijn (5 en 3 jaar oud) zie ik nog steeds de voordelen in van het vroeg krijgen van mijn kinderen. Ik hoef er straks na mijn dertigste niet meer tussenuit en kán blijven groeien in mijn werk en stijgen op die befaamde maatschappelijke ladder. Kán, met klemtoon, want die ambitie van mij is niet grenzeloos. Dat is misschien wel een nadeel voor de maatschappij, ik heb al op jonge leeftijd geleerd mijn prioriteiten scherp te stellen. Mijn kinderen staan daarbij met stip op nummer 1!

Eva


3.

Bravo, Martine Brogdorff. Je slaat de spijker op z'n kop! Ik hoop dat de ware discussie nu eindelijk eens losbarst.

José


4.

Het probleem zit hem inderdaad niet in de vrouwen (en hun partners), maar in de maatschappij.

Nog twee aanvullende opmerkingen:

Je moet de man van je dromen al wel tegengekomen zijn terwijl je aan het studeren bent. Er zijn genoeg mensen bij wie het witte paard vertraging heeft...

Verder geeft het niet de garantie dat ivf voorkomen wordt. Ook bij jonge mensen komen vruchtbaarheidsproblemen voor, al is het minder vaak.

Anke


5.

Ik vind het eerlijk gezegd een beetje kort door de bocht gesteld. Al mijn hoogopgeleide vriendinnen zijn werkende moeders met behoorlijke carrières. Zij verdienen stuk voor stuk zeker 1,5x modaal in werkweken van 32 uur. Alle bijbehorende papa's vaderen rustig mee. Eentje zelfs met een 'kleine' baan van drie dagen en één is notabene huisman. En als ik op mijn werk kijk naar de jonge papa's, maken ze zonder uitzondering gebruik van hetzij ouderschapsverlof, dan wel hun recht om 32 uur te werken.

Ik denk dat juist de hogeropgeleiden zo langzamerhand prima in staat zijn werk en ouderschap te combineren. Waarom duurt het dan zo lang voor ze aan kinderen beginnen? In mijn omgeving in elk geval omdat het nogal wat gedoe is om een geschikte 'verwekker' te vinden zonder bindingsangst of andere diskwalificaties.

Ik denk niet dat het zozeer de angst voor een mislukte carrière is die potentiële studentenmoeders van de voortplanting afhoudt, maar eerder het feit dat hun hoofd er niet naar staat, laat staan dat van hun mannelijke medestudenten.

Anke v.H.


6.

Ik ben het voor een groot deel met Martine Borgdorff eens. Alleen heb ik zelf het idee dat de rol van de aanstaande vaders bij het uitstellen van het ouderschap wordt onderschat. Je moet tenslotte wel samen kinderen willen, ook als je je prins op het witte paard al jong ontmoet.

Ik heb het idee dat veel mannen de vrijheid die de emancipatie hen heeft gegeven, ook wel fijn vinden en ook graag nog een tijd van die vrijheid willen genieten (alleen, of met zijn tweeën en twee inkomens, en alle vrijheid om te gaan en staan waar je wilt). Alleen hebben zij geen last van een biologische klok.

Wat ook gaat meespelen, is dat je, wanneer je voor in de twintig bent, echt een van de weinigen bent die al kinderen heeft. Al mijn vriendinnen werden in elk geval laat moeder.

Trudy