Laatste kans! Doe mee met een van de gratis expert webinars over opvoeding

26 januari 2007 door Nanny Gortzak

Extreme stemmingswisselingen door borstvoeding?

Mijn oudste zoontje (nu 2 jaar) heb ik tien maanden borstvoeding gegeven. Ik merkte dat als ik één voeding afgebouwd had, dat ik dan twee weken labiel was. Huilerig, chagrijnig, moe en erg snel geprikkeld.

Intussen geef ik onze tweede zoon vier maanden volledige borstvoeding. Sinds een paar weken voel ik me weer lusteloos, down, ben ik snel geprikkeld en duidelijk niet lekker in m'n vel.

Ik heb niet onlangs een voeding afgebouwd. Maar mijn zoontje drinkt sinds twee weken wel anders. De ene voeding drinkt hij erg kort (vier min.) en maar aan één kant, de volgende voeding drinkt hij weer normaal (15 min. en beide kanten).

Mijn vraag is of het kan dat de (extreme) stemmingswisselingen te maken kunnen hebben met het geven van borstvoeding. En zo ja, wat kan ik hieraan doen? Want op deze manier vind ik het geven van borstvoeding erg zwaar.

Antwoord

Voordat ik inga op uw vraag over de stemmingswisselingen eerst even iets meer over het drinkgedrag van uw huidige baby.

U vertelde dat hij ineens anders is gaan drinken. De ene keer kort aan een kant, de andere keer langer en aan twee kanten. Op zich is dat niet vreemd. Want net als volwassenen kunnen ook baby's behoefte hebben aan afwisselend wat grotere en kleinere maaltijden, gespreid over de dag. Als u daar bij bedenkt dat veel baby's van deze leeftijd in staat zijn om zeer efficiënt te drinken, dan begrijpt u waarom uw zoon tijdens sommige voedingen zo kort kan drinken, en toch voldoende voeding krijgt.

Dempende invloed

Dan uw eigenlijke vraag. In het verleden heeft u ervaren dat vermindering van de borstvoeding leidde tot negatieve stemmingen. Bekend is in ieder geval dat moeders die depressief zijn, een terugslag kunnen krijgen wanneer ze stoppen met de borstvoeding. Zelfs als de depressies behandeld worden (met therapie en/of medicijnen).

Het lijkt erop dat het geven van borstvoeding een enigszins dempende invloed kan hebben op het ontstaan en in stand houden van een depressie. Vandaar dat stoppen of afbouwen de klachten weer kan laten verergeren.

Kraamtranen en babyblues

Maar misschien had u voorheen (dus vóór het geven van de borstvoeding) helemaal geen depressieve klachten. De vraag is dan: wat is normaal en wanneer moet je je zorgen gaan maken?

We hebben allemaal wel gehoord van kraamtranen en babyblues. Hiermee wordt bedoeld dat een moeder zich labiel voelt nadat de baby is geboren. Meestal treedt dit op in de eerste dagen tot weken nadat de baby is geboren en veelal is het van korte duur (een of enkele dagen tot hooguit twee weken). Een moeder kan dan ineens sombere gedachten hebben, of in huilen uitbarsten, naar eigen zeggen vaak "om niets". Ook kunnen er problemen zijn met slapen of eten, en kunnen er gevoelens van onrust, angst, nervositeit, etc. ontstaan.

Postpartum depressie

Wanneer de kraamtranen ondanks rust en goede voeding niet verdwijnen met twee weken, kan er sprake zijn van een postpartum depressie (PPD), ook wel 'postnatale depressie' (PND) genoemd. Dat is hetzelfde als kraamtranen of babyblues, maar meestal intenser en per definitie van langere duur.

Een postpartum depressie hoeft niet per se te ontstaan na kraamtranen: elke depressie die optreedt tot een jaar na de geboorte van een kind, valt onder de noemer 'postpartum depressie'.

Zoals gezegd kan borstvoeding een dempende werking hebben op dit soort verschijnselen. Ongetwijfeld spelen hormonen hierbij een rol, maar hoe het precies werkt, valt niet te zeggen. Onderzoeken geven geen uitsluitsel of spreken elkaar tegen. Het enige wat in ieder geval duidelijk is, is dat depressie geen reden is om met de borstvoeding te stoppen.

Behandeling

Tot zover de theorie, nu de praktijk. Het feit dat u zich opnieuw – net als de vorige keer – lusteloos, down, en snel geprikkeld voelt, betekent dat u er iets aan moet laten doen. Bij voorkeur door iemand die ervaring heeft met dit soort klachten in dit soort situaties, en die niet meteen met antidepressiva aankomt.

Eileen Engels, die voor Ouders Online een e-brochure schreef over dit onderwerp, zegt daarover het volgende:

Artsen schrijven vaak te snel antidepressiva voor. Bij een PND blijken deze middelen vaak – of zelfs meestal – niet te helpen. Ze pakken de klacht niet bij de wortel aan, dus helpen ze niet. Dit wordt vaak pas opgemerkt als de patiënte stopt met het slikken van deze middelen. De klachten komen dan weer terug. Bij hormonale klachten zijn antidepressiva slechts symptoombestrijders.

Zie verder: brochure "Postnatale depressie".

Nog een opmerking tot slot. Borstvoeding veroorzaakt geen depressie. Wel kan het zijn dat door een depressie de moeder bij problemen met de borstvoeding vaak kiest om te stoppen met voeden, of dat problemen met voeden als extra zwaar worden ervaren.

Ik wens u sterkte en succes!