Meld je hier aan voor de gratis webinars tijdens De Week van de Opvoeding

21 februari 2002 door Diederik Bosman

Heupdysplasie: wanneer gipsbroek en wanneer spreidbroek? (4 mnd)

Onze dochter Floor van 4½ maand heeft heupdysplasie en heeft daarom een gipsbroek gekregen. Ze hebben terwijl ze haar benen wijd hielden van haar middel tot haar enkels gips aangebracht.

Iedereen reageert hier heel verbaasd/verbijsterd op, omdat (ook volgens alle informatie op internet) dysplasie meestal met een spreidbroek wordt behandeld.

In welke gevallen is er nu een spreidbroek en in welke gevallen een gipsbroek noodzakelijk? En wat is het verschil in werking?

Antwoord

Bij heupdysplasie is er sprake van een verstoorde vorming van de heupkom. Hierdoor staat de heup-gewrichtskop – die aan het bovenbeen zit – niet goed centraal in de heupkom.

Bij zowel de spreidbroek als de gipsbroek is het doel de heupkop centraal in de heupkom te zetten.

Er zijn echter verschillende graden waarin de heupkom verstoord is ontwikkeld. Meestal is er sprake van een lichte afwijking, en is het heupgewricht nog 'stabiel'. Dat wil zeggen dat de heupkop niet makkelijk uit de heupkom kan raken.

Als het gewricht stabiel is, kan men een spreidbroek aanleggen. Maar als de arts twijfelt aan de stabiliteit van het heupgewricht, hetgeen dus het geval is bij ernstiger vormen van heupdysplasie, wordt een gipsbroek aangebracht.

Met een gipsbroek wordt de stabiliteit van de heup meer gegarandeerd dan met een spreidbroek.

Beide behandelingen zijn bedoeld om erger te voorkomen. Er kunnen bijvoorbeeld delen van het heupgewricht afsterven, als er niet – of niet goed – behandeld wordt. Met een vroege en goede behandeling zijn dit soort gevolgen meestal te voorkomen.

Lees ook: