Laatste kans! Doe mee met een van de gratis expert webinars over opvoeding

6 maart 2009 door Joanna Sandberg

Mijn zoon verzamelt meisjeskleren. Hoe moet ik daarmee omgaan? (12 jr)

Kort geleden ontdekte ik dat mijn zoon van 12 de meisjeskleren van zijn zus van 18 verzamelt onder zijn matras. Het waren echte meisjeskleren: een bikini, hemdjes, strings, een minirok, en dergelijke.

Hij is de jongste uit een gezin van drie, met een broer van 16 en de eerder genoemde zus van 18. Ik heb alleen gezegd dat ik de kleren gevonden en teruggelegd heb. Hij ontkende alles (wist hier niets van) en toen ben ik er verder niet meer op ingegaan.

Toen ik hem vertelde wat ik gevonden had, is hij wel wat geschrokken, maar daarna is hij wel weer doorgegaan met verzamelen. In ieder geval heeft hij nog een hemdje weggenomen.

Ik weet niet of hij deze kleren aandoet, of dat hij er iets anders mee doet. Hij is wel onzeker maar verder niet zo bijzonder.

Ik weet niet hoe ik hiermee om moet gaan. Herkennen jullie dit? Moet ik het bespreken of moet ik het hem allemaal zelf laten ontdekken?

Antwoord

Er kunnen verschillende dingen met uw zoon aan de hand zijn. Hij zou een gender-dysfoor gevoel kunnen hebben (genderdysforie is dat je je niet tevreden voelt met je eigen geslacht), of het kan zijn dat hij zich wat fetisjistisch transvestitistisch ontwikkelt. Fetisjisme is opgewonden raken van voorwerpen, en transvestitisme is de seksuele drang om kleding van het andere geslacht te dragen (in het normale spraakgebruik wordt meestal het woord travestie hiervoor gebruikt).

Hieronder zal ik al die termen nader toelichten, en aangeven hoe je het beste met de bijbehorende neigingen om kunt gaan.

Genderdysforie en transseksualiteit

Genderdysforie is een sterk gevoel van onbehagen met je eigen geslacht. Je kunt het lichaam van een jongen hebben maar je geen jongen voelen, en een meisje kan een onbehaaglijk gevoel hebben over haar meisjeslichaam.

Als dit genderdysfore gevoel heel sterk is – bij kinderen – spreek je van een gender-identiteitsstoornis ('gender' betekent 'geslacht' in het Engels). Bij volwassenen spreek je dan van transseksualiteit.

Bij genderdysforie voelt een jongen zich een meisje. Hij identificeert zich met meisjes en wil het liefst ook gaan leven als een meisje. (Hetzelfde geldt voor transseksualiteit bij volwassenen. In dat geval kun je de termen jongen en meisje vervangen door man en vrouw.)

Wat kun je verwachten?

Bij de meeste kinderen – jonger dan 12 jaar – gaat het gevoel van genderdysforie over, of wordt het minder, naarmate ze ouder worden. Veel van deze kinderen ontwikkelen echter wel een homoseksuele oriëntatie wanneer ze in de puberteit komen.

Vooral in het begin van de puberteit kan de genderdysforie heel sterk worden, omdat het lichaam van de jongen zich dan gaat vermannelijken (denk aan: penisgroei, lichaamsbeharing, baardgroei, lagere stem, adamsappel, etc.). Een genderdysfore jongen kan dat echt vreselijk vinden, omdat hij het liefst een vrouwelijk lichaam zou willen krijgen (met borsten, een hogere stem, geen lichaamsbeharing, etc.)

Kenmerken en behandeling

Stel dat uw zoon genderdysfoor zou zijn. Dan zou u dat onder andere kunnen merken aan:

  • teruggetrokken gedrag;
  • moeilijk aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten, met name bij jongens;
  • zeer sterke interesse in meisjeszaken;
  • zich willen kleden als een meisje;
  • liever met meisjes willen omgaan dan met jongens;
  • een hekel hebben aan wilde spelletjes en vechten;
  • een hekel krijgen aan de mannelijke kenmerken van zijn lichaam.

De meeste genderdysfore puberjongens raken er niet seksueel opgewonden van om zich te verkleden als meisje. Voor een klein percentage geldt dat echter wel. Maar dat gevoel gaat weer over naarmate het verkleden meer en meer gewoon wordt, en dus minder spanning geeft.

Jongeren met genderdysforie kunnen gediagnosticeerd en behandeld worden door het genderteam van het VUmc in Amsterdam. Er wordt veel onderzoek naar gedaan, maar we weten nog steeds niet wat de oorzaak is.

Fetisjistisch transvestitisme

In de puberteit, wanneer de seksualiteit zich ontwikkelt, kan het gebeuren dat 'je omkleden als meisje' een seksuele lading krijgt. Het omkleden wordt dan geseksualiseerd, zoals dat heet. Een jongen kan dan opgewonden raken van het aantrekken van meisjeskleding, waardoor hij gaat masturberen.

Er kan dan een moment komen waarop zo'n jongen alleen nog maar opgewonden kan raken als hij vrouwenkleding draagt, of als hij daarover fantaseert. Dan spreek je van 'fetisjistisch transvestitisme'.

Bij fetisjistisch transvestitisme heeft een jongen geen afkeer van zijn eigen (mannelijke) lichaam. Hij voelt zich ook geen meisje, waardoor er geen sprake is van genderdysforie. Dit is meer 'een seksuele drang' bij het dragen van meisjeskleding.

Seksuele variatie

Ook van fetisjistisch transvestitisme weten we niet wat de oorzaak is. Wetenschappelijk gezien is dat vervelend, maar praktisch gezien is het niet erg, aangezien er geen vlieg kwaad wordt gedaan met dit gedrag. Niemand heeft er last van: noch de persoon zelf, noch de omgeving.

Het enige wat je ervan kunt zeggen, is dat het een vorm van seksuele variatie is, en dat het afwijkt van onze seksuele normen. Maar verder is het gewoon een privé-aangelegenheid.

Als iemand er zelf geen last van heeft, is er in wezen geen probleem. Meestal zie je trouwens dat dit geëxperimenteer met seksueel gedrag op deze leeftijd (puberteit) weer ophoudt zodra een vriendinnetje (of een vriendje) de bron van alle seksuele opwinding gaat worden.

Intense schaamte

Toen u met uw zoon begon te praten over de kleding die hij onder zijn matras verstopt had, zei hij dat hij van niets wist. Dat duidt op intense schaamte.

Die schaamte is wel goed te begrijpen. De meeste pubers schamen zich dood voor hun seksualiteit, hun fantasieën, en hun masturbatie. Zeker als het ook nog gepaard gaat met meisjeskleding. En nog sterker als het ontdekt wordt door hun moeder. Erover moeten praten is al helemáál vreselijk voor een puber.

Schaamte speelt dus een grote rol in het omgaan met deze seksuele behoefte. Juist een puber aanvaardt dit gedrag vaak niet, omdat hij het liefst niet raar wil zijn en niet raar gevonden wil worden. En hoe minder hij dit gedrag van zichzelf accepteert, hoe meer hij verwacht dat anderen hem ook wel heel raar zullen vinden. En hoe groter de schaamte – inclusief de angst voor ontdekking die daarbij hoort – hoe meer de behoefte wordt weggedrukt. Maar helemaal wegdrukken zal niet goed lukken, daar is de drang te sterk voor. Er kan dan heel veel energie in deze interne strijd gaan zitten.

Wat kun je doen?

Eigenlijk kunt u niet zo heel veel doen, behalve uw zoon laten voelen dat u hem niet raar vindt of afwijst, en dat u er bent als hij wil praten of vragen heeft. Afhankelijk van datgene wat er precies aan de hand is, gaat u als volgt te werk:

  • Als u denkt dat zijn gevoelens in de richting van genderdysforie gaan, kunt u proberen om daar met hem over te praten, en hem vertellen dat hij naar het VU medisch centrum (in Amsterdam) kan voor diagnostiek en een mogelijke behandeling. Voor meer informatie, zie: Zorgcentrum voor genderdysforie.
  • Als het bij uw zoon meer om fetisjistisch transvestitisme gaat, dan is dat vaak erg moeilijk bespreekbaar tussen puber en ouder, omdat er zoveel schaamte bijkomt. Toch zou u wel een keer serieus met hem kunnen praten hierover. Zeg dan dat hij kan gaan praten met een psycholoog/seksuoloog als hij er last van heeft (wat heel goed mogelijk is, vanwege de energie vretende interne strijd waar ik het eerder over had).

Voor het vinden van een seksuoloog die met pubers werkt, kunt u terecht op de website van de NVVS (Nederlandse vereniging voor seksuologie). Ook kunt u kijken op www.rutgersnissogroep.nl.

De Rutgers Nisso Groep is een kenniscentrum voor seksualiteit.

Succes ermee!