De impact van goede hechting bij kinderen

De band tussen een ouder en een kind is uniek en ontzettend waardevol. Vanaf het allereerste moment wordt er aan deze band gewerkt en naar mate jouw kind ouder wordt, wordt deze band gesterkt. Een goede band begint met een solide hechting tussen ouder en kind. Maar niet elke hechting tussen ouder en kind verloopt even makkelijk of even positief. Wanneer is er sprake van goede hechting en wat is de impact daarvan op kinderen?

Veilige en onveilige hechting

Elke baby hecht zich aan zijn verzorgers, in de meeste gevallen zijn of haar ouders. Een baby is tenslotte hulpeloos en heeft zijn verzorgers nodig voor voeding, troost en begeleiding. De band die tussen een ouder en kind ontstaat noemen we hechting, of de gehechtheidsrelatie.

Wanneer je kind zich veilig en gerust voelt bij jullie als ouders noemen we dit veilige hechting. Er kunnen zich echter ook problemen voordoen bij de hechting. Zo kan het kind geen vertrouwen hebben in de ouder, zich niet veilig voelen of zich helemaal niet hechten aan zijn of haar verzorgers. Dit noemen we onveilige hechting. Wanneer er ernstige verwaarlozing plaatsvindt of een kind in de eerste levensjaren geen hechtingsfiguur heeft gehad, kunnen we zelfs spreken van een hechtingsstoornis.

De impact van veilige hechting

Goede hechting, oftewel veilige hechting, is een belangrijke voorwaarde voor een positieve ontwikkeling van jouw kind. Kinderen die veilig gehecht zijn, voelen zich doorgaans gesterkt, veilig en vol zelfvertrouwen. Jouw kind durft de wereld te verkennen en weet dat de ouders een veilige haven zijn. Dit begint al op zeer jonge leeftijd, maar blijft belangrijk gedurende de hele opvoeding. Veilige hechting is ontzettend belangrijk voor de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van elk kind.

Wanneer er sprake is van onveilige hechting is deze zekerheid er niet. Een kind kan hier erg onzeker en angstig van worden. Hij of zij kan boos, vermijdend of angstig reageren op de ouder, veel stress ervaren, moeite hebben met sociale interacties en met minder vertrouwen de wereld ontdekken.

Hoe herken je een hechtingsstoornis?

Natuurlijk vraag je je als ouder af of jouw kind wel goed gehecht is. Hij of zij is namelijk wel eens angstig als je de kamer verlaat, heeft moeite met afscheid nemen op school of zegt juist helemaal geen gedrag als je de deur uitgaat. Maak je geen zorgen: dit hoort allemaal bij de ontwikkeling en is geen teken van onveilige hechting of een hechtingsstoornis.

Wanneer er sprake is van een hechtingsstoornis dan vertoont jouw kind langdurig afwijzend, dwingend, manipulatief of afwachtend gedrag. Een onveilig gehecht kind wijst troost door een ouder af, reageert niet als een ouder de kamer verlaat, neemt weinig initiatief, is juist erg vertrouwd met vreemden of is weinig nieuwsgierig. Elk kind is echter anders en een onveilige hechting kan zich op allerlei manieren uiten bij een kind.

Werken aan veilige hechting

Een veilige hechting is enorm belangrijk voor de ontwikkeling van jouw kind. Maar hoe zorg je voor deze solide basis en een goede hechting?

  • Zorg voor een veilige thuisbasis. Creëer een veilige omgeving in huis waar iedereen gerespecteerd wordt en veilig is.
  • Ritme en regelmaat zijn belangrijk. Door een herkenbaar dagritme aan te houden heeft jouw kind vastigheid en regelmaat in zijn of haar leven.
  • Luister met aandacht. Of jouw kind nu de oren van jouw hoofd kletst of nog maar een baby is: goed luisteren en signalen oppikken is ontzettend belangrijk.
  • Laat weten dat je jouw kind onvoorwaardelijk accepteert. Een goede vertrouwensband begint bij de realisatie dat jullie er altijd voor elkaar zijn en elkaar onvoorwaardelijk accepteren.
  • Bied troost en steun. Als ouder is het belangrijk om steun en troost te bieden wanneer jouw kind verdrietig, boos of teleurgesteld is.
  • Communiceer goed. Door goed te communiceren en al vanaf heel jong af aan met jouw zoon of dochter te praten bevorder je de relatie en maak je open en eerlijke communicatie mogelijk.