Home » Columns » Geen bloemkool meer

Geen bloemkool meer

Door:

Jasmijn Krol-van Gent

Jasmijn vindt het belangrijk om de eerlijke kant van het moederschap en gezinsleven bespreekbaar te maken. Haar verhalen zijn niet perfect, want het gezinsleven, het opvoeden en het vrouw- en moederzijn is niet perfect. Ze wil je met haar verhalen laten lachen, troosten en steunen. Lees je mee?

Jasmijn Krol-van Gent

Een goede slaper overdag ben je nooit geweest. Eerst kwam het door je reflux, die je voortdurend pestte. Maar toen je de wereld ging ontdekken verticaal, werden je zuuraanvallen minder. Uiteindelijk toen je helemaal reflux-vrij werd, was je het vrolijkste jongetje op aarde. Je wereldje werd steeds groter en ik mocht die samen met jou ontdekken. Nooit wist ik dat ik zo enthousiast kon worden van geklap in je handjes en wanneer je zwaait. Maar als je mama zegt, dan ontploft mijn hart. Die mini hazenslaapjes verdwenen in één redelijk lange slaap. Op jouw leeftijd zou je nog twee slaapjes moeten doen. Maar daar voelde jij je vast te groot voor. Eén slaapje was genoeg. En zodra je wakker bent, hoor ik de liefste geluidjes uit je kamer komen. Als ik je kamertje binnenloop, zie ik een klein mannetje die veel op Klaas lijkt, jouw papa. Maar ook zie ik dingen terug, die ik dagelijks zie in de spiegel. Mijn ogen bijvoorbeeld, al staan ze jou nog mooier. Je staat in je slaapzakje te lachen en te zwaaien. Wanneer ik dichterbij kom, strek je je handjes voor je uit. En als ik je warme lijfje uit bed til en je tegen mij aan houdt, houden je armpjes mijn nek stevig vast. Je neus druk je in mijn borst. Wat heb ik je toch gemist. Al was het maar voor een uurtje of twee.

Slapen als een baby

Slapen in de nacht doet onze zoon heel goed. En nee, ik wil absoluut niet opscheppen over wanneer mijn kind doorsliep. Want wij hebben ook genoeg weken amper slaap gehad, door tandjes of andere ellende. Maar Luca sliep, als er niks aan de hand was, best heel goed. De eerste keer wanneer hij door had geslapen was hij nog heel klein. Ik schrok wakker en stond in paniek naast zijn bedje. Maar als hij sliep, was hij niet wakker te krijgen. Zelfs een droomvoeding werd geweigerd. Samen slapen hebben we drie weken gedaan. Dit was niks voor ons. Luca hield ons wakker en wij hem. Bij elk geluidje schoten mijn ogen wijd open. Daarnaast groeide hij zo hard, dat hij al snel niet meer in het wiegje paste. In het wiegje leek hij zo groot, alsof hij in die paar uur slaap ineens een maat groter was geworden. Maar toen we zijn wiegje hadden omgeruild voor een ledikantje leek hij weer die kleine baby, die ik 11 mei 2019 voor het eerst in mijn armen hield.

Borstvoedingsavontuur

Ik geef nog steeds borstvoeding, dus ’s nachts moest ik in de eerste maanden er sowieso wel uit. Of het was voor één of meerdere nachtvoedingen of het was omdat ik moest kolven omdat mijn borsten op springen stonden. En geloof me, borsten vol melk is niet fijn! Hoe ouder hij werd, hoe meer regelmaat er kwam. Mijn melk was helemaal afgestemd op hem en voeden was geen hogere wiskunde meer. Hoe ik op het begin zat te struggelen met voedingskussens, nekpijn en gekke houdingen, kon ik nu zelfs lopend voeden. Al die maanden hard werken was het zeker waard. Want ons borstvoedingsavontuur ging niet over rozen. Van een te strak tongriempje, buikgriep, kloven tot bloedens toe naar twee borstontstekingen. Alles hebben wij al wel gehad. Elke houding wel geprobeerd. Gehuild, boos geweest maar ook veel gelachen. Nu voed ik al 13 maanden. Nooit verwacht dat ik dit nog steeds zou doen. Zo'n 7 maanden geleden schreeuwde ik nog naar mijn man, toen hij mijn net afgekolfde melk liet vallen, dat ik er helemaal klaar mee was. Maar wanneer Luca, vooral ’s avonds, bij mij dronk, wist ik dat ik dit wilde. Voor hem, uit liefde.

Ik kan mij niet voorstellen, dat er ooit een moment komt, dat ik hem niet meer op mijn arm borstvoeding geef. Maar ik weet dat die tijd er aan zal komen. Onze momentjes zijn al minder, nu nog maar twee keer per dag en soms laat hij de eerste voeding ook vallen. Dan wil hij liever een glaasje water met een boterham. Ik volg hem. Als het goed is, is het goed. We zien wel waar we eindigen. Bij elk afscheid, hoort ook weer een nieuw begin. Een nieuw avontuur die we samen gaan beleven.

Eten wat de pot schaft

Nu eet Luca met de pot mee. Heel gezellig vind ik het. Samen met het gezin aan tafel. De helft van zijn eten belandt op de grond. Maar wij hebben een privé stofzuiger, onze hond genaamd Fien, die alles meteen opruimt. Het blijkt goed voor de ontwikkeling te zijn, dat gooien, verpletteren en uitsmeren. Dus ik laat het maar los. Nu hadden we bloemkool gegeten. Blijkbaar is bloemkool een kool dat veel krampjes kan veroorzaken. Dit hebben we geweten. De nacht waar wij zo fijn in slapen veranderde in een troostnacht. Je merkte aan Luca dat hij graag wilde slapen, maar dat dit niet lukte door zijn krampjes. De borst was niet goed genoeg en zelfs mijn ‘geweldige’ zangstem werd niet met dank afgenomen. We hebben hem gewiegd, over zijn buikje geaaid en hem uiteindelijk een zetpil gegeven. Hij heeft daarna wel twee uur geslapen, maar om zes uur moesten wij gewoon weer het bed verlaten voor een nieuwe werkdag. Luca was de hele dag chagrijnig op de opvang en Klaas en ik hadden wallen tot onze knieën. We hebben wel wat geleerd: we eten even geen bloemkool meer.

Jasmijn Krol-van Gent

is 23 jaar en getrouwd met Klaas. Samen hebben ze een zoontje, Luca Jorris. Draagt een slordige knot en doet wat goed voelt.

Reacties

Lees verder

Alle columns in de serie Jasmijn Krol-van Gent