Meld je hier aan voor de gratis webinars tijdens De Week van de Opvoeding

19 december 2008 door Marianne Kurvers

Hoe komt onze dochter van haar heimwee af? (11 jr)

Onze dochter van 11 heeft last van heimwee. Bij opa en oma gaat logeren redelijk, alhoewel het in slaap vallen vaak met een hoop verdriet en stress gepaard gaat.

We praten erover, en af en toe probeert ze het een nachtje bij een vriendinnetje. Tot nu toe hebben we haar dan 's avonds laat opgehaald omdat ze het niet meer trok. We zijn dan niet boos of teleurgesteld, maar prijzen haar voor het proberen.

Volgend jaar in groep 8 gaat de klas op kamp. Ze kan daar nu al tegen op zien. De vraag: Hoe komt je kind van heimwee af?

Antwoord

Heimwee betekent letterlijk: het verlangen naar de geboortegrond, naar huis. Dat verlangen kan zo sterk zijn dat het ziekmakend is. Voor kinderen betekent heimwee vooral dat ze hun ouder(s) missen, maar ook wel hun broertjes en zusjes.

De kern van heimwee bij kinderen is vaak scheidingsangst. Het kind is dan bang dat de moeder niet meer terugkomt. Het mist meer de personen dan de omgeving, want als het kind samen met de ouders bij opa en oma logeert, is er niks aan de hand. Maar slaapt het kind daar in z'n eentje, dan slaat de heimwee toe.

Lichamelijke en emotionele symptomen

In het algemeen uit heimwee zich in lichamelijke en emotionele symptomen:

  • gebrek aan eetlust;
  • slapeloosheid;
  • maag- en darmstoornissen (zoals buikpijn en diarree);
  • het idealiseren van thuis;
  • nergens anders aan kunnen denken;
  • lusteloosheid;
  • en weinig belangstelling hebben voor de directe omgeving.

Voor kinderen kan daar nog bijkomen:

  • huilen;
  • zich terugtrekken;
  • soms: lastig en aandacht vragend gedrag (vooral als het om langere perioden van afwezigheid gaat).

Ervaring opdoen

De meeste kinderen groeien uiteindelijk over hun heimwee heen. Dat heeft niet zozeer te maken met ouder worden, maar vooral met ervaring opdoen.

Het is dus een leerproces. Kinderen moeten leren om afwezig te zijn van huis. Hoe vaker een kind uit logeren (of op vakantie) is geweest, hoe kleiner de kans dat er heimwee zal optreden.

Dagboek bijhouden

Kinderen die al kunnen schrijven, kunnen een schriftje of een dagboekje meenemen, waarin ze opschrijven wat ze meemaken. Dat kan helpen om de heimweegevoelens van zich af te schrijven, maar daarnaast doet het nog iets veel belangrijkers.

Door het opschrijven van belevenissen en gevoelens ontdekken kinderen welk systeem er in hun heimwee zit. Er zijn bijvoorbeeld risicovolle momenten, zoals:

  • onder het eten;
  • bij het slapen gaan;
  • net na het wakker worden.

Dat zijn de momenten die het meest aan thuis doen denken en waarop er het minste afleiding is. Maar aangezien het momenten zijn, komt er ook steeds een einde aan. Daar leren ze van dat het ook weer overgaat. En als ze weten wanneer het optreedt, kunnen ze er ook op (leren) anticiperen.

Praktische tips

  • Afleiding helpt. Zorg dat degene bij wie je kind logeert dat ook weet (en er iets mee doet). Vooral lichamelijke activiteiten zijn effectief. Lezen en tv-kijken zijn minder geschikt.
  • Laat je kind vertrouwde spulletjes meenemen, zoals een knuffel, de eigen deken, de eigen wekker, etc.
  • Beperk het logeren zoveel mogelijk tot één of twee vertrouwde adressen.
  • Zorg dat degenen bij wie je kind logeert van de heimwee afweten, zodat ze troost en steun kunnen bieden.
  • Zorg ervoor dat op het logeer-adres dezelfde slaaprituelen als thuis worden aangehouden. Geef dus het vaste voorleesboek mee, etc.
  • Maak van tevoren duidelijke afspraken met je kind, zodat het weet waar het aan toe is. Vertel dus om hoeveel nachtjes het gaat, teken die eventueel aan op een kalendertje, en zeg eerlijk of je kind wel of niet opgehaald zal worden als het zich akelig voelt.
  • Als niets helpt is er maar één advies: haal je kind op van het logeeradres en laat het alsnog thuis slapen.