Ouders en School Ouders en School

Ouders en School

Respecteer het schooladvies van de leerkracht? Standpunt.nl

https://www.nporadio1.nl/spraakmakers/onderwerpen/448744-stand-nl-ouders-moeten-het-schooladvies-van-de-leraar-respecteren

Leerkrachten worden bedreigd om een hoger advies te geven. Maar ouders komen ook juist op voor hun kind. Sinds 2015 is het advies van de leerkracht leidend. Het advies is niet altijd sluitend. Het kan ook een momentopname zijn. Het geeft veel spanning bij leerkrachten, sommigen overwegen zelfs te stoppen.

"Dreigen, schelden en intimideren: sommige ouders gaan ver voor een hoger schooladvies voor hun kind. Driekwart van de basisschoolleraren is de afgelopen twee jaar onder druk gezet. En één op de vijf is weleens gezwicht onder deze druk, zo blijkt uit een enquête van vakbond CNV Onderwijs en EenVandaag."

Caesar

Caesar

21-03-2018 om 11:41

Feiten

Beste manier om van die eeuwige discussie af te komen, is om het advies volledig te baseren op feiten en niet meer (gedeeltelijk) op de arbitraire mening van een willekeurige leerkracht. LVS scores zouden hiervoor gebruikt kunnen worden, maar andere systemen zijn ook denkbaar.

Phryne Fisher

Phryne Fisher

21-03-2018 om 12:03

Breed kijken

Ons probleem was juist dat de leerkracht (en de directeur) alleen naar de LVS-cito's keken en daarbij de ondergrens als waarheid hanteerden. Dochter scoorde in de bovenbouw voor BL en rekenen II, III en IV, niet echt consistent dus. De cijfers voor toetsen waren ook in die lijn, cijfers variërend van 3 tot 9 (nooit een 10). We hadden een recente iq-test (116), dus dat was voor ons toch wel aanleiding om haar het voordeel van de twijfel te willen geven. School hield echter vol dat de cito's kader zeiden, en de enkele III en II'en toevalstreffers waren. Dankzij een mooie eindcito (542 volgens mij) mocht ze dan toch naar tl. Nu in haar tl/h-brugklas haalt ze met twee vingers in haar neus (mag ik eigenlijk niet zeggen van een van onze forummers) prachtige zessen ;-)
Wij vermoeden zelf dat ze ook in een havo brugklas een uitstekende zesjesleerling zou zijn geweest.

Prachtig

Dit volg ik niet helemaal: " prachtige zessen" en "uitstekende zesjesleerling".
Een zes in de brugklas lijkt mij toch niet heel veelbelovend. Maar het kan aan mijn perceptie liggen hoor.

Jaina

Jaina

21-03-2018 om 12:15

Jutta

Er zijn leerlingen die op elk niveau een 6 zullen halen omdat ze gewoon het minst mogelijke doen zonder dat ze gezeur krijgen. Dus ze zorgen dat ze net voldoendes halen. Zo min mogelijk inspanning.
Daar heb ik ook een voorbeeld van thuis.

Dat kan

Het gaat mij om de woorden prachtig en uitstekend. Grappig om te zien hoe sommige ouders de resultaten van hun kinderen omschrijven.

Hangkous

Hangkous

21-03-2018 om 12:36

allemaal zessen is prima

Bij oudste zou ik ook liever allemaal zessen zien. Die doet voor leuke vakken meer moeite dan voor de saaie "shit" (haar woorden)
Dan staan 5 achten leuk op je rapport voor wiskunde, biologie, scheikunde, frans en handvaardigheid maar met 3 vieren voor geschiedenis, economie en engels ga je dan toch net niet over.

Phryne Fisher

Phryne Fisher

21-03-2018 om 12:37

Jutta

Die zessen zijn voldoende om over te gaan naar 2 vmbo-tl dus net zoveel waard als zessen op een ander niveau. En natuurlijk zien wij liever achten (en havo, tja) maar ik vind het op zich heel veelbelovend dat ze op dit niveau zessen haalt met 10 minuutjes huiswerk per dag. Waarom dat dan niet meer is, is weer een heel ander verhaal waar ik nu niet op inga.

Zomer

Zomer

21-03-2018 om 12:38

Jutta

Volgens mij heb je de smiley's gemist in het desbetreffende bericht

typisch vmbo'ertje

Mijn dromerige dochter haalde prachtige cijfers op de basisschool maar werd door de meester van groep 7 een typisch vmbo'ertje en een sloom schaapje genoemd. Meer zat er echt niet in, aldus de meester. De cijfers waren wel prima, maar zo'n sloom kind ging het echt niet redden op havo of vwo niveau. En de meester ging mee naar groep 8, dus dan wist ik alvast wat het advies werd.
Op een andere school, met een juf die door dat dromerige wist heen te prikken, kreeg dochter een gymnasiumadvies. Dochter heeft het gymnasium in 6 jaar afgerond met net geen 8 gemiddeld, is bij de selectie voor geneeskunde in de top 20 geëindigd en zit inmiddels in het tweede jaar, met weer net geen 8 gemiddeld.
Het zou toch wat jammer zijn geweest als die meester haar naar het VMBO had gestuurd. Overigens heb ik tegen de juf van groep 8 altijd gezegd dat het kind vooral gelukkig moest zijn en dat ik havo of vwo advies ook volledig zou accepteren. Dan was ze gewoon naar een havo/vwo klas gegaan. Als het erin zit, komt het er wel uit. Geen enkele bedreiging dus, maar deze juf keek gewoon iets beter naar het kind dan die rare meester.
Van dromerigheid is overigens bij dochter inmiddels geen sprake meer :-)

bieb63

bieb63

23-03-2018 om 14:22

Het probleem van het NL systeem is

vooral de grote overgang van bs naar vo in combinatie met de leeftijd en in combinatie dat dan al een belangrijke keuze gemaakt moet worden m.b.t. het niveau.

Stoepkrijt

Mooi voorbeeld. Prima dat de mening van de leerkracht meetelt- als het de leerling verder helpt. Zoals bij een kind dat net niet goed genoeg scoort, maar bij wie de leerkracht wel potentie ziet en een hoger advies geeft. Omgekeerd -dus prima cijfers en cito, maar een lager advies van de leerkracht, gebeurt ook en zou wat mij betreft niet mogelijk moeten zijn.

Dora

Dora

23-03-2018 om 22:40

Uitleggen

Als een leerkracht goed kan uitleggen waarom hij/zij een bepaald advies geeft, kun je als ouder meer begrip opbrengen. Maar bij ons werd alleen een uitdraai van de CITO's van de laatste paar jaar gwtoond. Dat vond ik mager.

Stoepkrijt...

Hier identiek verhaal. Groep 8 docent vond oudste wen echte vmbo’er. Hij heeft vwo fluitend afgerond, en gaat komende zomer waarschijnlijk zonder ooit maar een hertentamen te hebben gedaan zijn bachelor biomedische technologie afronden. Tja.

Jongste mocht kiezen of ze naar de tl of havo brugklas wilde. Zit inmiddels in 4 gymnasium.

Ik heb er niet zo’n hoge pet van op....

Ingrid

Marianne

Marianne

24-03-2018 om 11:29

Tja

Wat een raar bericht, eigenlijk zelf wat dreigend. Alsof je niet op een nette manier het niet eens kunt zijn met het advies van de leerkracht. Wij hadden een totale afhaker in groep 6 en gezien school zwoor bij werkhouding wisten we wel hou laat het was. Want school hield bij hoog en bij laag vol dat kind qua niveau helemaal op de juiste plek zat.
We hadden het geluk dat we over konden stappen naar full time hb-onderwijs. Maar anders waren wij zeker het type ouder geweest dat zich absoluut niet bij een lager advies dan VWO neergelegd zou hebben.
Leerkrachten zijn niet volmaakt en alwetend en dat hoeft ook helemaal niet. Zolang ze zelf ook maar beseffen dat ze er wel eens naast kunnen zitten.

Tweede objectieve gegeven

In het regeerakkoord is afgesproken dat het basisschooladvies en de eindtoets weer moeten samenvallen. Dit is vooraan gunstig voor kinderen uit kansarme milieus omdat zij het meeste last hebben van bias van de leerkracht en te maken hebben met onderadvisering.

In Amsterdam zijn sinds de centrale loting, die tegelijk werd ingevoerd met het afschaffen van de Cito als 2e objectieve gegeven, cijfers bekend. Het aantal havo en vwo adviezen is toegenomen, het aantal vmbo adviezen neemt af (66% heeft havo en vwo advies). Dat heeft te maken met de veranderende samenstelling van de bevolking (meer hoogopgeleiden) maar (volgens onderzoekers) ook met adviesinflatie sinds het vervallen van de Cito toets als 2e objectieve gegeven. Bij de leerlingen met vwo advies heeft bijv. ruim 30% een Cito lager dan de minimale Cito bandbreedte, bij havo/vwo is dat ruim 35%. Het aantal kinderen dat naar een categorale vwo school kan is dus sinds de centrale loting flink toegenomen - het kan, waar dat eerst niet mogelijk was met een lage Cito - en je moet heel bewust kiezen voor je échte voorkeuren.

De ‘overadvisering’ zijn nog allemaal kinderen met kansen - al kun je je afvragen of een categorale vwo school de beste keuze is voor kind met een Cito van 528 (de laagste scoro bij vwo advies in Amsterdam). De andere kant van het verhaal is echter onderadvisering - de kinderen aan wie kansen ontnomen wordt. De gevolgen zijn veel ernstiger. Na een goede Cito kan het advies naar boven worden bijgesteld. Landelijk komt 34% in aanmerking voor heroverweging maar krijgt slechts 1 op de 6 een bijgesteld advies. In steden waar geloot wordt sta je dan ook nog eens helemaal achteraan, want alle aantrekkelijke scholen zitten vol. Ook de categoraal ingedeelde brugklassen voorkomen dat een kind op een scholengemeenschap kan starten op het juiste niveau.

Tel daarbij op dat opstromen en doorstromen naar een hoger niveau steeds zeldzamer wordt door de barrières die daarvoor opgeworpen worden.

Zie hier de giftige cocktail. Ouders zijn niet gek. Het belang van een passend advies voor de brugklas is enorm en alleen de juf kan het salomons oordeel vellen. Zo snel mogelijk dat 2e objectieve gegeven weer koppelen aan het advies lijkt me voor alle partijen de beste optie.

Zeetakje

Zeetakje

24-03-2018 om 12:42

Wat ik me afvraag...

Dat te hoog adviseren sinds de afschaffing van de eindtoets, zal dat komen door drammende ouders, of doordat basisscholen graag hoge uitstroomcijfers in hun schoolgids willen zetten?

Zeetakje

Ik weet het niet, maar ik denk niet dat de wil hoge uitstroomcijfers te kunnen publiceren echt bijdragen aan overadvisering. Ook omdat eind derde klas gekeken wordt of het kind echt op dat geadviseerde niveau zit en omdat basisscholen wel degelijk push-back krijgen van middelbare scholen op te hoge adviezen.

In Amsterdam (circa 7.600 brugklassers jaarlijks) zal vervolgonderzoek gedaan worden naar de cohorten leerlingen sinds 2015. Want de proof of the pudding is natuurlijk in the eating: of de kinderen inderdaad vaker op dat hogere niveau presteren. Dat wordt nu nog angstvallig onder het tapijt gehouden. Want de VO scholen willen ook niet met de billen bloot, die kunnen nu nog gunstige resultaten presenteren bij ‘onvertraagd onderbouw doorlopen’. Maar wie weet pakt overadvisering per saldo juist wel goed uit. Ik hoop dat het onderzoek ook de ontwikkeling van de Cito-ophogers (onderadvisering) bekijkt en vergelijkt.

Advies

De verdeling is trouwens in 2017 best evenredig:
Rond een derde scoort op de Cito lager dan het advies;
Rond een derde scoort hoger op de Cito dan het advies;
Ergo: ongeveer een derde krijgt direct een advies dat past bij de Cito.

De Cito scores corresponderen met de kans op succes op het aangegeven niveau. Voordat de Cito verviel als 2e objectieve gegeven zou het basisschooladvies een betere voorspelling voor het niveau zijn dan de Cito toets. Maar sinds het vervallen van dat 2e objectieve gegeven naast het advies zijn de verhoudingen significant gewijzigd en zou sprake zijn van adviesinflatie. Nieuw onderzoek naar de voorspellende waarde van het advies is dus nodig.

Anno Niem

Anno Niem

24-03-2018 om 13:09

helpt kansarme kinderen ook

De nieuwe regels helpen kansarme kinderen ook. Een vriendin van mij is juf groep 8 op een zwarte school in Amsterdam. VWO advies op basis van cito komt bijna niet voor op haar school. Maar zij geeft sommige kinderen toch expres het voordeel van de twijfel. Zeker als ze denkt dat kinderen voldoende gemotiveerd zijn, dan laat zij ze toch van school gaan met een VWO advies. Zij zegt: laat ze het maar proberen.

De hele cito methodiek is nl ook niet in hun voordeel, de vraag is nog maar of dat '2e onafhankelijke gegeven' wel in hun belang is. Die kinderen laten in cito toetsen niet altijd zien wat ze kunnen en begrijpen de vraagstelling niet altijd. Mijn vriendin is er juist blij om dat zij nu die extra vrijheid heeft om kinderen kansen te geven en niet te onthouden.

Anno Niem

Anno Niem

24-03-2018 om 13:11

adviesinflatie

Dus ja: dit leidt tot adviesinflatie, maar in hoeverre is dat erg? We gunnen alle kinderen toch het allerbest? Alleen moeten de scholen hun klassen daarop aanpassen.

Zeetakje

Zeetakje

24-03-2018 om 13:14

Bermbrand

Dank voor je uitgebreide heldere antwoord. Ik wist niet dat vo-scholen de basisscholen aanspreken op overadvisering. Dat maakt het misschien voor een basisschool minder aantrekkelijk om een te hoog advies te geven.

Bij één van onze kinderen is een paar jaar geleden het advies trouwens wel opgehoogd nadat de uitslag van de eindcito binnen was. Dat was een actie van de basisschool. Hebben we zelf niet om gevraagd. Ons kind is gewoon een niveau hoger geplaatst, maar de mogelijkheden daartoe zullen per regio wel erg verschillen.

Anno Niem

In individuele gevallen komt het vast voor en dat is mooi. Ik schreef ook dat overadvisering misschien juist positief uitpakt; dit zijn kinderen die een kans krijgen. Maar uit onderzoek van o.a. de onderwijsinspectie blijkt dat juist de kinderen uit kansarme milieus een lager advies krijgen bij dezelfde scores en intelligentie als kinderen uit kansrijke milieus.

Met name kansrijke meisjes krijgen het voordeel van de twijfel. Want zij hebben ouders die helpen (wat de kans op succes vergroot), zijn in het algemeen ijverig en werken keurig taakgericht, wat voordelig is in ons huidige onderwijs. Deze manier van werken is voor een juf ook fijn. Vooral jongens uit kansarme milieus krijgen eerder het nadeel van de twijfel. Want zij hebben ouders die niet zullen helpen en misschien geen Nederlands spreken (denkt althans de juf), zijn in het algemeen nog speelser dan de meisjes en werken juist bij voorkeur niet taakgericht maar onderzoekend. Dat soort eigenschappen wordt niet gewaardeerd in het huidige onderwijs. De jongen is lastig, druk en minder ontwikkeld dan de meisjes in de klas.

Jongens scoren traditioneel gemiddeld iets hoger op de Cito toets dan meisjes, maar zij krijgen sinds een aantal jaar lagere adviezen dan meisjes. Dit verschil wordt significant als je afkomst meeneemt in de vergelijking. Het afgelopen jaar scoorden meisjes voor het eerst sinds de Amsterdamse toets (voorloper Cito toets) begin jaren tachtig werd ingevoerd gemiddeld iets hoger op de Cito eindtoets dan jongens.

Lente

Lente

24-03-2018 om 22:09

Amsterdam en landelijke gegevens door elkaar?

Bermbrand, je meldt interessante gegevens maar ik heb de indruk dat je het de ene keer hebt over de Amsterdamse situatie en populatie en de andere keer over de landelijke gegevens.
Als er nieuw landelijk beleid moet komen t.a.v. het belang van de eindcito en het advies, dan hoop ik niet dat de Amsterdamse situatie of de Grote steden situatie, leidend zal zijn.
Ik vind het plan dat het hoogste advies leidend is (school of eindcito) helemaal goed, zeker als de eindcito afgenomen wordt voordat de aanmelding gedaan moet worden. Zo krijg je het beste van twee werelden qua advies.
Of kinderen in Amsterdam vaker een (te) hoog advies krijgen, vind ik dan niet zo interessant. Dat is voor de hele populatie in NL maar een klein deel.

Lente

Ik gebruik gegevens die bekend zijn. Amsterdam is met circa 7.600 achtstegroepers die jaarlijks overstappen de grootste schoolregio van Nederland en de enige regio waarover dit soort detailgegevens bekend zijn. In die zin zeker interessante regio gegevens over de overstap van basisschool naar VO. Een belangrijk verschil met andere regio’s is dat er in Amsterdam vooralsnog groei is van het aantal leerlingen, waar veel regio’s juist te kampen hebben met krimp. Krimp met schaarste aan nieuwe leerlingen geeft een ander beeld dan groei met schaarste van scholen tot gevolg. Ik gebruik sowieso landelijke gegevens indien die mij bekend zijn. Helaas zijn landelijk minder gegevens op detailniveau bekend. Maar als je zelf wel over dit soort gegevens beschikt, deel ze dan!

Verder lijkt me je voorstel om het hoogste van twee doorslaggevend te laten zijn best een goed plan, mits het weer samenvalt en mits het advies gebaseerd is op een leerlingvolgsysteem, iig iets dat objectiveerbaar is.

Waarom wil je eigenlijk niet dat voor een nieuw systeem de situatie in de grote steden leidend zijn? Andersom lijkt me een systeem waarin geen rekening wordt gehouden met de veranderingen in de bevolkingssamenstelling in de grote steden en geen rekening wordt gehouden met de verschillen in kansen, uitermate onwenselijk. Dit is sowieso landelijk beleid, in het huidige regeerakkoord is afgesproken dat het basisschooladvies en de Cito eindtoets weer samen gaan vallen in groep 8. Dit kan niet op regionaal niveau worden aangepast.

Onderwijsinspectie

Rapport “De Staat van het Onderwijs” 2016
https://www.onderwijsinspectie.nl/binaries/onderwijsinspectie/documenten/rapporten/2017/04/12/hoofdstuk-hoofdlijnen-svho/De+Staat+van+het+Onderwijs+hoofdlijnen.pdf

Hierna een aantal interessante citaten uit dit rapport over ongelijkheid in kansen en schooladviezen.

“Oplopende ongelijkheid in adviezen - Vorig jaar lieten we zien dat kinderen met hoogopgeleide ouders niet alleen vaker een hoger advies krijgen dan kinderen met laagopgeleide ouders, maar ook dat dit verschil de laatste jaren is toegenomen. Dit geldt ook wanneer men rekening houdt met de cognitieve prestaties van de kinderen.”

“Onder- en overadvisering bij hoogpresteerders - Een voorbeeld maakt de omvang van de verschillen in advisering duidelijk. Voor leerlingen die hoog scoren op de eindtoets basisonderwijs zou je verwachten dat deze leerlingen een vwo-advies krijgen. Dit blijkt lang niet altijd het geval te zijn. De kans op een lager advies is veel groter voor leerlingen van laagopgeleide ouders dan voor leerlingen van wie de ouders een academische opleiding hebben. Bij een score van 549 krijgt 25 procent van de leerlingen met laagopgeleide ouders niet het vertrouwen van de leraar dat hij of zij het vwo aankan. Leerlingen met laagopgeleide ouders hebben hier vijf keer meer kans om een lager advies te krijgen dan leerlingen van wie de ouders een academische opleiding hebben.”

“Ook stedelijkheid speelt een rol - Regionaal zijn er grote verschillen in advisering. Aan de ene kant zijn er regio’s die vaker relatief hoog adviseren (bij gelijke leerling-prestaties). Enkele voorbeelden hiervan zijn de regio's Haarlem, de Zaanstreek, Groot-Amsterdam, Delft en het Westland. Regio’s waarin juist vaker lagere adviezen worden gegeven ten opzichte van de toetsuitslagen zijn Oost-Groningen, Noord-Limburg, Delfzijl en omgeving en Zuidoost-Drenthe. Stad of dorp maakt ook veel uit voor de advisering (ten opzichte van toetsuitslagen). Leerlingen in stedelijke regio’s hebben meer kans op een hoger advies ten opzichte van de CET-score, en minder kans op een lager advies. De invloed van stedelijkheid op het advies is sinds 2014 sterker geworden.”

“Zeker 20 procent van de leerlingen met een score die overeenkomt met een advies voor vmbo-g/t zit in een havo/vwo-brugklas. Dit zijn vaker leerlingen met hoogopgeleide ouders.”

“Meer variatie in niveau klassen voortgezet onderwijs - De leerprestaties zijn de afgelopen twee jaar minder bepalend geworden voor het advies en de plaatsing in leerjaar 1. Dit heeft twee consequenties:
• Leerlingen met hoogopgeleide ouders en lage toetsscores komen vaker op havo- en vwo-niveau terecht door het relatief ‘hoge’ basisschooladvies en hun keuze voor een bepaald type school of brugklas.
• Leerlingen met laagopgeleide ouders en hoge toetsscores komen vaker op lagere onderwijsniveaus terecht door het relatief ‘lage’ advies en hun keuze voor een bepaald type school of brugklas.
Voor de scholen voor voortgezet onderwijs betekent dit dat er steeds meer spreiding is in niveau van de leerlingen in de klas. De niveauverschillen binnen klassen worden met de jaren groter. In de sterk verstedelijkte gebieden is de spreiding sterker toegenomen dan in de niet-stedelijke gebieden.“

“Soort brugklas sterk bepalend voor wisselingen onderbouw- De op- en afstroom in de onderbouw hangt sterk samen met het soort brugklas waarin een leerling zit. Hierboven zagen we al dat hoog presterende leerlingen met academisch geschoolde ouders vaker in homogene vwo-brugklassen zit en hoog presterende leerlingen zonder academisch geschoolde ouders vaker in een havo/vwo-brugklas. Dit kan gevolgen hebben voor het niveau waarop zij de lesstof krijgen aangeboden. De leerlingen uit de vwo-brugklas zit en in leerjaar 3 vaker op het vwo dan de leerlingen uit de havo/vwo-brugklas. Dit verschil is te zien in de figuur rechtsonder op pagina 23. Eenzelfde patroon zien we bij vmbo-t/havo-brugklassen. In alle gevallen is de keuze voor type brugklassen selectief en vergroot deze keuze de verschillen tussen leerlingen met laagopgeleide en leerlingen met hoogopgeleide ouders.”

“Gevolgen voor niveau derde leerjaar - De opstroom en afstroom in de onderbouw hangt sterk samen met de samenstelling van de brugklas. Bijvoorbeeld, leerlingen met een vergelijkbare toetsscore die in een vwo-klas terechtkomen en niet in een brede brugklas, hebben gemiddeld een twee keer zo hoge kans om in het derde leerjaar nog steeds op het vwo te zitten. Dezelfde samenhang is te zien bij leerlingen die in een vmbo-t/ havo-brugklas of in een havo-brugklas terechtkomen. Voor alle leerlingen geldt dat hogere plaatsing leidt tot een grotere kans om een hoger niveau te halen.”

Op- en afstroom i.r.t. onder en overadvisering

“Meer wisseling bij discrepantie advies/toets - Leerlingen met een advies voor een relatief hoog of juist laag niveau (vergeleken met de toetsresultaten) wisselen opvallend vaker. Zoals verwacht stromen leerlingen vaker door naar een hoger niveau (opstroom) wanneer ze een advies hebben dat lager is dan we op basis van hun eindtoetsscore zouden verwachten. En leerlingen stromen vaker af naar een lager niveau indien ze een hoger advies hebben dan we op basis van hun toetsresultaten zouden verwachten. In beide groepen wisselen leerlingen veel vaker dan bij de groep leerlingen waar het advies past bij de resultaten van de toets. Van de leerlingen bij wie advies en toets overeenkomen, stroomt slechts een paar procent op en een paar procent af. Van de leerlingen met een relatief laag of relatief hoog advies blijft slechts een paar procent op het niveau waarop ze zijn begonnen. In deze groep wisselen de meeste leerlingen van niveau. Wanneer ze een advies voor een relatief laag niveau hebben gekregen, stromen ze vaker op. Maar opvallend genoeg ook veel vaker af. En wanneer ze een advies voor een relatief hoog niveau hebben gekregen stromen ze vaker af, maar opvallend genoeg ook vaker op. Leerlingen waar advies en toetsresultaat uit elkaar liggen, wisselen dus vaker in de onderbouw van niveau.”

Anno Niem

Anno Niem

25-03-2018 om 13:05

bevolkingssamenstelling

De vraag is of het toenemende aantal hoge basisschooladviezen (lijkt mij een betere term dan 'overadvisering', misschien halen de kinderen het niveau wel gewoon!) niet te maken heeft met het grotere aantal yuppen gezinnen dat in de stad in komen/blijven wonen. Amsterdam was vroeger een rode/arbeidersstad (PvdA) en nu de stad van Groen Links/D66/VVD, de stad van de hoogopgeleiden. Ik kan me zo voorstellen dat daar een verband ligt. Dat de kinderen gemiddeld genomen ook iets intelligenter zijn.

Neemt niet weg dat dit niet exemplarisch voor heel Nederland is en daarom niet als leidend moet worden beschouwd.

Anno Niem

Ja, dat verband is er, zie o.a. wat de onderwijsinspectie schrijft over verschil in adviseren tussen kinderen van hoogopgeleiden en laag opgeleiden met gelijke prestaties.

En ja, de bevolkingssamenstelling van een stad als Amsterdam verandert en dat heeft ook consequenties. Groei maar ook krimp in een regio heeft flinke invloed op de bevolkingssamenstelling.

Maar nee, er is dus niet altijd een logisch verband tussen het vermogen dat een kind heeft en het advies. De kinderen van hoog opgeleide ouders worden hoger geadviseerd dan de CET rechtvaardigt en kinderen van laagopgeleide ouders worden lager geadviseerd dan de CET rechtvaardigt. Een verschil in uitkomst dus tussen kinderen met dezelfde CET.

Naast de regio groot Amsterdam worden nog 4 andere grootstedelijke (groei) regio’s genoemd waar relatief hoog geadviseerd wordt. En: 4 landelijke (krimp) regio’s waar juist relatief laag wordt geadviseerd bij gelijke leerling prestaties. De invloed van stedelijkheid is sinds het vervallen van de CET als 2e objectieve gegeven sterker geworden concludeert de onderwijsinspectie.

In zowel stedelijke regio’s als in landelijke regio’s leidt het samen laten komen van het basisschool advies en de CET tot eerlijker kansen. Ook in stedelijke gebieden hebben kinderen van laag opgeleide ouders 5x meer kans op een lager advies bij gelijke prestaties. De kern van onderwijs is kansen bieden, en niet kansen ontnemen.

Triva

Triva

25-03-2018 om 17:55

Bermbrand

'Ook in stedelijke gebieden hebben kinderen van laag opgeleide ouders 5x meer kans op een lager advies bij gelijke prestaties. De kern van onderwijs is kansen bieden, en niet kansen ontnemen.'

Het is zo simpel op te lossen: vraag niet naar opleidingsniveau/werk van de ouders. https://onderwijs.cnvconnectief.nl/fileadmin/user_upload/PDF/CNVS_-_Beleidsdocument_-_Gewichtenregeling_basisonderwijs__aug_2016__01.pdf je krijgt niet zomaar extra geld, de eisen zijn hoog en gaat ook over de combinatie van ouders. Vraag ouders alleen op te geven als ze aan die eisen voldoen maar nee we vragen ze gewoon alles, snel noteren en later gebruiken.

Opleidingsniveau van de ouders

Na een kind 8 jaar op school gehad te hebben kan de school het opleidingsniveau van de ouders inmiddels wel zo'n beetje inschatten lijkt me. En zullen ze hun (voor)oordelen bewust of onbewust laten meewegen in hun advies.

skik

Reageer op dit bericht

Als je wilt reageren moet je eerst inloggen of je aanmelden.

Aanmelden